Recensie

Ode aan oeuvre Harry Bannink is geen meezingvoorstelling

In een theaterprogramma wordt Harry Banninks werk bezien, terwijl Frank Groothof een stuk of veertig liedjes zingt, en pianist Dick van der Stoep de tinteling van de muziek alle eer bewijst.

Gijs Groenteman, Frank Groothof en Dick van der Stoep.

Rust en regelmaat bepaalden het leven van Harry Bannink, de componist van de mooiste liedjes uit het Nederlandse kleinkunstrepertoire. Voor een heuse biografie leent dat leven zich niet. Maar journalist Gijs Groenteman vond een andere vorm om ’s mans oeuvre te belichten. Hij werkt al jarenlang aan een podcast-serie waarin hij praat met tekstdichters, zangers, muzikanten en anderen die met Bannink hebben gewerkt en over zijn liedjes kunnen vertellen. Er staan nu al 37 aanstekelijke afleveringen online.

Dat is echter nog niet alles. Groenteman presenteert nu ook een theaterprogramma, waarin hij Banninks werk beziet en anekdotes vertelt, terwijl Frank Groothof een stuk of veertig liedjes zingt, en pianist Dick van der Stoep de tinteling van de muziek alle eer bewijst.

Het resultaat is een minzame kruising tussen een college en een recital, met Groenteman als amusant ceremoniemeester en acteur Groothof die als veelvuldig medewerker van de tv-programma's Klokhuis en Sesamstraat de ideale zangsolist is. Hij kan vertellend zingen, schept een mooie mengeling van ironie en melancholie en weet ook Banninks semi-klassieke passages knap tot klinken te brengen.

Het sterkste staaltje van De Grote Harry Bannink Podcast on Tour schuilt in de selectie. Van de honderden liedjes die Bannink met Annie M.G. Schmidt schreef – en die ook zijn grootste hits waren – komen er maar twee voorbij: Aan de trapeze uit Ja zuster, nee zuster en het van Conny Stuart bekende heimweelied Wat voor weer zou het zijn in Den Haag. Dit mocht per se geen meezingvoorstelling worden, waarschuwt Groenteman quasi-onverbiddelijk. Maar niet meer dan twee is wel heel erg zuinig voor de ongeëvenaarde liedjesschat – inclusief maar liefst zeven musicals – die de samenwerking met Schmidt heeft opgeleverd.

Zo verschuift de balans grotendeels naar de speelse poëzie van Willem Wilmink, de markante misantropie van Hans Dorrestijn en het werk van minder bekend geworden tekstdichters als Rob Chrispijn en de met extra nadruk gepresenteerde Ted van Lieshout. Veel van die liedjes zijn één keer op de televisie uitgezonden en daarna nooit meer gehoord, aldus Groenteman. Mooi dat hij hier ook de rol van schatzoeker op zich heeft genomen.

Dat er veel research is gepleegd, blijkt bovendien uit een blokje waarin te horen valt wat Bannink ooit aan Bach heeft ontleend, en aan Theodorakis, The Beatles en de fanfare-intro van de tv-serie Loveboat. Dit is, kortom, geen meezingvoorstelling.

    • Henk van Gelder