‘Wie niet afwast moet een kratje bier kopen’

Spitsuur Studenten Alex Vermeulen (20), Raoul Schyns (20) en Janneman van der Putte (21) wonen in het centrum van Amsterdam. Alex en Raoul hebben ook eigen bedrijfjes. „Zeker drie keer per week eten we samen.”

Raoul (rechts): „Als we allebei druk zijn gaan Alex en ik tegenover elkaar zitten aan de keukentafel. Dan zeggen we tegen elkaar: ‘En nu even een paar uur knallen.’” Alex (links): „Nu heb ik een eigen kantoortje, waar ik klanten kan ontvangen maar tot voor kort sprak ik altijd af in de lounge van hotels om een beetje professionaliteit uit te stralen.” (Janneman van der Putte staat niet op de foto.) Foto Christian van der Kooy

Janneman: „Ik ben best wel brak. Gisteravond zijn we naar De Kleine Cooldown geweest aan het Rembrandtplein. Nog steeds een recept voor een klasse avondje. Ik weet er alleen weinig meer van.”

Alex: „Ik heb wat minder gedronken. Moest vandaag nog een beetje werken.”

Raoul: „We zijn ieder om andere redenen bewust nog geen lid geworden dit jaar.”

Janneman: „Ik ben doorgestroomd vanuit het mbo. Dit jaar wil ik in één keer mijn propedeuse halen.”

Raoul: „In de periode dat ik me in wilde schrijven bij het ASC [Amsterdamsch Studenten Corps, red.] ging het juist heel goed met mijn bedrijfje. Waarom zou ik dan veel energie steken in iets nieuws? Daarin herkende ik veel van Alex.”

Alex: „Twee jaar geleden, net klaar met de havo, wilde ik niet meteen studeren. Via mijn moeder leerde ik een man kennen die alles van online marketing wist. Een maand later belde hij dat hij een nieuw bedrijf was gestart, een soort Airbnb voor boten. Hij vroeg of ik hun social media wilde fiksen. Down, dacht ik. Ik ben technisch ingesteld en het hele patroon van wat wel en niet werkt op social media vond ik interessant.”

Raoul: „Eigenlijk heb je het algoritme van Instagram gekraakt.”

Alex: „Ja, maar wel op legale wijze. Ik vroeg de oprichters van grote Instagram-accounts of ze mij strategieën wilden leren tegen betaling. De truc was uiteindelijk om een foto van een jacht op Instagram te zetten en de grootste ‘luxury accounts’ te vragen om er binnen tien minuten op te reageren. We kregen honderdduizend likes op die ene foto en we hebben drie miljoen mensen bereikt. Ineens kreeg ik allemaal belletjes: ‘Yo, kan je dit ook voor mij doen?’”

Toeristenstroom

Janneman: „Ik wil later ook wel een eigen bedrijf, iets in de techniek. Maar eerst wil ik een paar jaar werkervaring.”

Raoul: „Ik heb een eenmanszaak. Daarmee verhuur ik mezelf aan bedrijven die acquisitie willen doen voor evenementen in de tandheelkunde of zelf congressen willen organiseren. Dan kan je denken aan organisaties die zichzelf in de kijker willen spelen bij tandartsen, zoals verkopers. Vorig jaar deed ik een bestuursjaar en zo ben ik erin gerold.”

Alex: „Afgelopen maanden ben ik bezig geweest met het opzetten van een structuur voor aandeelhouders. Toen heb ik de stufi even aangehouden, maar eigenlijk heb ik het nu niet meer nodig. Ik heb niet al teveel kosten. Wat ik overhoud, stop ik terug in het bedrijf. Ik heb grote dj’s gedaan, rappers, grote festivalorganisaties, kledingbedrijven en heel veel influencers - van die meisjes die groot willen worden op Instagram. Op mijn eigen pagina heb ik al drie jaar niet meer gepost. Ik heb zelf maar iets van zeshonderd volgers.”

Janneman: „Haha, dat is het leukste van het hele verhaal.”

Raoul: „Janneman en ik wonen nu bijna anderhalf jaar in dit huis.”

Alex: „Ik vier maanden. Ik ken Janneman door een van mijn beste maten. Onze ouders waren via via bevriend.”

Raoul: ,,Zonder Alex gesproken te hebben, zeiden we blind: ‘Doen.’ En als jij op dag één de borg kan betalen, dat is wel makkelijk.”

Alex: „We wonen naast de grootste coffeeshop van de wereld, Prix d’Ami, met vijfhonderd zitplekken. Ik ben zelf geen smoker, dus dat is dan wel irritant.”

Raoul: „We zijn nog jong, dus van het geluid hebben we niet echt last.”

Janneman: „Tussen vier en acht gaan alle toeristen halen, het is echt een toeristending.”

Alex: „Als ik de deur uit loop en naar het station wil, word ik wel gek.”

Raoul: „’s Ochtends raak ik ook echt geïrriteerd. Heb je haast, kom je in zo’n slome toeristenstroom terecht. Het is mijn straat, ga weg!”

Alex: „Als Janneman en ik onze ramen open laten staan, ruikt aan het eind van de dag de hele kamer naar wiet.”

Afwassen

Janneman: „Ik zit de hele dag alleen maar aan mijn studie. Mijn college begint om tien voor half elf en ik ga elke dag naar de UB [Universiteitsbibliotheek, red.].”

Raoul: „Echt goed van je. Een week voor een tentamen sluit ik mezelf wel op, dan ga ik blokken, gewoon boven in mijn kamer. Ik ben niet zo van de UB.”

Janneman: „Ik ga naar die bij Letteren of de centrale bieb.”

Raoul: „Als we allebei druk zijn gaan Alex en ik tegenover elkaar zitten aan de keukentafel. Dan zeggen we tegen elkaar: ‘En nu even een paar uur knallen.’”

Alex: „Nu heb ik een eigen kantoortje, waar ik klanten kan ontvangen maar tot voor kort sprak ik altijd af in de lounge van hotels om een beetje professionaliteit uit te stralen.”

Raoul: „Ik doe meetings meestal op de faculteit of ik vraag of ik een keer een kijkje mag komen nemen in de keuken. Meestal vinden bedrijven dat leuk.”

Janneman: „Zeker drie keer per week eten we samen. Ik kook.”

Raoul: „Janneman kookt serieus echt heel goed.”

Janneman: „Mijn ambitie is huisman, dus ik wil wel lekker kunnen koken.”

Alex: „Haha, lekker, pik.”

Janneman: „Bami is mijn specialiteit. Mijn vader is Indisch, die heeft het me geleerd. De anderen doen de afwas.”

Alex: „We hebben geen vaatwasser dus we doen alles met de hand. Maar we hebben nu wel een goed systeem bedacht: alles wat je vies maakt, moet je afwassen voor je naar bed gaat. Laat je het staan, dan krijg je een streepje.”

Janneman: „Bij drie streepjes moet je een kratje bier kopen.”

    • Rolinde Hoorntje