Opinie

Twistgesprek

Ian Buruma, auteur van vele opiniestukken in NRC, stapte vorige week op als hoofdredacteur van het gezaghebbende tijdschrift New York Review of Books. Daags ervoor had hij een essay gepubliceerd van de gevallen Canadese radiomaker Jian Ghomeshi, een persoonlijk relaas over zijn ervaringen als MeToo-pionier. “Vele mannen worden nu meer gehaat dan ik nu. Maar ik was de man die iedereen het eerst haatte.”

Meer dan twintig vrouwen hadden Ghomeshi in 2004/2005 beschuldigd van slaan, bijten, verstikken en verbaal geweld tijdens de seks. Hoewel hij werd vrijgesproken, verzweeg hij een schikking en excuses die hij destijds maakte. Hij zet de feiten naar zijn hand, luidde de kritiek. In een interview met Slate, ter verdediging van de publicatie, zei Buruma: “Ik ben geen rechter in wat wel en niet klopt van elke aantijging. Hoe kan ik dat zijn?” Met Ghomeshi wilde hij debat over de menselijkheid van public shaming en de keerzijde van de MeToo-beweging. “Maar nu sta ik zelf aan de schandpaal”, merkte hij in een interview met Vrij Nederland op.

HM: “Het is niet de eerste keer dat #MeToo een onschuldig slachtoffer eist. Wrang dat Ian Buruma het veld moest ruimen terwijl hij een belangrijke discussie wilde aanzwengelen. Hoe gaan we om met de mannen die door de hashtag MeToo zijn geveld?”

FG: “Dat Buruma een belangrijke kwestie aanzwengelde, staat buiten kijf. Maar ik denk niet dat het MeToo is dat hier een onschuldig slachtoffer eist. Buruma wordt immers niet van seksueel geweld beschuldigd. Hij heeft journalistiek geblunderd door te proberen het onderwerp te agenderen met een a-kritisch stuk, geschreven door een beschuldigde.”

HM: “Beschuldigd zijn en schuldig zijn is niet hetzelfde. Opvallend dat uitgerekend progressieve denkers dat uit het oog verliezen als #MeToo in het spel is. Vrouwen moeten op hun woord geloofd worden. Ik vind het stuk van Jian Ghomeshi ongelukkig maar hoofdredacteuren moeten fouten mogen maken, risico’s durven nemen.”

FG: “Dat beschuldigd zijn en schuldig zijn fundamenteel van elkaar verschillen, is mij bekend. Ik koos het woord daarom zorgvuldig. Het gaat niet om wat Ghomeshi schreef, maar om het feit dat Buruma hem zonder tegenspraak en feitencheck een podium gaf. Een kapitale fout voor de hoofdredacteur van zo’n gerenommeerd blad.”

HM: “Hoofdredacteuren van gerenommeerde bladen mogen ook fouten maken. Dat gebeurt ook regelmatig. Denk bijvoorbeeld aan de verslaggeving in deze krant na het overlijden van Antonie Kamerling. En ik kan nog wel meer voorbeelden bedenken. Maar alleen als de hashtag MeToo ervoor staat kost dat iemand zijn kop.”

FG: “Tuurlijk mogen ze dat. Maar de tenenkrommende keuze van NRC rondom de dood van Antonie Kamerling destijds staat in geen verhouding tot Buruma’s fout. MeToo gaat over geïnstitutionaliseerd machtsmisbruik en uit Buruma’s keuze blijkt dat hij zich dat niet realiseert. Onbegrijpelijk, na alles wat over MeToo is geschreven en gezegd.”

HM: “Ik kan andere fouten opnoemen die de hoofdredacteur dezes de kop ook niet hebben gekost. De verbetenheid van de MeToo-beweging is adembenemend. Elke vorm van seksuele overschrijding heet verkrachting, alle slachtoffers zijn survivors. Ik zou dat woord alleen gebruiken voor mensen die oog in oog stonden met de dood, niet voor vrouwen die in hun billen zijn geknepen.”

