Recensie

Hapjes en dingetjes en het hart op de goede plek

Foto Nick Somers

Braai is een Zuid-Afrikaans gezelschapsspel dat enorm populair is: je komt samen, praat en drinkt wat, terwijl de braaimaster langzaam vlees gaart, rookt en roostert op kolen die ie zelf van hout heeft gebrand. Iets anders dus dan barbecuen, waarbij het vlees in korte tijd wordt geroosterd, de gasten zelf iets op het rooster leggen en meteen opeten.

Het moest er ooit eens van komen dat braai over zou waaien naar Nederland en dat is nu gebeurd. Bij het Vondelpark zit een braai-bar, dezelfde eigenaar heeft een braai-restaurant in de Staatsliedenbuurt en deze zomer kwam er een vestiging bij in de Rivierenbuurt. In een lief pandje met terras waar het de laatste jaren niet echt wilde lukken; de zaak hiervoor verbouwde voor een klein kapitaal en voerde vervolgens naar eigen zeggen ‘een kip-concept’... in een concept kun je niet lekker eten. Daarvoor was het een shoarmazaak en nog langer geleden de ijssalon waar Anne Frank haar ijsjes kocht. Het kan verkeren.

Braai Rivierenbuurt is een modern huwelijk tussen shared dining, hapjes en dingetjes, bovenal een boel hedonistische gezelligheid. Grotere gezelschappen krijgen een indrukwekkende, meterslange plank op tafel met zo’n beetje alle gerechten van de kaart: kleine kippetjes, ribs, maïskolven, worsten van Brandt & Levie, coleslaw, frieten, zoete aardappel en buikspek (22,50 p.p). Wij vrezen ogen die groter zijn dan onze mond en kiezen à la carte: eerst wat biltong (8,-), dan geroosterde poussin (14,-), langzaam (4½ uur) gegaarde varkensribbetjes (10,-), zoete aardappel met geroosterde groenten en couscoussalade (12,-) en als bijgerechten friet met mayonaise (4,-) en Amerikaanse coleslaw (3,5).

Terwijl we wachten op de bediening, het is druk en rommelig, knabbelen we op de biltong, gedroogde reepjes rundvlees. In Zuid-Afrika wordt dit ook gemaakt van springbok en zelfs ezel, maar dat vlees is hier duur en moeilijk te verkrijgen. Conserveren van vlees door het te zouten en drogen is natuurlijk van alle tijden en overal, in Europa kennen we bresaola, viande séchée, gedroogde ham en nagelhout. Later blijkt dat biltong het meest Zuid-Afrikaanse gerecht is, maar na een paar reepjes verveelt het ons wel.

We drinken bier (2,85) en chenin blanc (4,-), droë steen in Zuid-Afrika, uit een picardieglas, lekker informeel; wij hebben liever een wijnglas. De hoofdgerechten komen bij wijze van bord met een klein dienblad met vetvrij papier: de varkensribbetjes, op appelhout gegaard, zijn heerlijk mals, de frieten vers en bruin en de coleslaw knapperig, maar het kippetje is – hoe fijn die rooksmaak ook is – droog, omdat ie te lang op de grill is geweest, zelfs de huisgemaakte peri-peri (Zuid-Afrikaanse piri-piri) kan dit niet goedmaken. Kip bij de braai is trouwens in Zuid-Afrika not done, Braai gaat sowieso vrij om met het begrip ‘Zuid-Afrikaans’, nachochips komen toch echt uit Mexico. Op de website vinden we de disclaimer, want ‘we use braai, barbecue and grilling techniques from all over the world in our dishes’. Oftewel: bij Braai denk je Zuid-Afrikaans, maar het kan van overal komen.

Even is er een misverstand over de bestelde zoete aardappel met couscoussalade. Die aardappel komt (3,50), maar zonder extra’s, dus als bijgerecht. We eten ’m op, lekker met veel verse kruiden, en bestellen gauw nog flatbread met ricotta en geroosterde biet, rucola, walnoten en honing-lemon dressing (13,-), want we willen graag weten of een vegetariër deze vleesjungle overleeft. Dit gerecht roepen we uit tot het beste van de avond, wat licht en fris! We zijn inmiddels ver van Zuid- Afrika afgedreven, maar wat kan het ons schelen. Dan komt de bediening het aardappel-misverstand goedmaken en biedt een toetje aan, maar wij kunnen geen boe of bah meer zeggen en poetsen de plaat.

Braai moet wat vlekjes wegwerken: de bediening is niet strak, de gerechten zijn niet allemaal top, maar het is een zaak met het hart op de goede plek. Om ons heen zit iedereen vrolijk te kwetteren, precies zoals het moet zijn, een warme plek kortom.

Recensent en journalist Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.
    • Petra Possel