Pleisters, coaching of hypnose, wat helpt bij stoppen met roken?

Stoptober 50.000 mensen proberen deze maand tijdens Stoptober te stoppen met roken. Er zijn tal van methoden, van pleisters tot hypnose. Wat werkt echt? En wat echt niet?

Foto Lieke Janssen

Het is Stoptober: de jaarlijkse actie van onder meer KWF Kankerbestrijding en het ministerie van Volksgezondheid om in oktober zoveel mogelijk mensen van de sigaret af te helpen. Nederlanders stoppen en masse 28 dagen met roken, samen met BN’ers Katja Schuurman, Kees van der Spek en Jan Slagter. Althans, dat is het idee.

Via een speciale app krijgen deelnemers aanmoedigingen en tips, op sociale media kunnen ze elkaar moed inspreken. Vijftig rokers laten zich de eerste vijf dagen van de maand opsluiten in een soort Big Brother-huis, zodat andere deelnemers via de livestream kunnen meekijken hoe het hen vergaat.

Stoptober werkt, zeggen de organisatoren: bij de vorige vier edities hield 70 procent van de deelnemers het niet-roken in oktober volgens hen daadwerkelijk vol, en de helft had na drie maanden nog geen sigaret aangeraakt. Vorig jaar deden 45.000 mensen mee, nu hebben circa 50.000 deelnemers zich aangemeld.

Dat is een fractie van het aantal rokers. Uit cijfers van verslavingszorginstelling Jellinek blijkt dat in 2016 bijna eenvijfde van de Nederlandse bevolking dagelijks rookte, en iets meer dan 4 procent – 539.000 mensen vanaf achttien jaar – rookt meer dan twintig sigaretten per dag. Hoewel hulpmiddelen en motivatie om te stoppen overal worden aangeboden – tot aan telefoonnummers van hulplijnen op de pakjes sigaretten – is stoppen niet makkelijk, het is een hardnekkige verslaving. Wie besluit dat hij wil stoppen, komt een veelheid aan methoden tegen. Van nicotinepleisters tot pillen, van praatgroepen tot speciale coaches, van acupunctuur tot hypnose. Wat werkt echt? En wat echt niet?

Smaakdruppels

Rokers zijn vooral verslaafd aan nicotine, dat inwerkt op het centrale zenuwstelsel en zorgt voor een verzadigd, tevreden gevoel. De receptoren in het centrale zenuwstelsel gaan steeds weer vragen om dat verzadigde gevoel. Hoe langer iemand rookt, hoe meer receptoren je ontwikkelt, en hoe meer je lichaam zal schreeuwen om een sigaret als je stopt met roken. „Je bent dan gewoon een junk”, zegt Martin van den Berg, hoogleraar toxicologie aan de Universiteit Utrecht.

Vaatchirurg Joep Teijink behandelt patiënten die jarenlang hebben gerookt. Lees ook: Roken tot je grote teen eraf moet

Veel stoppers grijpen naar nicotine-pleisters, -kauwgom en -pillen, of naar de elektronische sigaret. „Zo’n e-sigaret is inderdaad minder schadelijk dan een gewone sigaret”, zegt Van den Berg. „In een gewone sigaret komen door het verbranden van tabak stoffen vrij die kanker veroorzaken.” Maar een e-sigaret wordt ook verhit, waardoor die verbrandingsproducten vrijgeeft, legt Van den Berg uit, maar in lagere concentratie. „De elektrische sigaret is dus minder kankerverwekkend, maar ook niet helemaal onschuldig.” Sowieso is er nog weinig onderzoek gedaan naar de risico’s van zo’n e-sigaret, zegt hij. „Er worden bijvoorbeeld ook vaak smaakdruppels aan toegevoegd, van watermeloen tot aardbei: wat voor invloed die hebben op je gezondheid, weten we simpelweg nog niet.” Daarnaast blijf je met de e-sigaret gewoon verslaafd aan nicotine en een roker.

Van de eerste sigaret na het opstaan tot die na het avondeten: het zijn allemaal ingesleten cues

De nicotinepleister dan: een betere optie, zegt Van den Berg. Via je huid krijg je alsnog de nicotine binnen die je gewend bent van de sigaret, maar dan zonder de kankerverwekkende stoffen. Alleen: nicotine zelf is ook niet onschuldig. „Het kan allerlei aandoeningen aan hart- een vaatziekten stimuleren”, zegt Van den Berg, „en bij zwangere vrouwen kan het slecht zijn voor de foetus.” Beter is daarom in één keer helemaal stoppen. Maar dat is vaak makkelijker gezegd dan gedaan.

