Tsunami die toch kwam zaait dood en verderf

Sulawesi Gevreesd wordt voor duizenden doden na een nieuwe natuurramp. Waarom werd een waarschuwing zo snel ingetrokken?

In Palu brengen familieleden het lichaam van een naaste naar de binnenplaats van het nabijgelegen politieziekenhuis. Foto BAY ISMOYO / AFP

De doden zijn bedekt met wat maar voor handen was. Een geel laken, een stuk karton, een blauw landbouwzeil. Op foto’s is te zien hoe de overlevenden hen op een rij hebben gelegd, eervol, voor zover de omstandigheden dat toelieten.

Vrijdag werd het Indonesische eiland Sulawesi getroffen door een reeks aardbevingen. De zwaarste had een sterkte van 7,5 op de schaal van Richter. Een tsunami volgde. De vloedgolven waren op sommige plekken zes meter hoog.

Op sociale media gaan foto’s rond van de gigantische ravage. Beelden vanuit de lucht laten zien hoe schepen op het strand gekwakt liggen. Huizen en bruggen langs de kustlijn zijn weggevaagd. Sommige aardverschuivingen zijn zo groot dat ze op satellietbeelden duidelijk te zien zijn.

Het officiële dodental lag zondag op 832 en iedereen weet dat het daar niet bij blijft. Volgens lokale media bedroeg het dodental zondagavond al 1.203. De Indonesische vicepresident Jusuf Kalla waarschuwde dat het dodental zelfs in de duizenden kan lopen. Plus gewonden en een materiële schade die niet te overzien is.

Reddingswerkers doen wat ze kunnen om overlevenden te helpen. Er zijn echter ook meldingen van plunderingen van winkels.

Zondag kon de nationale rampendienst BNPB alleen nog maar de toestand overzien in Palu, een stad met ruim 330.000 inwoners. Door de ligging aan een baai kon het zeewater nergens anders heen. Maar volgens de dienst moet de schade in het district rond Palu, Donggala, nog groter zijn, omdat dat dichter bij het epicentrum van de bevingen ligt. Communicatie met dat gebied is nog amper mogelijk. Stroom en telefoonverbindingen zijn er uitgevallen.

Vanuit Palu proberen de autoriteiten de hulp op gang te krijgen. Dat is extra lastig omdat op de lokale luchthaven de verkeerstoren instortte en een deel van de landingsbaan open scheurde. Zondag heropende het vliegveld deels, vooral voor hulpdiensten en militaire toestellen.

Op Indonesische websites ging al snel een eerbetoon rond aan Agung, een jongeman van 21 jaar die tijdens de aardbeving in de verkeerstoren bleef om het vliegtuig dat hij op dat moment hielp opstijgen, goed de lucht in te krijgen. Zijn collega’s renden in paniek naar buiten, hij bleef zitten. Agung overleed later aan zijn verwondingen.

De grote vraag die na het drama opkwam, is hoe het mis heeft kunnen gaan met de tsunami-waarschuwing. Vrijdagmiddag had het nationale meteorologische en geofysische agentschap (BMKG) wel zo’n waarschuwing afgegeven na de grootste aardbeving. Alleen trok de dienst die ook vrij snel weer in, al na ruim een half uur. De vloedgolf kwam toch.

De verklaringen die de ronde doen voor die fout zijn onbevredigend. Een zegsman van het BMKG zei tegen The Jakarta Post dat één van hun getijdemeters een stijging van het zeewater had laten zien, van 6 centimeter, maar dat die ook weer afnam. Daarom zou de waarschuwing zijn ingetrokken. De dichtstbijzijnde meter lag bovendien zo’n 200 kilometer van Palu.

De natuurramp die bij de Indonesiërs in hun geheugen staat gegrift, is de tsunami die Atjeh trof in december 2004. Daarbij vielen ruim 226.000 doden, de vloedgolven waren toen tot tien meter hoog. Sindsdien staan op veel stranden oranje bordjes in de vorm van een pijl: let op, de jalur evakuasi, de evacuatieroute, is die kant op. Alleen tegen de kracht van het water zoals dat vrijdag aan kwam denderen, valt niet op te rennen.

    • Annemarie Kas