NRC checkt: ‘Ruim 80 procent wereldbevolking zat nooit in vliegtuig’

Dit beweerde schrijver Arjen van Veelen in een essay op website De Correspondent.

Foto Durk Talsma

De aanleiding

Eind augustus publiceerde Arjen van Veelen op journalistieke website De Correspondent het artikel ‘Waarom ik een klootzak ben’, een pleidooi om te erkennen dat we met elkaar de planeet om zeep helpen. In dat artikel stond bovenstaande opmerking over het aantal mensen dat nog nooit heeft gevlogen. De impliciete boodschap: vliegen is een luxe, die slechts voor een klein deel van de wereldbevolking is weggelegd. Op 1 september noemde Marcel Baltus (@Baltuscom) op Twitter dat een ‘interessant weetje’. Hij vroeg NRC om een factcheck.

Waar is het op gebaseerd?

Van Veelen noemt zijn bron. In oktober 2016 publiceerde John Mandyck, destijds chef duurzaamheid van technologieconcern UTC, een blog op The Huffington Post (HuffPost): ”Fewer Than 18 Percent Of People Have Flown: What Happens Next?” Mandyck heeft het over „82 procent van de wereld die nog in een vliegtuig moet stappen”, zonder bron voor dat cijfer. Desgevraagd verwijst hij naar UTC, dat refereert aan een rapport over verduurzaming van de luchtvaart uit 2016, mede geschreven door Mandyck.

Een noot in dit document gaat uitgebreid in op de 18 procent-claim. Het getal blijkt een ruwe schatting, bij gebrek aan een exact cijfer. In 2004 had 5 procent van de wereldbevolking (322 miljoen mensen) gevlogen, volgens het Worldwatch Institute. Met een jaarlijkse groei van de mondiale middenklasse tussen 2001 en 2011 van 7 procent komen de auteurs van het rapport op 677 miljoen vliegers in 2015, oftewel 9 procent van de wereldbevolking. Budgetmaatschappijen in Azië groeien de laatste jaren sterk. Dus gokken de schrijvers dat in 2017 het percentage hoger ligt dan 9, maar lager dan 20 procent. Conclusie: 18 procent.

En, klopt het?

De 18 procent-claim gaat over de verdeling van welvaart. Hoe minder vliegers er zijn, des te groter de ongelijkheid. Is het inderdaad een select gezelschap regelmatige vliegtuigpassagiers dat de planeet met CO2 belast? En in welk werelddeel wonen zij?

We weten hoeveel passagiers vorig jaar werden vervoerd door de luchtvaartmaatschappijen die zijn aangesloten bij koepelorganisatie IATA (International Air Transport Association). Dat waren er 4,1 miljard: 7,3 procent meer dan in 2016. De meeste vluchten werden gemaakt in de regio Azië-Pacific: 36,3 procent. Europa volgt met 26,3 procent, Noord-Amerika met 23 procent. Latijns-Amerika, het Midden-Oosten en Afrika hadden aandelen van respectievelijk 7, ruim 5 en ruim 2 procent. Sinds kort houdt IATA ook de nationaliteit van passagiers bij. In 2017 was dit de top-3: 18,6 procent van de passagiers kwam uit de VS, 16,3 procent uit China en 4,7 uit India.

Wat we bovendien weten is dat de middenklassen van India en China sterk zullen groeien en dus ook de luchtvaart. Vliegtuigbouwer Airbus maakt langetermijnprognoses voor de vliegtuigmarkt. Het bedrijf voorziet de komende 20 jaar een groei in het aantal passagiers van 4,4 procent op jaarbasis. Airbus denkt dat in 2037 85 procent van de bevolking in opkomende landen zal vliegen, tegenover 30 procent nu.

Veel cijfers, maar niet het cruciale percentage van ruim 80 procent. Niemand houdt het bij. Op mondiale schaal weten we niet wie de passagiers zijn en hoe vaak ze vliegen. Een woordvoerder van ICAO, de VN-organisatie van de luchtvaart: „Privacy maakt die registratie onmogelijk. Maar als je het juiste cijfer achterhaalt hoor ik het graag.” Milieuorganisatie Transport & Environment denkt dat slechts rond 5 procent van de wereldbevolking heeft gevlogen, omdat China en India nog niet massaal aan het vliegen zijn. „Onzin”, zegt een woordvoerder van ATAG, de brancheorganisatie die de luchtvaart duurzaam wil laten groeien. „Dat is een cijfer uit de jaren 70. Ik denk dat 18 procent inmiddels aan de lage kant is.”

Paul Peeters promoveerde vorig jaar op onderzoek naar de klimaatgevolgen van luchtvaart en toerisme. „Die 18 lijkt me niet zo’n gek getal. Het zou me verbazen als het meer is. Een beperkte groep mensen vliegt extreem veel.” Peeters wijst op de lastige afbakening van het begrip ‘nooit gevlogen’. „Tellen soldaten die per vliegtuig zijn vervoerd wel of niet mee? En die miljoenen Mekkagangers die één keer in hun leven vliegen?”

Conclusie

De bewering is niet te checken. Een voorwaarde is inzicht in de individuele identiteit van passagiers en hun vliegfrequentie. Die informatie is niet beschikbaar op mondiale schaal. Schattingen lopen uiteen en zijn ideologisch gekleurd.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt

    • Mark Duursma