Waar blijft de Nederlandse robotjournalist?

Automatisering Robotjournalistiek zou de sector op zijn kop zetten, werd vijf jaar geleden voorspeld. In Nederland is tot nu toe nog geen geautomatiseerd bericht verschenen.

Vijf jaar geleden circuleerden er alarmerende berichten over de opkomst van robotjournalistiek: de menselijke reporter zou het nakijken hebben en kon maar beter een ander beroep kiezen. Computerprogramma’s zouden – zonder enige menselijke tussenkomst – nieuwsberichten en verhalen gaan produceren, waarmee zelfs prestigieuze journalistieke prijzen zoals de Pulitzer in de wacht gesleept konden worden. ‘Robotjournalisten’ zouden het nieuws sneller en meer gepersonaliseerd brengen dan een mens ooit kon.

Het was de tijd waarin persbureau Associated Press (AP) het schrijven en publiceren van financiële kwartaalberichten en sportberichten aan software toevertrouwde. Ook instituten zoals The Washington Post en New York Times begonnen volop te experimenteren.

Lees ook: De robot is nog lang geen journalist (25 oktober 2016)

Zo’n vaart heeft het niet gelopen. Anno 2018 is er nog geen computer die een Pulitzer heeft gewonnen. Maar automatische nieuwsberichten worden inmiddels, vooral door Engelstalige media, wel frequent gepubliceerd. De Britse Press Association (PA) publiceert bijvoorbeeld automatische berichten op basis van (openbare) data van de National Health Service. Het zijn wel berichten met een sterk lokaal karakter: „Meerderheid nieuwe moeders in Wolverhampton is ongetrouwd”, bijvoorbeeld. Of „In Bournemouth hebben de meeste baby’s getrouwde ouders.”

En ja: dit voorjaar kwamen ook de eerste verhalen naar buiten van journalisten die claimen te zijn vervangen door een robot. Zoals een (ex-)journalist van persbureau Bloomberg, die zich bezighield met het uitpluizen van financiële rapporten en persberichten, en het maken van koppen. Nu doet een robot dat.

Scepsis

Hoe zit dat in Nederland? Hier is het eerste robotbericht opvallend genoeg nog altijd niet verschenen. Bij Nederlandse media is het ogenschijnlijk stil op dit vlak.

Maar achter de schermen wordt wel volop geëxperimenteerd – met financiële steun van onder andere het Digital News Innovation Fund van Google. Dit fonds steekt 150 miljoen euro in journalistieke vernieuwingen in de Europese mediawereld. Zo kreeg RTL onlangs 200.000 euro om geautomatiseerd lokaal nieuws te maken. Met behulp van openbare data, bijvoorbeeld over de kwaliteit van scholen of ziekenhuizen, of over verkeersongelukken of huizenprijzen, wil RTL „hyperlokaal” nieuws maken, zegt RTL-datajournalist Jasper Bunskoek. „Stel dat uit die data blijkt dat er op het centrale plein in Heerlen relatief veel ongelukken gebeuren, dat is nieuws dat we nu nog laten liggen. Maar het is natuurlijk wel heel interessante informatie als je daar woont.”

Het computerprogramma van RTL kan zulke cijfers opsporen in bijvoorbeeld de ongevallendatabase van Rijkswaterstaat, en die automatisch invullen in een tekstsjabloon. Maar hoe een bericht er precies uit komt te zien, kan Bunskoek niet zeggen. Daarvoor is het nog te vroeg.

Lees ook: Hoe objectief is de robotjournalist? (25 oktober 2016)

De ontwikkelingen stuitten op enig wantrouwen van journalisten, ondervinden chefs, datajournalisten en IT’ers. „Alles wat we ontwikkelen wordt niet met argusogen bekeken, maar men vindt het wel spannend”, zegt David Graus, datawetenschapper bij het Financieele Dagblad (FD). Bij de krant ontwikkelen vier data-experts verschillende vormen van robotjournalistiek, zoals het automatisch toekennen van trefwoorden, of het maken van koppen en intro’s. Ook het FD kreeg een financiële injectie (ruim 600.000 euro) van Google. Graus: „We zeggen steeds: wij zijn geen ‘loslopende’ algoritmes die jullie gaan vervangen. En we benadrukken dat de redactie leidend blijft en dat de technologie is bedoeld om journalisten te ondersteunen.”

Regiojournalistiek

Het automatiseren van financiële berichtgeving staat ook op de agenda bij het FD. Daarbij kijkt de krant naar persbureau AP, dat dit al een tijdje doet. AP werkt samen met een onderzoeksbureau. Dat plaatst de kwartaalcijfers van beursgenoteerde bedrijven in een database. Software haalt die cijfers vervolgens uit de database en plaatst ze in een tekstsjabloon. Het levert simpele berichtjes op zoals: „Starbucks rapporteerde dit kwartaal een netto-opbrengst van 852,5 miljoen euro. De winst bedroeg 62 cent per aandeel.”

