Ouders mogen doodgeboren kind laten registreren

De nieuwe wet is een nadrukkelijke wens van een grote groep ouders van wie het kind dood ter wereld kwam. Zij zien de registratie als een vorm van erkenning.

Het stadskantoor aan het Jaarbeursplein in Utrecht. Foto Robin van Lonkhuisen/ANP

Ouders die dat willen, kunnen een doodgeboren kind voortaan laten registreren in de Basisregistratie Personen (BRP). De Tweede Kamer heeft donderdagmiddag ingestemd met een wetswijzing die dat mogelijk maakt. Ook wordt het mogelijk om met terugwerkende kracht deze kinderen te laten registreren aan de hand van een geboorteakte met vermelding dat het kind doodgeboren is.

De BRP bevat persoonsgegevens van inwoners van Nederland en van personen die het land hebben verlaten. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de eerste groep en leggen vast wanneer iemand trouwt, verhuist en een kind krijgt.

Vorm van erkenning

Het kunnen registreren van doodgeboren kinderen is al jaren een nadrukkelijke wens van een grote groep ouders van wie het kind doodgeboren werd. Tot nog toe was het zo dat zij hun overleden kinderen niet konden aangeven. Zonder registratie hebben zij op papier nooit ‘bestaan’ en blijven ze dus onvermeld in de registers van de burgerlijke stand. Ook komen zij niet in aanmerking voor bijvoorbeeld een uitvaartverzekering.

Veel ouders ervoeren het bovendien als een emotioneel gemis dat zij geen geboorteakte kregen, maar een afwijkende akte. De groep ouders zien de opname van hun kind in het BRP-systeem van de overheid als een vorm van erkenning.

Meerderheid is voorstander

In 2016 kreeg een petitie van voorstanders van de nieuwe wet ruim 80.000 handtekeningen. Oud-ministers Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie, VVD) en Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) zegden destijds na een gesprek met de initiatiefnemers al toe gehoor te zullen geven aan de oproep.

De wet moet alleen nog langs de Eerste Kamer. De verwachting is dat deze ook daar op weinig tegenstand zal stuiten, aangezien uit een eerdere bespreking bleek dat een meerderheid van de partijen voorstander is.

    • Chris Koenis