Leaseplan gaat naar de beurs

Euronext Huidige aandeelhouders verkopen hun stukken en mogen rekenen op een vet rendement.

Vestiging van CarNext in Breukelen, het dochterbedrijf van LeasePlan dat auto’s na een leaseperiode op de tweedehandsmarkt brengt. Foto Jasper Juinen/Bloomberg

LeasePlan gaat binnenkort naar de beurs. Dat heeft het autoleasebedrijf uit Almere donderdagochtend bekendgemaakt.

De aankondiging komt niet als een verrassing. Bestuursvoorzitter Tex Gunning, de vroegere topman van TNT Express, liet bij de presentatie van de jaarcijfers in februari al weten dat het bedrijf druk was met de voorbereidingen voor een beursgang. Wanneer die precies plaatsvindt, is onduidelijk. Vermoedelijk krijgt LeasePlan ergens in de komende vier tot zes weken een notering aan de Euronext-beurzen van Amsterdam en Brussel.

De autoleasemaatschappij is sinds 2015 in handen van een groep investeerders, waaronder private-equitybedrijf TDR, pensioenbelegger PGGM en zakenbank Goldman Sachs. Toen zij Leaseplan overnamen van Volkswagen was het een „verwaarloosd corporate weeskind”, stelde TDR vast.

Dat is verleden tijd. LeasePlan is de voorbije jaren snel gegroeid en noemt zich tegenwoordig het grootste autoleasebedrijf ter wereld, met 1,8 miljoen auto’s onder beheer in 32 landen en een online marktplaats voor tweedehands auto’s onder de merknaam CarNext.com. Ook voor de Amsterdamse beurs is LeasePlan een grote vis. Gemeten naar omzet (9,4 miljard euro in 2017, winst 532 miljoen) is de beursaspirant bijvoorbeeld slechts een fractie kleiner dan verfconcern AkzoNobel, een AEX-fonds.

Met de beursgang willen de eigenaren van Leaseplan hun bezit te gelde maken. Nieuwe aandelen geeft het bedrijf niet uit, blijkt uit het persbericht.

Over de verwachte waarde doet Leaseplan geen mededelingen. Tegenover persbureau Bloomberg hadden bronnen het over een verwachte beurswaarde van 7,5 miljard euro. Dat zou betekenen dat de huidige aandeelhouders een vet rendement maken: drie jaar geleden betaalden zij 3,7 miljard euro voor LeasePlan.

    • Joris Kooiman