Bij het Algemeen Dagblad werd aanvankelijk met gefronste wenkbrauwen naar robotjournalistiek gekeken. De krant werkt mee aan een onderzoek van de Universiteit van Tilburg naar de mogelijkheden voor een geautomatiseerde nieuwsredactie. „Collega’s vonden deze samenwerking in eerste instantie best gek: gaan we meewerken aan het overbodig maken van onszelf?” zegt Rennie Rijpma, adjunct-hoofdredacteur digitaal. „Er heerst een sentiment dat robots onze banen gaan inpikken. Maar in een bijpraatsessie hebben we het goed uitgelegd: ze kunnen ons werk vooral makkelijker maken. En toen was de scepsis meteen weg.”

De eerste proeven met nieuwsberichten richten zich op het regionale amateurvoetbal. Die berichten worden nu grotendeels door freelancers gemaakt die het werk als bijverdienste doen. Verslaggeving van lokale wedstrijden is allang niet meer alleen het domein van regionale media. Ook voetbalclubs, bloggers en vloggers publiceren wedstrijdverslagen.

„De rol van regionale kranten in de sportverslaggeving staat onder druk”, zegt Rijpma. „Het kost veel mankracht, en het is de vraag hoelang de regiojournalistiek dit netwerk nog in de lucht kan houden. Maar we willen die informatie wel blijven aanbieden. Robotjournalistiek zou een goede aanvulling kunnen zijn, net zoals user generated content trouwens [door lezers zelf geschreven, red.].”

Rijpma vindt robotjournalistiek een interessante ontwikkeling, maar ziet het vooralsnog slechts als aanvulling op het journalistieke handwerk. „We doen dit vooral omdat we er graag bij willen zijn als nieuwe ontwikkelingen zich aandienen, maar er is nog een lange weg te gaan.” Bij zowel het AD als het FD en RTL is de techniek nog in zeer experimentele fase, en is ook nog lang niet duidelijk hoe de uiteindelijke software er precies uit gaat zien. Laat staan wanneer het eerste bericht verschijnt. Het AD en RTL zijn net begonnen, het FD hoopt begin volgend jaar de eerste resultaten te hebben.

Niet meer hip

Robotjournalistiek maakt in Nederland dus vooral veel sentiment los, terwijl er nog niet één bericht gepubliceerd is. Hille van der Kaa, hoofdredacteur van BN De Stem, had er meer van verwacht. Zij bestudeert het fenomeen al een tijdje. Haar werkgever, de Persgroep, financiert een onderzoek waarmee ze wil promoveren als communicatie- en informatiewetenschapper aan de Universiteit van Tilburg. „Het lijkt wel alsof er haast niks meer is gebeurd op dit vlak. Wat toen hip was is het blijkbaar toch niet geworden.”

De laatste tijd, zegt zij, lijkt robotjournalistiek meer de richting op te bewegen van journalistiek hulpmiddel, zoals een systeem dat in databestanden speurt naar nieuws en dat suggesties voor verhalen doet aan journalisten. Reuters gaat een dergelijk programma maken, want volgens het persbureau ligt de toekomst van automatisering niet bij machines die verhalen schrijven, maar machines die journalisten kunnen gebruiken om data te ‘mijnen’ en inzichten te ontdekken. Maar ook beeld- en spraaksoftware voor journalistieke toepassingen ontwikkelt zich in rap tempo, zoals software die een automatische videosamenvatting maakt van de hoogtepunten van een sportwedstrijd, en de spraakassistenten zoals Amazon’s Alexa, Google Assistant en Apple Home Pod die op verzoek automatische nieuwsbulletins voordragen.

Schandaal

Het idee dat een robot een Pulitzerprijs zou winnen klinkt nu dan ook nog belachelijker dan vijf jaar geleden, vindt Van der Kaa. „Maar technieken gaan wel helpen om die te kunnen winnen.”

Ze geeft een voorbeeld: begin dit jaar toonde de populaire hardloop-app Strava een wereldkaart met alle hardlooprondjes van zijn gebruikers: ook de rondjes van militairen op militaire bases werden geopenbaard. Zo werd per ongeluk een geheime westerse basis ontdekt. Zulke verhalen zouden wat Van der Kaa betreft „Pulitzer-waardig” kunnen zijn. De vraag is nog wel of journalisten zitten te wachten op slimme systemen die zelf nieuwssuggesties doen. „Dat is net als met een lezersonderzoek: dat kun je ook gewoon negeren. En dat is alleen maar goed.” Uiteindelijk, vindt ze, moeten journalisten zelf onafhankelijke besluiten nemen.

    • Amanda Verdonk