Massa’s zijn het nog niet. En dat moet zo blijven

Toerisme De eerste zes maanden van dit jaar steeg het percentage toeristen dat Rotterdam bezocht met 20 procent ten opzichte van vorig jaar. Voor het eerst heeft de stad met Said Kasmi een wethouder van toerisme.

Foto Folkert Koelewijn

Tot zo’n tien jaar geleden had Rotterdam voor toeristen nauwelijks iets te bieden. In de binnenstad werd vooral hard gewerkt. Om zes uur gingen de rolluiken dicht en werd het zielloze centrum overgenomen door junkies en alcoholisten. Maar Rotterdam verwelkomt steeds meer bezoekers.

Van massatoerisme als in Amsterdam is in Rotterdam nog geen sprake, maar door de groeiende populariteit denkt de stad voor het eerst na over een meerjarenstrategie. Om de groeiende stroom bezoekers in goede banen te leiden kreeg wethouder Said Kasmi naast cultuur, horeca en onderwijs als eerste nu ook toerisme in zijn portefeuille. Kasmi wil toerisme vanuit een ander standpunt benaderen. Niet meer alleen vanuit de economie, maar met oog voor de identiteit van de stad. „Ik vind het belangrijk dat Rotterdammers zich prettig voelen in hun wijk en leefomgeving en toerisme kan daar prima op aansluiten.” Toerisme moet op een natuurlijke manier voor de stad gaan werken zodat het bijdraagt aan de welvaart, vindt hij. „Ik ben continu in gesprek met Rotterdammers om te kijken wat een gebied nodig heeft en wat er beter kan.”

Dichte puien opengooien

Het is een behoorlijke opgave om je weg te vinden in een havenstad zonder oude binnenstad. Daarom bedacht het college in 2011 een plan om het centrum voor bewoners en bezoekers aantrekkelijker te maken. Er werd geïnvesteerd in looproutes en inrichting van grote straten als de Meent en het gebied rond het Centraal Station. Ook kwam er een gevelplan waarbij grote bedrijven als Unilever aan het Weena hun dichte puien opengooiden. „Er moest een binnenstad komen die klopt”, zegt Jannelieke Aalstein, adjunct-directeur van Rotterdam Partners, dat verantwoordelijk is voor de Rotterdamse city marketing. „Door de herinrichting van een aantal grote straten en pleinen voel je je als voetganger nu een stuk comfortabeler en vind je makkelijker de weg naar de volgende leuke plek.” Als de binnenstad veilig, levendig en aantrekkelijk is, komen de toeristen vanzelf, is het idee.

Ondernemers nemen ook zelf initiatief. Het MAHO-kwartier rond de Pannenkoekstraat bijvoorbeeld heeft een eigen website en socialemediakanalen. De Benthuizerstraat en Nieuwe Binnenweg hebben een ‘straatcoach’ die samen met burgers en ondernemers de wijk verfraait. Om initiatieven mogelijk te maken versoepelde de gemeente al een aantal regels. Zo kon tijdelijk een winkel met horeca worden gecombineerd en is het makkelijker om een vergunning voor terrasvlonders aan te vragen. Bijvoorbeeld op de Witte de Withstraat, waar parkeerplaatsen zijn vervangen door terrassen. De straat zit nu vol hostels, horeca, winkels en ateliers. Maar het gebied zit inmiddels aan zijn tax. Bewoners vinden de drukte in hun buurt wel genoeg. Kasmi: „Het zwaartepunt mag niet alleen op het centrum liggen. We hebben al veel iconen aan de noordkant van de Maas en denken nu na over de mogelijkheden op Zuid. Er zijn bijvoorbeeld plannen voor een Nationaal Cultureel-Wetenschappelijk Instituut, dat bezoekers de brug over en verder de wijk in moet trekken. Zuid stopt niet bij Hotel New York en Katendrecht. Daarom wordt nu ook het gebied erachter ontwikkeld.”

