Voor de Fransen was Charles Aznavour een modelimmigrant

Frankrijk Om Frans te worden, zei de zanger, moest hij zijn Armeensheid achter zich laten. Toch zette Aznavour zich in voor zijn land van oorsprong.

Charles Aznavour „was diepgaand Frans, innig gehecht aan zijn Armeense wortels en in de hele wereld bekend”, reageerde Emmanuel Macron maandag na het overlijden van de in 1924 in Parijs geboren zanger. Volgende week zou Aznavour met de president meereizen naar Armenië voor de top van de Organisatie van de Francofonie daar. Hij zou er zelfs nog zingen. Nu overweegt het Élysée in het land van zijn ouders een herdenkingsceremonie te organiseren.

Met menig Franse president onderhield Aznavour goede contacten. Ook Nicolas Sarkozy nam hem al eens mee op reis. Natuurlijk omdat hij de grootste was, de laatste wereldwijde ambassadeur van het Franse chanson. Vorig jaar nog kreeg hij zijn eigen ster op de Walk of Fame in Hollywood. De „Franse Frank Sinatra” noemen Amerikaanse media hem nu, tot verbazing van de Fransen.

Maar ook omdat hij het uithangbord was van een bepaald beeld dat Franse politici van hun land koesteren: dat van de republiek als immigratieland, als terre d’accueil. Een veilige haven voor vluchtelingen die, eenmaal Frans geworden, zich in vrijheid kunnen ontplooien. Begin vorige eeuw ontving Frankrijk tienduizenden Armeense vluchtelingen, onder wie Aznavours ouders. De Franse asieldienst OPFRA liet maandag via Twitter weten „bedroefd” te zijn over de dood van deze succesvolle immigrantenzoon.

Zeker in tijden waarin het absorptievermogen van de republiek dagelijks onderwerp van discussie is (en zelfs niet-Frans klinkende namen nu weer ter discussie staan), diende Aznavour vaak als voorbeeld. In 2014 prees president Hollande in een toespraak over immigratie de bijdrage aan de Franse cultuur van mensen als hij. De zanger dook eerder op in een door Sarkozy besteld rapport met de omineuze titel Weet Frankrijk immigranten nog te integreren?

Aznavour vertegenwoordigde het klassieke republikeinse integratiemodel: dat van assimilatie. Zijn vader sprak nauwelijks een woord Frans, de zoon kreeg een Franse naam opgedrongen („dat was praktischer”, zei hij later), werd Franser dan Frans en vertolkte gevoelens van vele generaties Fransen.

Toen Aznavour in 1963 voor het eerst in Armenië was, reageerde hij geïrriteerd als mensen daar zeiden dat hij „terug in zijn land” was. „Nee, Frankrijk is mijn land”, zei hij. „Ik ben in de eerste plaats Frans geworden: in mijn hoofd, in mijn hart, in mijn manier van zijn, in mijn taal”, zei hij in 2003. „Ik heb een groot deel van mijn Armeensheid verlaten om Frans te kunnen worden. Dat moet je doen. Anders moet je weg.” Die woorden werden maandag instemmend aangehaald door rechtse politieke kopstukken.

Een gespleten identiteit of multiculturalisme is in Frankrijk snel verdacht. Maar dat weerhield Aznavour er niet van zich al vroeg in te spannen voor erkenning van de Armeense genocide. En in 1989 trommelde hij tientallen Franse artiesten op voor het benefietnummer Pour toi Arménie na de zware aardbeving daar. „Charles Aznavour, dat was Frankrijk”, schreef Le Monde. Niet dat van Édith Piaf of Charles Trenet, maar „het internationalistische Frankrijk, het gastland dat de kinderen van de republiek fundamentele waarden weet bij te brengen, maar ook de charme, de sexy romantiek, en een soort luchtigheid en constant evenwicht tussen het introverte noorden en het extravagante zuiden.”

    • Peter Vermaas