Recensie

De Nederlander die het leven redde van meer dan 3.000 Joden

Jodenredder Jan Zwartendijk, Nederlands consul in Litouwen tijdens WOII, heeft nooit geweten hoeveel Joden hij heeft gered. De erkenning als redder van duizenden Joden kwam voor hem te laat.

Jan Zwartendijk met zijn dochter Edith en zoon Jan in Kaunas, 1940 Foto Familiearchief Zwartendijk

De 20ste-eeuwse geschiedenis van Litouwen is ingewikkeld, maar wordt vanaf 1939 ronduit chaotisch. De oude hoofdstad Vilnius wordt dan vooral bevolkt door Polen en Joden, in de omgeving is de voertaal grotendeels Wit-Russisch. De Litouwse regering zetelt op dat moment in Kaunas. Het Molotov-Ribbentroppact tussen Hitler en Stalin en de daaruit volgende annexatie door de Sovjet-Unie maken een eind aan de onafhankelijkheid. De Sovjet-bezetter begint in 1940 met een massale deportatie van Litouwse ‘nationalisten’ naar Siberië. Als Duitsland in 1940 Litouwen dreigt binnen te vallen zien veel inwoners dat als bevrijding. Maar niet allemaal. Litouwen is op dat moment al eeuwenlang een centrum van Joodse cultuur – het land telt ruim 200.000 Joden.

Dit is grofweg de achtergrond van Jan Brokkens De rechtvaardigen. Hoe een Nederlandse consul duizenden Joden redde. Deze consul heet Jan Zwartendijk. Hij is directeur van een verkoopkantoor voor Philips radio’s in Kaunas en wordt temidden van de ook in diplomatiek opzicht chaotische situatie benoemd tot Nederlands consul. Een van zijn consulaire taken is het uitschrijven van reispapieren. Zwartendijk wordt in de zomer van 1940 (Hitler heeft buurland Polen al bezet) benaderd door een bevriend Joods echtpaar met een verzoek om hulp. Ze willen het land uit, maar hoe? Hij krijgt een op het oog bizarre suggestie van de Nederlandse gezant in de Letse hoofdstad Riga: voor Curaçao bestaat geen visumplicht. Hiermee kan Zwartendijk uitreisdocumenten legitimeren.

Zweden is niet ver, maar de Duitsers hebben de zeeweg geblokkeerd. Via Duitsland is geen optie. De lange weg oostwaarts dan? Deze voert door Rusland, en Stalin geeft persoonlijk toestemming. Hij kan de buitenlandse deviezen die de Joden binnenbrengen goed gebruiken. Na Vladivostok komt Japan, een bondgenoot van Hitler. Japan deelt het antisemitisme van de nazi’s echter niet. En de Japanse gezant in Kaunas, Sugihara, is bereid doorreisvisa uit te schrijven. Daarmee ligt voor de Litouwse Joden de weg naar Curaçao open: de trans-Siberische spoorweg. Bizar genoeg zullen ze onderweg als doorsnee toeristen worden behandeld: vakantiegevoel, verse jus bij het ontbijt.

Terwijl de Duitse troepen naderen, ontstaat in Kaunas een visumindustrie. Zwartendijk en Sugihara zijn twintig uur per dag in touw met visaschrijven voor Joodse vluchtelingen.

Brokkens De rechtvaardigen is een monumentale reconstructie van deze vergeten geschiedenis. Ik spreek van ‘monumentaal’ vanwege de grondigheid en breedte van Brokkens arbeid. De geschiedenis van de familie Zwartendijk, het leven van de consul zelf: voor- en nazaten, gezinsleven, psychologie. Van Japans consul Sugihara idem. Voor de afzonderlijke historiën van een aanzienlijk aantal Joodse vluchtelingen geldt hetzelfde. Brokken moet er honderden interviews voor hebben afgenomen. De meeste vluchtelingen komen aanvankelijk in de Japanse havenstad Kobe terecht, velen reizen daarna door naar Shanghai, later naar de VS, Palestina, en elders.

94 procent vermoord

De biografische passages in De rechtvaardigen vertonen regelmatig het karakter van de vie romancée: auteur Brokken als vlieg aan de muur, met een antenne voor gedachten en gevoel. We volgen het onderwerp van dienst als deze niest, op de schouders wordt geklopt of een trap op spurt. Vooral in de eerste honderd pagina’s is dat wennen. Het geeft het verhaal iets wijdlopigs, met een zweem van sentimentaliteit. Op andere plaatsen is Brokken bescheiden en nuchter als reizend journalist aanwezig, soms vergezeld door nog levende getuigen. Hij beschrijft hoe hij rondloopt op historische plekken in Kaunas, Kobe of Shanghai. Brokkens onderzoeksjournalistiek is indrukwekkend, maar met name in de laatste, fascinerende honderdvijftig bladzijden raakt hij in zijn eerherstel van consul Zwartendijk ronduit bevlogen.

Na de oorlog blijkt 94 procent van de Litouwse Joden vermoord. Volgens Brokkens schatting redde het consulaire duo Zwartendijk/Sugihara niet minder dan tienduizend Joden het leven. Voor de Japanse consul kwam de erkenning laat. Yad Vashem wees hem 1984 aan als een der Rechtvaardigen. Sugihara leefde toen nog. Na zijn dood kwam er een boek over zijn heldhaftig optreden, een film volgde. Zwartendijk overleed in 1976.

Hij had rond de 3.000 Curaçao-visa getekend, op sommige kon een familie ontkomen. Dat op die manier zovelen het leven behielden, heeft hij nooit geweten. Tragisch.

Nog tragischer is dat Zwartendijk in 1964 op het ministerie van Buitenlandse Zaken een uitbrander kreeg, omdat hij tijdens de oorlog niet conform de consulaire richtlijnen had gehandeld. Daarom kwam hij niet in aanmerking voor een lintje. Toen Israël hem in 1997 de eretitel Rechtvaardige onder de Volkeren toekende, was hij al 21 jaar dood.

En Curaçao? Reisdoel was het nooit geweest. Maar stel… Op gegeven moment in De rechtvaardigen is er sprake van een groep Litouwse Joden die per boot Amerika had bereikt, maar door de immigratie-autoriteiten werd teruggestuurd. De zittende gouverneur van Curaçao verklaarde desgevraagd: ‘Ik zou precies hetzelfde hebben gedaan.’

Correctie: in een eerdere versie van dit verhaal stond dat Zwartendijk 23 jaar dood was toen hij de eretitel toegekend kreeg, maar dit was 21 jaar. Dit is aangepast.

    • Atte Jongstra