Opinie

    • Tom-Jan Meeus

Rutte, de Russische spionnen en de dubieuze mores van het grootbedrijf

Deze week: Russische hackers en Haags dividendleed.

Ofwel: hoe het bedrijfsleven het antipolitieke sentiment in de kaart speelt.

Als je politici met hun vingers tussen de deur wilde zien hoefde je deze week niet lang te zoeken. We hadden Rutte met Unilever en de dividendmaatregel – één keer trek je de conclusie.

We hadden Wilders, Baudet en hun mildheid, de laatste tijd, voor Rusland – het land dat de eigen hackende spionnen in de openbaarheid gebracht zag.

In beide kwesties zat ook een andere werkelijkheid verborgen: ze versterken allebei het antipolitieke en antiliberale sentiment.

Ga maar na. Beursgenoteerde ondernemingen en hun aandeelhouders voelen zich blijkbaar zo onaantastbaar dat ze, als dat zo uitkomt, ook een premier, die voor ze opkwam, en een heel land, dat honderden miljoenen voor ze zou betalen, achteloos ter zijde schuiven.

En de Russische staat blijkt ongegeneerd bereid de vrijheid en mondiale verbondenheid in het internettijdperk, product van de globalisering, te misbruiken voor diefstal, bedrog en misleiding.

De liberale overwinning, we weten het, is ruim te vroeg afgekondigd. Maar dit was wel heel veel terugslag voor één week – zeker als je zag ook hoe bedremmeld D66 vooruitkeek op het eigen partijcongres.

En de echte pijn zat bij Rutte, die op beide dossiers – maar ik vrees vooral Rusland – loodzware beslissingen te wachten staan.

Eén partijleider zei vrijdag dat hij zijn hart vasthield voor de premier, en dat begreep ik wel.

Het was ook een krankzinnige week. Donderdag was ineens de Hollandse onderafdeling van de deep state live op televisie.

Onno Eichelsheim, de baas van de militaire inlichtingendienst MIVD, maakte op mij een betrouwbare indruk, maar ik geef toe: ik ben Leon de Winter niet. De schrijver liet zijn capslock aanstaan en gooide het eruit: WAAROM WORDT DEZE ACTIE UIT APRIL NU MET ZOVEEL TAMTAM BEKEND GEMAAKT?

Dit laatste hield, begreep ik, verband met het feit dat de vier in Den Haag betrapte Russen in de VS werden aangeklaagd.

Maar je had veel meer wantrouwende stemmen, en het interessante daaraan is: waar rechts (ook liberaal rechts) in de Koude Oorlog argwanend was tegen de Russen, wantrouwt rechts nu de eigen overheid.

De PVV had het eerder in de week over AIVD66. Ik vermoed dat dit humor was.

Op de andere flank is het wereldbeeld evengoed gekanteld: terwijl links (ook liberaal links) in de Koude Oorlog detente met de Russen zocht, overheerst nu het wantrouwen tegen Poetin.

Het verklaart misschien dat vooral politici rechts van de VVD, Wilders en Baudet, hun hart voor de Russen hebben geopend. In 2016 noemde Baudet de „NAVO-agressie tegen Rusland werkelijk stuitend”. In de zomer zei hij op BNR dat Nederland de relatie met Rusland moet verbeteren, ondanks de annexatie van de Krim.

Wilders droeg dit voorjaar in Moskou een Russisch-Nederlandse vriendschapsspeld. Eind 2017 legde hij Elsevier uit dat hij „tegenwicht [wil] bieden tegen de hysterische russofobie die hier en daar heerst”.

Maar intussen, dat is het bizarre, hebben Haagse bestuurders en hoge ambtenaren al vele jaren te maken met steeds nieuwe Russische cyberaanvallen.

Ik schreef er een kleine twee jaar terug een stuk over op deze pagina, en citeerde onder meer Wim Geerts. Hij is secretaris-generaal van Defensie (de ambtelijke baas van Eichelsheim), en ik vroeg of onze overheden en partijen getroffen kunnen worden door hacks zoals bij de Amerikaanse verkiezingen.

„Dat is goed voorstelbaar”, zei Geerts.