Terugval

De cijfers over stoppen met roken zijn weinig hoopgevend. „Het percentage rokers dat in één keer stopt ligt rond 5 procent”, zegt Marc Willemsen, bijzonder hoogleraar tabaksontmoediging aan Maastricht University en als onderzoeker verbonden aan het Trimbos-instituut – het landelijk kennisinstituut voor verslavingszorg. „Vrijwel iedereen valt terug bij de eerste stoppoging.” Willemsen drukt stoppers daarom vooral op het hart niet te wanhopen als het de eerste keer niet meteen lukt. „Veel mensen denken: zie je wel, ik kan dit niet.” Stoppen is een proces, zegt Willemsen, vaak duurt het jaren voor je helemaal van het roken af bent.

Er zijn wel stopmethoden waarvan de werking wetenschappelijk is bewezen. „Voor de meeste mensen werkt een combinatie van farmaceutica en therapie het best”, zegt Willemsen. Bij de apotheek zijn op recept verschillende medicijnen verkrijgbaar, zoals bupropion en varenicline, die de behoefte aan nicotine verminderen.

Willemsen raadt mensen die willen stoppen vooral aan naar de huisarts te gaan om te bepalen wat voor hen het beste pakket is: wat voor medicijnen, en welke therapie.

Het lastige van een verslaving aan sigaretten is dat die met het afkicken van de nicotine nog niet is opgelost. „Iemand die een pakje per dag rookt, heeft 20 tot 25 momenten in zijn dagelijks leven ingebouwd die hij associeert met een sigaret”, zegt Willemsen. Van de eerste sigaret na het opstaan tot die na het avondeten: het zijn allemaal ingesleten cues om te gaan roken – en juist op dat moment zal iemand die net gestopt is erg zin krijgen. Ook daarom raadt Willemsen sterk aan om hulp te zoeken bij de huisarts: coaching en therapie kan je helpen bij die psychische ontwenningsverschijnselen. „En een groot deel van de begeleiding wordt ook nog vergoed door de verzekering.”

De grootste fout die je kan maken is denken: één sigaretje kan wel

Robert van der Graaf, verslavingsarts

Robert van der Graaf, verslavingsarts bij Verslavingszorg Noord Nederland, merkt dat mensen zich vaak te veel schamen voor hun nicotineverslaving om daadwerkelijk hulp te zoeken. „Rokers worden in onze samenleving toch vooral gezien als vieze, stinkende mensen die kanker krijgen”, zegt Van der Graaf, „en bij die groep wil je natuurlijk niet graag aansluiten.” Volgens hem zou het daarom goed zijn als het „stigma” rond verslaving wordt opgeheven. „Dan durven mensen er sneller over te praten, zullen ze eerder hulp zoeken bij stoppen, en is de kans dat het daadwerkelijk lukt een stuk groter.”

Balletje trappen

Alternatieve stopmethoden, zoals acupunctuur en lasertherapie, zijn niet effectief, zeggen Van der Graaf en Willemsen. „Het is wel zo dat mensen vaak goed met hun acupuncturist kunnen praten”, voegt Willemsen toe, „dus in die zin kan zo iemand een goede steun zijn.” Van der Graaf hoort ook geregeld dat mensen het contact met een alternatieve therapeut prettig vinden. „Het is vaak een zachtere, meer open omgeving dan bij bijvoorbeeld de huisarts.” Maar ook hij kan kort zijn over de effecten van alternatieve stopmethoden. „Die zijn er niet.” En apps die bijhouden hoeveel sigaretten je al niet hebt gerookt – en hoeveel euro je daarmee bespaard hebt – ook die zijn niet bewezen effectief.

Lees ook: Wat roken de samenleving kost

Als je dan eenmaal gestopt bent, zijn er genoeg valkuilen. „De grootste fout die je kan maken is denken: één sigaretje kan wel”, zegt Van der Graaf. „Ik zie ontzettend vaak mensen op die manier terugvallen.”

Ook belangrijk: je omgeving inlichten, zodat collega’s je niet meer aanschieten voor een sigaretje, en vrienden er in jouw bijzijn minder snel eentje opsteken. Van der Graaf raadt aan om te kijken naar de functie die roken in je dagelijks leven vervult. Vind je je rookpauze fijn omdat het een moment voor jezelf is? Maak in plaats daarvan af en toe een wandelingetje. Is roken een gezellig moment met collega’s? Van der Graaf: „Neem een voetbal mee en ga met zijn allen een balletje trappen.”

Mensen die stoppen met roken lopen vooral aan tegen het gevoel dat ze alleen zijn met hun problemen, zegt Van der Graaf. Hun omgeving begrijpt vaak niet waarom ze zo prikkelbaar zijn, of hoe zwaar het is om ’s ochtends na het wakker worden niet hun vertrouwde sigaret te kunnen opsteken. „Daarom is Stoptober een uitkomst”, zegt Van der Graaf. „Via de app kan je met gelijkgestemden praten, vragen wat zij doen als ze er doorheen zitten. Sommigen poetsen hun tanden, anderen gaan hardlopen. Dat soort concrete tips zijn waardevol. Anders moet je alles zelf maar uitvogelen.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

    • Doortje Smithuijsen