Hard voor industrie, zacht voor burger

Klimaatakkoord

Voor minister Wiebes is draagvlak van de burger cruciaal om de klimaatdoelen te halen. Dus rustig aan met de belasting op gas.

Scholieren vragen met spijbelstaking in Den Haag aandacht voor klimaat. Foto Bart Maat/ANP

Voorzichtig zijn met „het broze draagvlak” bij de burger. Dat is het motto van minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) rond de verduurzaming van Nederland. In de kabinetsreactie op de klimaatvoorstellen uit de polder klonk Wiebes vrijdagmiddag streng voor de industrie en uiterst behoedzaam richting de burger.

Zo hoeft de industrie de komende jaren bij de reductie van CO2-uitstoot niet te rekenen op flinke subsidie. Bedrijven hadden om jaarlijkse steun van 0,5 tot 1 miljard euro gevraagd. En als de industrie haar uitstoot van broeikasgassen niet snel genoeg terugdringt, wil de minister een extra CO2-heffing als stok achter de deur.

Burgers daarentegen worden niet op korte termijn geconfronteerd met een veel hogere gasbelasting of gedwongen verduurzaming van eigen woningen. Wiebes wilde ook niet zeggen dat vervuilende auto’s zwaarder belast zullen worden. In het regeerakkoord sloten VVD, CDA, D66 en ChristenUnie al uit dat ze een kilometerheffing, ook wel bekend als rekeningrijden, zullen invoeren.

Bij elkaar kosten de voorgestelde klimaatmaatregelen miljarden en politici zijn bang dat de rekening vooral bij burgers terechtkomt en niet voor iedereen te betalen is. Om kiezers – en politieke partijen – mee te krijgen is het nodig om de industrie haar aandeel te laten leveren. Al beseft Wiebes ook dat hogere productiekosten weer aan burgers zullen worden doorberekend.

Vijf ‘klimaattafels’ presenteerden in juli hun voorstellen. Lees ook: Deze voorstellen moeten de CO2-uitstoot halveren

In een toelichting zei Wiebes dat nu „het fluitsignaal voor de tweede helft” heeft geklonken. Voor de streefdatum van 1 december moeten industrie, overheid en belangengroepen hun eerder dit jaar gedane voorstellen concreet maken. „Dan gaat het om normeringen, subsidies, stokken achter de deur en dat ligt dichter tegen de overheid aan”, aldus Wiebes over de regie die hij daarbij zal nemen. Doel is door middel van een klimaatakkoord de CO2-uitstoot in 2030 te halveren.

Het kabinet heeft via het instellen van vijf zogeheten klimaattafels de polder ingeschakeld om tot een akkoord te komen. De tafels – industrie, elektriciteitssector, landbouw, mobiliteit en gebouwde omgeving – kwamen afgelopen maand tot een reeks voorstellen. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving kunnen de voorstellen voldoende zijn. Nu geeft het kabinet per tafel aan hoe de doelen bereikt kunnen worden.

Over de afgewezen subsidie voor de industrie zei Wiebes: „Dat zit er gewoon niet in, we gaan geen ongedekte cheques uitschrijven”. Ander slecht nieuws voor de industrie is het in stand houden van een minimumprijs voor CO2 voor de elektriciteitssector die in 2020 wordt ingevoerd. Op die maatregel was veel kritiek omdat eenzijdige invoering slecht zou zijn voor de internationale concurrentiepositie van Nederland. Het kabinet houdt wel oog voor risico’s „voor de leveringszekerheid” van stroom.

Om het broze draagvlak heel te houden moet vooralsnog de portemonnee van de burger ontzien worden. Zo vindt Wiebes het voorstel van de tafel ‘gebouwde omgeving’ – de acht miljoen huishoudens – om gas veel zwaarder te belasten, met 20 cent per kubieke meter, te ver gaan. Het kabinet verhoogt de belasting op gas nu al (en verlaagt die op stroom in mindere mate) en Wiebes gaat kijken in hoeverre een extra verhoging wenselijk is. Duurder gas zou mensen eerder moeten aanzetten tot alternatieven voor koken en verwarmen. Hij verzet zich ook tegen de verplichting om huizen duurzamer te maken, zoals de tafel had voorgesteld. „Het moet geen straf worden voor mensen die geen alternatief hebben.”

Wiebes suste vrijdagmiddag de speculatie over onenigheid binnen de coalitie wat betreft de klimaatmaatregelen. „Het was helemaal niet zo moeilijk, het was alleen veel”, zei hij over de tijd die hij heeft genomen om te reageren op de voorstellen van de ‘klimaattafels’ en de analyse van de planbureau. Tijdens gesprekken tussen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie was volgens hem geen sprake van „hoge toonhoogtes of strubbelingen”.

Buiten het besloten overleg nam de toonhoogte de afgelopen maanden wel toe. In Elsevier noemde CDA-leider Sybrand Buma „praten over duurzaamheid een groot risico” en vreesde hij voor „een herhaling van 2002, de Pim Fortuyn-revolte”. VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff zei ervoor te waken dat „Nederlanders als een malle al ons geld uitgeven” om aan de klimaatdoelen te voldoen.

Maar volgens Wiebes hingen de fractievoorzitters intern niet aan de rem. „De enige die bij de rem kan, ben ik”, aldus Wiebes. „Ik krijg wel de hele tijd allerlei routeaanwijzingen.”

Opvallend is dat Wiebes benadrukt dat de inzet van het kabinet in Europa nog steeds een reductiedoelstelling is van 55 procent in 2030. Dat is veel ambitieuzer dan de meeste Europese landen willen en dan waarmee de meeste tafels gerekend hebben.

De minister herhaalde vrijdagmiddag dat de kosten van de energietransitie beperkt zijn: in 2030 een half procent van de nationale economie. „Dat is dan één vijfentwintigste van de zorguitgaven.” Tegelijkertijd benadrukte hij dat de kosten op macro-niveau niets zeggen over het gevoel bij de burger. „Als zijn lasten omhoog gaan, heeft de burger geen boodschap aan de kosten op macro-niveau.”

    • Emilie van Outeren
    • Erik van der Walle