FG: “Vergelijkend onderzoek naar journalistieke miskleunen in heden en verleden in binnen- en buitenland lijkt me hier niet haalbaar. Algemeen geldt: als de journalistieke kwaliteit van een blad niet goed wordt bewaakt, stapt de hoofdredactie op, zeker als de ultieme taak van journalisten – waarheidsvinding – op het spel staat. Niet mee eens?”

HM: “Het was geen reportage, maar het relaas van Ghomeshi over zijn belevenissen sinds de beschuldigingen. Als hij een goed en oprecht schrijver was geweest, had dat een indringend betoog opgeleverd. Dan had zich wellicht een discussie ontsponnen of shaming wel menselijk is. Ongetwijfeld wat Ian voor ogen stond.”

FG: “Precies, het was geen journalistieke reportage, terwijl het onderwerp dat wel behoefde. Daar zit ‘m de kneep. Fijn dat we daar uit zijn. Ik ben benieuwd hoe Buruma’s gedachten zich ondertussen ontwikkelen. En gooide hij nou zelf het bijltje erbij neer, of moest hij weg? Water onder de brug, allicht.”

HM: “Hoe kom je er nou bij dat ‘we’ daar uit zijn? NY Books is bedoeld voor discussie en reflectie, niet om onderzoeksjournalistiek te bedrijven. Een discussie over de (on)menselijkheid van shaming is hoognodig. Maar nu #MeToo Buruma de kop kostte, zal geen hoofdredacteur zich daar nog aan branden. Gefeliciteerd!”

FG: “Sorry, ik begreep je blijkbaar verkeerd. Onderzoeksjournalistiek hoeft niet, een verhaal dat ook recht doet aan ervaringen van vrouwen wel. De discussie die je noemt ís nodig, dat erkende ik al. Een hoofdredacteur met lef en diepgaand begrip van de MeToo-dynamiek, durft het nog wel aan. Een vrouw misschien. Wedden?”

HM: “Met de omschrijving ‘diepgaand begrip van de MeToo-dynamiek’ monopoliseer je de discussie. Dat is ook gebeurd met de discussie over witte onschuld. Daar mag slechts een selecte groep mensen aan deelnemen, bepaald door coöptatie: je mag dan alleen meediscussiëren als je de standpunten al deelt. Hoe benauwend.”

FG: “Over dit thema bestaan nog niet eens vastgeroeste standpunten: veroordeling van machtige mannen via social media, op deze schaal, is een nieuw fenomeen. Daarom is uitwisseling van standpunten nou juist interessant en belangrijk. Met als basiswaarheid: het gaat om macht. Macht van doorgaans witte mannen én macht van social media.”

HM: “Daar vinden we elkaar. Daarom is Buruma’s vertrek zo jammer. De brievenrubriek is het smeuïgste, zo niet interessantste deel van NY Books. Ik zou me erop hebben verheugd hoe briefschrijfsters Buruma de oren hadden gewassen en hoe hij zich in een essay had moeten verdedigen. Die discussie is nodig.”

FG: “Die brieven kunnen nog steeds komen natuurlijk, zowel over de MeToo-dynamiek bij beschuldigde mannen als over de journalistiek. Laat maar komen, interessant inderdaad! Ik hoop wel dat mensen de MeToo-beweging niet onrealistisch gaan framen. Jouw opmerking ‘elke vorm van overschrijding heet verkrachting’ bijvoorbeeld, helpt niet voor een discussie op niveau.”

HM: “In Amerika gaat het helaas wel zo. Maar MeToo laat goed zien dat mannen met veel weg konden komen omdat vrouwen zich niet durfden uit te spreken. Dat is het wrange. Vrouwen wordt vaak geadviseerd hun mond te houden omdat ze anders bezoedeld raken. Het is winst dat vrouwen zich nu wél uitspreken.”