NRC checkt: ‘Wie voor zijn vierde geen Nederlands spreekt, haalt achterstand nooit meer in’

Dat zei VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff op 20 september tegen Jeroen Pauw.

Foto iStock

De aanleiding

Op 20 september sprak VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff bij Pauw over zijn voorstel voor wijken waar ruim de helft van de bewoners een niet-westerse achtergrond heeft, waar het opleidingsniveau laag is en de werkloosheid en criminaliteit hoog. Dijkhoff wilde dat criminaliteit in die wijken dubbel zo hard bestraft wordt. En dat ouders er verplicht worden hun kinderen Nederlands te laten leren voor ze vier jaar zijn. „Zodra je kunt praten”, zei Dijkhoff. „Als je wacht tot ze vier zijn, dan komen ze op school, [...] dan spreken ze geen Nederlands, dan hebben ze een achterstand die ze de rest van hun leven niet meer inhalen.”

Waar is het op gebaseerd?

Dijkhoffs voorlichter geeft drie bronnen. Het CBS schreef in 2014: „Als thuis geen Nederlands gesproken wordt, staan leerlingen er al aan het einde van het basisonderwijs slechter voor dan gemiddeld.” In 2016 schreef het CBS in het Jaarrapport Integratie dat Turkse en Marokkaanse basisschoolleerlingen meer moeite hebben met de taaltoets dan leerlingen met een Nederlandse achtergrond en dat leerlingen met een niet-westerse achtergrond vaker naar het vmbo gaan. In een adviesrapport van de Onderwijsraad uit 2010 staat: „De ontwikkeling van kinderen op jonge leeftijd is van grote invloed op hun verdere leven. Tussen hun tweede en zesde jaar verwerven kinderen taal- en communicatieve vaardigheden.” Het rapport bepleit „een pedagogisch aanbod voor alle driejarigen”. Allemaal interessant, belangrijk en gerelateerd, maar geen directe onderbouwing voor Dijkhoffs uitspraak.

En, klopt het?

Lopen kinderen die voor hun vierde nog geen Nederlands hebben gesproken een onoverkomelijke achterstand op? Een taalachterstand? Experts weten nog niet wanneer precies de gevoelige periode eindigt waarin kinderen als sponsjes taal leren. Onlangs liet een onderzoek onder honderdduizenden mensen zien dat wie voor zijn of haar 17de voor het eerst met Engels als tweede taal in aanraking komt, prima kan leren beoordelen of Engelse zinnen grammaticaal correct zijn. Maar hóór je dan dat het niet hun moedertaal is (wat tot discriminatie kan leiden)? Dat onderzocht de Zweed Kenneth Hyltenstam. Die mailt desgevraagd dat de meerderheid van de kinderen nog „tot hun late tienertijd” een nieuwe taal kan leren zonder dat iemand later kan horen dat het niet hun moedertaal is. „Een kleine minderheid zal een klein accent houden.” Kinderen die Nederlands als tweede taal leren moeten wel veel en goed Nederlands horen, voegt de Utrechtse hoogleraar Elma Blom toe. „Dan kun je na je vierde native speaker worden.”

Maar, zegt ze ook, als je op school komt en je krijgt les in een taal die je niet volledig beheerst, kún je een achterstand op school krijgen. „Die kans is groter als de ouders zelf een lage opleiding hebben. Ook speelt mee hoeveel ze zich bemoeien met school.” Daarom pleitte Dijkhoff dus voor een voorschoolsysteem.

Hoogleraar Maurice Crul (VU) mailt op verzoek over voorscholen: „Veel onderzoek laat geen verschil zien of een verschil dat later weer uitdooft. Dat komt mede omdat we een gesegregeerd voorschoolsysteem hebben waar migrantenkinderen van laagopgeleide ouders bij elkaar zitten. Grotere verschillen, zo heeft de onderwijsinspectie laten zien, ontstaan bij het schooladvies en de selectie voor het middelbaar onderwijs.”

Conclusie

Wie voor zijn vierde geen Nederlands spreekt, hoeft geen achterstand op te lopen, maar kinderen in de wijken die Dijkhoff bedoelt, hebben het wel moeilijker. We beoordelen zijn uitspraak als grotendeels onwaar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt

    • Ellen de Bruin