Foto Frank Ruiter

‘Voor mij was het perfecte plaatje ook een keurslijf’

Anna van Praag (51) had met haar man en drie dochters een nomadenbestaan. Ze schreef vrolijke blogs over de reizen die ze maakten door Afrika en het Midden-Oosten. Alleen de heimwee ontwortelde haar totaal. „We waren te veel, te vol van onszelf.”

In 2007 vertrok schrijfster Anna van Praag (51) voorgoed uit Nederland. Zij, de „avonturier” met wie ze was getrouwd en hun drie dochters – de jongste was net drie – ruilden hun huis in voor een Landrover Defender. Ze reisden met de auto door Afrika en het Midden-Oosten, slapen deden ze in een tent op het dak. Voor hun inkomen waren ze aan plaats noch land gebonden. Zij had haar baan na de geboorte van hun tweede kind al opgezegd, en was kinderboeken gaan schrijven. Hij, Ilco van der Linde, is de bedenker van Bevrijdingspop en Dance4life, en had naam gemaakt als ‘doener des vaderlands’. Van Praag: „Reizen hadden we altijd gedaan. Waarom zouden we daarmee stoppen nu we een gezin waren?”

„Ons nomadenbestaan leek een droom, de sublimatie van onze grote liefde. We hadden genoeg aan de schoonheid van de wereld, elkaar, en onze kinderen. De buitenwereld kwam niet binnen.” Geen tandarts, geen telefoon, en – helaas – geen zonnebrand. „Daar en toen heb ik mijn huid verwoest.” Ze leefden in eenvoud en goedkoop. „De diesel was het duurst.” Zij onderwees hun dochters, en ’s avonds las zij ze voor met een zaklamp in de auto. „De kinderen deden precies wat je hoopt. Zij braken het ijs met de locals die we onderweg ontmoetten en ze konden eindeloos spelen met niks. En als de kinderen sliepen, zaten Ilco en ik bij het kampvuur vallende sterren te kijken.”

Nooit meer terug naar Nederland

Zij schreef blogs over hun gezinsavontuur, hij maakte foto’s. „We schreeuwden van de daken hoe fantastisch we het hadden.” Maar soms „botsten de blije blogs tegen het leven aan”. De auto ging kapot, ze hadden een aanrijding, een kind kreeg malaria. „Het heeft lang geduurd voor Ilco zich ermee verzoende dat ik ook over de niet-leuke dingen schreef.” Na twee jaar leven in een Landrover waren ze wel weer toe aan in een huis wonen. „Ilco wilde nooit meer terug naar Nederland, ik wist het nog niet zo zeker.” Hun bestemming diende zich als vanzelf aan. „We reden door Spanje, en daar, in Andalusië, op een berg, zagen we ons droomhuis.” Een boerderij met olijfboomgaard, patio en zwembad. „We hebben het heel impulsief gekocht.” Het was juni. Vrienden, familie, iedereen kwam klussen. „Ik maakte pannen vol paella, we aten met z’n allen aan houten tafels in de tuin. Het was één lange, zonovergoten vakantie.”

Maar toen werd het herfst. „Ons huis lag aan de allerlaatste halte van de schoolbus. De kinderen werden ’s ochtends vroeg opgehaald, en aan het eind van de dag weer thuisgebracht. Ilco had een nieuw, internationaal project verzonnen en reisde de wereld over. Daar zat ik, in the middle of nowhere. De droom voor elke schrijver, zou je denken, een prachtig bestaan. Maar het dak lekte en het was wel heel koud zonder centrale verwarming. Soms was het zo stil in huis dat ik mijn bloed hoorde ruisen. Internet werd mijn lifeline, maar als het regende werkte het niet. Hysterisch werd ik dan. Alsof ik in een doodskist zat met de deksel dicht.” Ergens zat er een barst in haar droombestaan. „Maar ik wilde het niet weten. Kom op, zei ik tegen mezelf, dit is nou inburgeren. Dus keek ik Spaanse tv, at op Spaanse tijden en dronk kopjes koffie met de plattelandsvrouwen die nooit verder dan Spanje waren geweest.”

‘De kinderen wilden in Spanje blijven, hij wilde naar Brazilië, ik naar Nederland’

We zitten in een restaurant in Amsterdam, haar oudste dochter Bloem (21) werkt er in de bediening. Ze brengt een houten plank met brood en tapenades. In dit restaurant presenteerde Anna van Praag ook haar laatste boek, haar twintigste alweer. Hoe groot is de liefde is een boek voor young adults, het gaat over een eerstejaarsstudente die verliefd wordt op een jongen die ook van een ander meisje houdt. Hun gelukkige driehoeksverhouding eindigt in drama en verdriet. „Ik weet nog precies hoe het is om 15,16, 17 te zijn. Op die leeftijd is alles groot, alles voor het eerst. De eerste echte, grote verliefdheid. Fascinerend vind ik dat.”

Uit de sekte geknikkerd

Toen zij 15 was, werden haar ouders net uit de internationale sekteachtige groep „geknikkerd” waar ze tot dan toe deel van uitmaakten. Haar vader was psycholoog, haar moeder psychotherapeute. „De groepsleden deden aan sensitivity en bio-energetica, iedereen was doorlopend bij elkaar in therapie.” Over haar moeder, die zich geen raad wist met die geëxalteerde groepssessies, schreef Anna van Praag het jeugdboek Een heel bijzonder meisje. „Mijn moeder was er doodongelukkig. Te houterig, te geremd, ze kon zich er niet aan overgeven.” En zij? Zij vond het fantastisch. „Er was altijd grote-mensen-drama, feesten, gezamenlijke vakanties.”

