Opinie

    • Jan Brouwer

‘Ondermijning’ is een loos begrip

De regering wil ‘ondermijnende criminaliteit’ met extra geld via het strafrecht aanpakken. Werkt bestuursrecht niet beter, vraagt
Foto Lex van Lieshout/ANP

Je kunt de rechtsstaat ondergraven door te tornen aan de democratische uitgangspunten. Als bestuurders en ambtenaren niet integer zijn. Of als het strafrecht de criminaliteit niet aankan; dit is de „ondermijnende criminaliteit”, waarop de korpsbeheerder en de minister van Justitie en Veiligheid doelen als ze wijzen op de bloeiende cannabisteelt in Brabant en Limburg.

Kent u een crimineel die niet alles in het werk stelt om zijn strafbare handelingen aan het zicht te onttrekken? En ondergraaft niet alle criminaliteit de rechtsstaat? ‘Ondermijnende criminaliteit’ is een pleonasme; het verduidelijkt niets. Noem een misdrijf dat de rechtsstaat niet ondergraaft.

In het zogeheten Ondermijningsfonds zit ‘geoormerkt’ geld om op lokaal niveau antidemocratische sentimenten in de samenleving te bestrijden. In de Ondermijningswet worden screeningseisen geïntroduceerd voor lokale ambtenaren die gevoelige functies gaan uitoefenen.

In het recente verleden hebben we gezien dat daar waar het strafrecht niet naar behoren functioneert, het bestuursrecht een belangrijke aanvullende rol kan vervullen. Het meest bekende en oudste voorbeeld hiervan is het verkeersstrafrecht: jarenlang werd bijvoorbeeld maar een fractie van de verkeersboetes daadwerkelijk geïnd. Wat hier dwars zat, was de zogeheten ‘onschuldpresumptie’: iedereen moet voor onschuldig gehouden worden totdat zijn schuld in rechte is komen vast te staan. Dat geldt in het bestuursrecht niet. Om die reden kon de volgorde bij het innen van verkeersboetes worden omgedraaid: eerst betalen, dan toegang tot de rechter. Dat werkt! Sinds de introductie van de bestuursrechtelijke afdoening is het inningsprobleem als sneeuw voor de zon verdwenen. Niet voor niets is de bestuurlijke boete inmiddels in tal van wetten geïntroduceerd.

De volgorde bij het innen van verkeersboetes werd omgedraaid: eerst betalen, dan toegang tot de rechter. Dat werkt!

Bestuursrechtelijke handhaving heeft nog meer voordelen boven de strafrechtelijke aanpak. Van verboden ‘stelselmatige observatie’ lijkt men in het bestuursrecht – anders dan in het strafprocesrecht – niet te hebben gehoord. Ook inbeslagname van goederen is in het bestuursrecht vele malen laagdrempeliger dan in het strafprocesrecht. Dat alles maakt het buitengewoon aantrekkelijk om het bestuursrecht vaker in te zetten.

Dit begon met de aanpak van dealpanden. Beginjaren tachtig werd duidelijk dat het gevangen zetten van een dealer weinig zin had. In zijn pand zat een uur na zijn arrestatie een nieuwe dealer waardoor niet alleen de omzet, maar ook de overlast voor de buurt op gelijk niveau bleef. De bestuursrechtelijke sluiting van een dealpand door de burgemeester bleek een effectieve aanvullende maatregel. Die aanpak wordt ook met groot succes toegepast op panden waar cannabis wordt geteeld.

Als het aan de regioburgemeesters ligt, krijgen zij nog meer bevoegdheden in de aangekondigde Ondermijningswet. Zo willen ze een pand kunnen sluiten bij de aanwezigheid van wapens of andere criminele activiteiten.

De ondermijningsaanpak is met andere woorden vooral een reactie op het niet naar behoren functionerend strafrecht. Het strafproces is een logistieke nachtmerrie, zeggen officieren van justitie. De ‘ongeregeldheid’ van het bestuursrecht, met name die van het openbare-orderecht biedt uitkomst, maar bergt ook grote risico’s in zich.

Want burgemeesters vergeten nog wel eens dat in het recht het doel niet altijd de middelen heiligt. Men kan de rechtsstaat niet beschermen, door hem voor zichzelf af te schaffen.

    • Jan Brouwer