Ajax speelt gelijk bij Bayern en heeft weer een smoel in Europa

Champions League Oude tijden herleefden in de Allianz Arena, waar Ajax tegen Bayern München de eerste zware test doorstond in de Champions League: 1-1.

Ajax-spelers vieren de gelijkmaker van Noussair Mazraoui tegen Bayern München. Foto ANP

Ajax heeft aan zijn tweede groepsduel in de Champions League een punt overgehouden na een manhaftig optreden in een uitduel tegen Bayern München. In de Allianz Arena in Zuid-Duitsland werd de 1-1 al halverwege de eerste helft bereikt, via goals van Mats Hummels en Noussair Mazraoui. Zonder enige schroom speelde Ajax na rust, maar de ultieme beloning bleef uit.

Het duel tussen de heersers van de jaren zeventig ving aan met alle aarzeling van Ajax-zijde die bekend voorkwam uit vergelijkbare Champions League-duels eerder dit decennium tegen clubs uit de toplaag van Europa. Met Hakim Ziyech begon het gedraal, even later was het Lasse Schöne die Mats Hummels vrij liet opduiken toen Arjen Robben de bal haarscherp voorzette: 1-0 Bayern.

Erik ten Hag keek omhoog, naar het scorebord. Drie minuut en nog wat gespeeld, een lange avond in München kondigde zich aan. Hij had zijn ploeg opnieuw afgesteld na het uitvallen van vormgever Frenkie de Jong, dit weekend al. Ajax werd aangepast aan Bayern vol dertigers met snelheid en brute kracht. Dusan Tadic in de spits, in de praktijk dwarrelend rond het centrum – weg van zijn bewakers. Donny van de Beek als diepgaande onruststoker. Daley Blind voor controle en rust op het middenveld, daarom Maximilian Wöber centraal achterin.

Gedecideerd openingskwartier

Logische dingen, maar het gedecideerde openingskwartier van Bayern liet weinig heel van de hoop dat hier een elftal was dat de matige optredens in de Bundesliga een vervolg ging geven in de Champions League. Ajax mocht toekijken, al was dit ook het debuut van de mateloos getalenteerde Matthijs de Ligt in de Champions League. Indrukwekkend maar al lang niet meer opzienbarend zoals hij de Poolse topspits Robert Lewandowski over de achterlijn worstelde in de beginfase van het duel. Het was de aankondiging van Ajax’ ambitie in de Allianz Arena, waar iets in de melk te brokkelen viel.

Dat alles werd zonneklaar toen rechtsachter Noussair Mazraoui de 1-1 maakte. Hij toch de meest onwaarschijnlijke artiest op dit podium, krap twee jaar nadat hij per openbaar vervoer vanuit Alphen aan den Rijn nog zijn dagelijkse gang naar trainingscomplex De Toekomst maakte als contractloos speler in Jong Ajax. „Natuurlijk dacht ik aan opgeven”, zei hij vorige week in een interview met VI. Rondgepompt op verschillende posities, nu als rechtsback een revelatie.

Dinsdagavond in München, tegenover het vervagende Franse fenomeen Franck Ribèry, zou de krachtproef zijn voor de omgeturnde verdediger Mazraoui. Ook hij begon bedeesd, maar liep halverwege de eerste helft pardoes met een lichaamsschijnbeweging langs twee man op een weg naar het doel. Hij zocht de één-twee met Tadic, die wipte de bal met grootse gevoeligheid terug in de loop van Mazraoui en via het glijdende been van David Alaba was Manuel Neuer gezien.

Ongelijke grootheden

Dat kan een keer – terugkomen in zo’n uitwedstrijd tegen een Europese gigant. Meestal blijft het daar dan bij en dan drukt Bayern nog een keer aan en is het alsnog klaar; het sjabloon van een groepsduel tussen ongelijke grootheden. Zo niet nu: Bayern brokkelde af, Ajax stabiliseerde, nam initiatief, penetreerde met David Neres in wie weet zijn beste Ajax-duel.

Vertrouwen in elkaars kunnen nam toe, Ziyechs schoten dwongen Neuer tot zweefvluchten, maar het waren de twee grote uitgespeelde kansen na rust die niet besteed waren aan Tadic respectievelijk Nico Tagliafico. Waar ging dit naar toe? Ten Hag had ‘een puntje’ van te voren „een resultaat genoemd”, maar vond het zo nodig om te zeggen dat „wij altijd voor de overwinning moeten gaan”. Gezegd moet worden: precies de juiste toon.

Ajax mag weer een smoel hebben, anderhalf jaar na het bereiken van de Europa League-finale. Donny van de Beek had de 2-1 op zijn wreef toen hij werd vrijgespeeld door Tadic, twintig minuten voor tijd, maar schoot naast. Aan de andere kant ook André Onana’s handje even later, cruciale redding op een binnenhobbelende inzet. Schöne’s vrije trap op de lat in blessuretijd was het slotakkoord van een memorabel meeslepend duel. Ajax staat weer, met de borst vooruit.

    • Bart Hinke