In één klap was dat over. „Mijn ouders waren hun werk, hun inkomen, hun vrienden, álles kwijt.” Niet dat Anna van Praag zich toen bekommerde om het lot van haar ouders. „Ik was verliefd.” Ilco was een avonturier van achttien uit de examenklas van het gymnasium. „Een activist met een Palestina-sjaal en protestbuttons op zijn kleren. Hij organiseerde de scholierenstaking tegen de kruisraketten.” Hij was haar eerste, grote liefde en ze was vanaf de eerste zoen „non-stop met hem samen”. Met hem was alles groots en spectaculair, zegt ze. Ze werkten om te reizen. „Daar ging al ons geld aan op. Nederland was te klein voor ons, wij waren wereldburgers.”

Tranen in het vliegtuig

In hun Spaanse cortijo voelde ze zich na zes jaar nog als „Rapunzel in een toren”. „Ik vond Amsterdam altijd te vol, te veel, te veel gedoe. Maar nu ik echt helemaal weg was, miste ik de cultuur, de mensen, het uitgaan. Mijn wortels liggen in die stad, al sinds de zeventiende eeuw, toen mijn joodse familie er kwam wonen.” Heimwee, zegt ze, ontwortelt je totaal. „Ilco is een fikser. Hij lost problemen graag op. Dus hij moedigde me aan wat vaker naar Nederland te gaan, en hij gaf me z’n creditcard mee. En dan ging ik. Maar in het vliegtuig terug naar Spanje stroomden de tranen alweer over m’n wangen.” Niet dat iets van haar onvrede te lezen viel in haar goedgelezen blogs, die ze nog altijd bijhield. „Achteraf begrijp ik best dat vrienden soms moeite hadden met ons ‘kijk-hoe-bijzonder-we-zijn’. We waren te veel, te vol van onszelf en iedereen mocht deelgenoot zijn van ons romantisch avontuur. Voor mij was het perfecte plaatje ook een keurslijf, alleen besefte ik dat nog niet.”

De „zeepbel” spatte toen Ilco een leuk huisje in Brazilië had gezien. „We moesten snel zijn, want anders was het verkocht. Hij had de tickets ernaartoe al gekocht. Toen werd ik wakker. Ik dacht: ik wil niet nog verder van alles en iedereen af leven. Sterker nog: ik wil terug naar Amsterdam. Ilco was stomverbaasd. Het was hem wel opgevallen dat mijn sparkle verdwenen was, maar we deden toch leuke dingen? Er ontstond een rare patstelling. De kinderen wilden in Spanje blijven, hij wilde naar Brazilië, ik naar Nederland.”

Lees ook het interview met Eke Mannink (50). Ze werd als baby afgestaan. Toen ze als volwassene haar moeder vond, verbrak die na enige tijd opnieuw het contact met haar: ‘Ik voelde me voor de tweede keer weggedaan’

Het werd Nederland. De gemeente Amsterdam schreef een prijsvraag uit voor het leegstaande havenmeesterhuis aan het IJ. „Ilco’s projecten gaan altijd over duurzaamheid, verbinding en wereldverbeteren. Dat kon hij hier allemaal in kwijt. Hij bedacht een plan voor een herberg, het Mandelahuis, met een verzoenkamer waar mensen geschillen bijleggen, trouwen en discussiëren over respect.” Ze wonnen de prijsvraag. „Ilco kon, zonder gezichtsverlies, weer in Nederland komen wonen.” Zeven dagen per week was de herberg open, zij kookte dagelijks tig taarten en 45 daghappen. „Ineens was ik herbergierster.”

‘Mezelf verloren’

„Ik leefde voor onze liefde. Sinds mijn vijftiende heb ik niks zonder hem beleefd. Alle ziektes, begrafenissen, reizen. Ik was hooked. Maar onderweg ben ik mezelf verloren. Ik was veranderd in een huismoeder. Of, om het Ilco-achtig te zeggen, ik was minder avontuurlijk geworden.” Op haar verzoek gingen ze in huwelijkstherapie. „Na een paar sessies zei de therapeut: ‘Ik heb slecht nieuws voor jullie’. Het was volgens hem zo duidelijk als wat dat wij in een enorme crisis zaten.” Ze hadden, zegt zij, jarenlang met iedereen gecommuniceerd over hun liefde, maar niet met elkaar. „Ilco zag het probleem niet. We hadden samen zo veel meegemaakt, we hadden zo veel plannen. Dat klopte ook. Alleen, het waren zijn plannen.”

De grote liefde is na 34 jaar ten einde. „Het mooie plaatje is kapot.” Het laatste boek van Anna van Praag is een „ode aan haar geboortestad”. Ze woont niet meer in het Mandelahuis, maar heeft een huurhuis in Amsterdam en een carrière als schrijfdocent op middelbare scholen. „Ik heb weer ruimte om zelf te groeien.” Hun droomhuis in Spanje is net verkocht. Ze is er, als enige van het gezin, nooit meer terug geweest. Deze zomer ging ze voor het eerst weer op reis. „Tien dagen naar Cornwall, niks bijzonders. Het was de onbezorgdste vakantie sinds heel lang.”

    • Rinskje Koelewijn