Kasmi wil een hoog tempo. Rotterdam zit op hetzelfde aantal horecagelegenheden als voor de Tweede Wereldoorlog. Honderden parkeerplaatsen zijn inmiddels terras of plantsoen. Als kers op de taart krijgt de Coolsingel een facelift. Kasmi: „De vernieuwde Coolsingel, waar meer plek komt voor voetgangers en ontspanning, is niet bedoeld om toeristen te bedienen, maar voor alle inwoners van Rotterdam. Dat bezoekers de singel straks komen bekijken is een mooi gevolg.” Aalstein: „Wat je de komende jaren toevoegt aan attracties, horeca en gebouwen moet passen bij het DNA van Rotterdam. De horeca in de binnenstad zit goed vol, en inderdaad: dat is op sommige dagen erg geconcentreerd op een aantal straten. Maar dat zie je in elke wereldstad, dat kun je niet tegenhouden. Wel kun je de mensen sturen door spreiding van kwalitatieve hotels, cultuur en architectuur”

Toeristen worden steeds avontuurlijker en daar zet Rotterdam Partners op in. Zoals het uitlichten van straatkunst of festivals waar je je nog tussen de locals beweegt en een plattegrond van interessante wijken. Aalstein: „Ook willen we toeristen graag langer dan één nacht houden, dat brengt meer geld in het laatje. Dus wijzen we er ook op wat er in gemeenten als Schiedam en Dordrecht gebeurt, met Rotterdam als uitvalbasis.”

Miljoenen toeristen

Spreiding lijkt het toverwoord. Een stad als Amsterdam zucht al jaren onder de druk van miljoenen toeristen in de relatief kleine binnenstad, en lijkt door de campagne ‘I Amsterdam’ aan haar eigen succes ten onder te gaan. Kasmi houdt die ontwikkeling nauwlettend in de gaten. „Omdat toerisme in Rotterdam tamelijk nieuw is hebben we nog de luxe om goed na te denken over een beleid. Wat doen andere Europese steden bijvoorbeeld aan bewegwijzering, aan het spreiden van bezoekers en wat zijn de regels voor Airbnb? Steeds meer wereldsteden hebben genoeg van de enorme toestroom. Die is soms zo groot dat bewoners zich niet meer prettig voelen in hun eigen stad. Ik kan lering trekken uit wat er goed gaat, maar kijk vooral ook naar hoe het níét moet.” Aalstein beaamt dat: „We kunnen ons het heel makkelijk maken door in te zetten op standaard trekpleisters als coffeeshops, horeca voor vrijgezellenfeesten, winkelketens en spectaculaire attracties. Maar daar zit deze stad niet op te wachten.”

Stad met rauw randje

Ook het percentage zakelijk toerisme gaat omhoog; een groep die vooral wordt aangetrokken door maritieme, medische, energie- en foodcongressen. De gemeente, het Havenbedrijf, de Erasmus Universiteit en Rotterdam Partners promoten Rotterdam als een internationale, ondernemende en groeiende stad met een rauw randje. De opkomende en innovatieve second city, als tegenhanger van de hoofdstad. Aalstein: „We houden niet alleen een gelikt verkooppraatje over onze mooie architectuur, maar blijven zo veel mogelijk bij het authentieke verhaal van Rotterdam.” Daarom trekt Rotterdam Partners met buitenlandse delegaties ook de wijk in voor een rondleiding bij een lokale bierbrouwer, of maakt een tour door de haven.De stad moet voorlopers aantrekken die op zoek zijn naar ‘avontuur’ en gebieden opzoeken die nog niet ‘af’ zijn. „We vertellen wat er allemaal nog op het plan staat. Voordat de Markthal er stond leidden wij al mensen rond op de bouwplaats. Ook het depot van museum Boijmans dat in 2020 opengaat brengen we nu al onder de aandacht. We laten wijken als West zien waar veel ontwikkelingen zijn. Voor bepaalde media en toeristen is de herindeling en opbouw van de stad uitermate interessant. We moeten het niet hebben van historische gebouwen met zeventiende-eeuwse gevels. Hier wordt continu gebouwd. Van alles is nieuw, innovatief en opkomend. Dat houdt het voor iedereen spannend.”

De visie voor het toeristenbeleid wordt begin 2019 aan de raad gepresenteerd.

    • Cathelijne Beijn