En Tjibbe Joustra van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) vertelde over Russische hackpogingen die zijn mensen meemaakten inzake het MH17-onderzoek – ook hij waarschuwde voor lichtzinnigheid.

Toch slaagde zelfs het nieuwe kabinet er niet in de publieke opinie te overtuigen. Russische hacks, manipulaties, nepnieuws – waar dan?

En toen Buitenlandse Zaken voor de zomer een schadevorderingsprocedure tegen Rusland begon inzake MH17, stemden Wilders en Baudet in de Kamer tegen een motie waarin werd vastgesteld dat de raket die MH17 neerhaalde „onomstotelijk” afkomstig was van Rusland.

Het gaf typerend genoeg amper rumoer, maar het verzwakte uiteindelijk wel de onderhandelingspositie van het kabinet tegen de Russen. Toevallig hoorde ik dinsdag van een betrokkene dat ook de schadevorderingsprocedure op niets dreigt uit te lopen: de Russen reageren niet eens.

Zo staan parlementariërs nu zo wantrouwend tegenover de eigen overheid dat ze met hun stem in de Kamer het Nederlandse belang (vooral van nabestaanden) ondermijnden ten gunste van de Russen. En ze worden er nauwelijks op aangesproken.

Dus het was een spektakel om donderdag alle bewijsstukken open en bloot gepresenteerd te zien – en het zou me niets verbazen als dit een keerpunt is: de Russische manipulatiepogingen zijn nu voor het hele land aangetoond.

Maar in de inlichtingenwereld weten ze ook dat dit een hoge prijs heeft: de Russische represaillepogingen zullen niet mals zijn.

Bestuurders en topambtenaren zijn al voorbereid op agressievere Russische hackpogingen, begreep ik, maar eventueel ook op economische dreigementen, bijvoorbeeld voor Shell in Rusland.

Daarbij houdt men ook rekening met persoonsgerichte beschadigingsacties op bekende functionarissen – zoals Rutte. Met andere woorden: door de openbaarmaking van de Russische spionageactie escaleerde Nederland deze week het conflict met de Russen, met alle gevaren van dien.

Zo wordt de vrije wereld steeds kleiner.

En de tragiek is: dezelfde vrije wereld helpt daar intussen ook zelf aan mee. De invloed van het geld is zo groot geworden dat vooral de grote ondernemingen de politiek en de democratie beginnen te gebruiken als hun afvalbak.

We hebben het al jaren over nationalistische populisten – maar bankiers en bestuursvoorzitters kunnen er ook wat van.

Want nog voordat het dividenddrama vrijdag in zijn voorspelbare laatste fase kwam, had je ING-commissaris Breukink die zich in Het Financieele Dagblad en NRC beklaagde over de kritiek van politici op de bank, die recentelijk een megaschikking met justitie sloot wegens faciliteren van witwassen. Hem griefde vooral de toonhoogte. „Waarom het probleem groter maken?”

Lees ook het interview met ING-commissaris Breukink: ‘Politici moeten hun toon matigen’

Slachtofferschap en antipolitiek in de hoogste kringen – hoe onthullend.

En vrijdagmorgen zag je een zelfde sentiment bij Unilever-topman Polman, toen hij toelichtte waarom het bedrijf afzag van de vestiging van zijn hoofdkantoor in Rotterdam.

Het land stond op het punt honderden miljoenen in te leveren voor het bedrijf, de premier verzwakte een jaar zijn politieke gezag voor het bedrijf, en nu het bedrijf liet weten dat al die inspanningen voor niets waren geweest, wilde Polman nog wel kwijt hoe dat kwam: het lag aan de politiek. Wat een gotspe.

Het is natuurlijk mogelijk dat die hele globalisering pure zelfoverschatting zal blijken te zijn.

Dat het grenzenloze internet een te grote kans geeft aan bedrog en misleiding door staten.

Dat het grenzenloze bedrijfsleven ondernemingen creëert die te groot zijn om nog achting voor de politiek en de democratie op te brengen.

En je kunt dat Rutte, of enige andere politicus, allemaal verwijten. Maar vooral het bedrijfsleven zou zich mogen realiseren wat het hier doet: het stimuleert populistisch en antipolitiek sentiment. En het verkleint zo, uiteindelijk, ook de eigen wereld.

    • Tom-Jan Meeus