Opinie

Bevolkingspolitiek Brieven

Bevolkingspolitiek

Alleen nog expats

In de artikelen over bevolkingspolitiek, afgelopen zaterdag in NRC, kwamen weer de standaardoplossingen naar voren om krimp tegen te gaan: meer kinderen krijgen of meer migranten (en asielzoekers) aantrekken. Deze ene aardbol kan nu al niet alle mensen die er op leven een menswaardig bestaan bieden, dus geboortestimulans lijkt niet echt de oplossing. De immigratie van de laatste vijftig jaar heeft grote spanningen in de samenleving gegeven. Het heeft tijdelijk een probleem opgelost, maar op de lange termijn meer problemen gecreëerd. Bovendien wijzen prognoses er op dat de komende jaren door verdere automatisering en robotisering de werkgelegenheid flink zal afnemen, waardoor bevolkingskrimp minder een probleem zal zijn. Een goede bevolkingspolitiek, die flexibel inspeelt op ontwikkelingen, zou als leidraad moeten hebben: tijdelijkheid. Trek de mensen die je nodig hebt aan, betaal en huisvest ze fatsoenlijk, maar laat ze weten dat ze hier tijdelijk zijn. Met expats hebben we immers weinig moeite hier, zij voegen wat toe aan de samenleving. Ga niet allerlei mensen het Nederlanderschap aanbieden, waarvan je later spijt krijgt. Paul Scheffer pleitte onlangs in Buitenhof voor het formuleren van een duidelijk beleid op het gebied van gewenste demografische ontwikkeling. Tijdelijkheid zou hierbij één van de basisgedachten moeten zijn.

Misbruik Kerk

Beëindig ‘t celibaat

Na al uw berichtgeving over misbruik in de Katholieke Kerk, mis ik nog een analyse van de oorzaken. Ook ontbreekt het aan oplossingen.

Mijn analyse: het verplichte celibaat heeft geresulteerd in een conglomeraat van gefrustreerde geestelijken, met verlokkingen binnen handbereik (koorknapen, biechtelingen en weeskinderen). Misbruik werd met de mantel der liefde toegedekt. Alle ogen zijn nu gericht op de paus. Het verplichte celibaat is ingesteld door zijn voorgangers, de middeleeuwse pausen. Een moderne paus kan het dan toch weer beëindigen?

Ongelijkheid

Democratie in nood

„De democratie is méér dan een besluitvormingsmachine, ze is een samenlevingsvorm, rustend op gelijkheid”, overdenkt Luuk van Middelaar de relatie tussen democratie en liberalisme in zijn column van 21 september. Het is in deze interessant die andere politiek filosoof te citeren, de Brit John Locke, een van de grondleggers van de westerse democratie, de mensenrechten en het liberale laissez-faire: „Wanneer de mensen met elkander leven, overeenkomstig de rede, zonder een gemeenschappelijke superieur op aarde, zonder een gezag dat over hen oordeelt, is dit praktisch de natuurstaat.” Je koppelt het citaat wellicht niet direct aan Locke, constateerde ook filosoof Bertrand Russell al, omdat het eerder doet denken aan een samenleving van nobele anarchisten dan aan een strak top-down bestuur dat vooral het bezit van de rijken moet beschermen, waar Locke beter bekend van is. Maar het maakt nog maar eens duidelijk hoe het werk van Locke vol tegenstrijdigheden zit: zo verwijst hij enerzijds naar de Bijbelse natuurstaat (de Hof van Eden) waar mensen gelijk zouden zijn geweest, anderzijds verdedigde hij de monarchie en ontzegde hij bezitlozen het burgerrecht. We mogen hier gerust stellen dat er de afgelopen eeuwen uit het werk van Locke zeer selectief gewinkeld is, om belangen van de bezittende klasse te verdedigen tegenover iedereen die ze ter discussie stelde. Zoals bijvoorbeeld ook het werk van Darwin meestal eenzijdig geïnterpreteerd werd om het kapitalisme te rechtvaardigen (‘the survival of the fittest’). Ook Darwins werk kan heel anders geïnterpreteerd worden, zoals bijvoorbeeld de Russische anarchist Pjotr Kropotkin dat deed in Mutual Aid (1902). Wat ik hiermee duidelijk wil maken, is dat als columnist Luuk van Middelaar nu stelt dat inmiddels zelfs het weekblad The Economist, ‘Brits liberaal baken sinds 1843’, niet langer kan ontkennen dat westerse democratische instituties lijden onder de toenemende economische ongelijkheid, het ook een hoopvolle boodschap is. Immers als vanwege de toenemende ongelijkheid de nood in de samenleving toeneemt, is de redding van de democratie middels andere interpretaties (interpreteren is een werkwoord!) van de klassieke werken allicht nabij.

Docent maatschappijwetenschappenSchrijvershuizen

Zo pak je dat aan

Wat een goed idee van Marita Mathijsen (Opinie, 22/09) om Nederland te verrijken met aansprekende schrijvershuizen. Ik zou zeggen: laten we beginnen met de Grote Drie: Mulisch, Hermans en Wolkers in respectievelijk Haarlem, Oegstgeest en Amsterdam – hun geboorteplaatsen.

Hoe je dat zou kunnen aanpakken, heb ik begin dit jaar gezien in Arequipa, de tweede stad van Peru en wieg van Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa. Sinds een paar jaar is daar in een fraai koloniaal pand een museum geopend met een interactieve audiovisuele presentatie. De bezoeker wordt door een vriendelijke dame meegenomen door de decors en landschappen van zijn fantastische verhalen, aangevuld met muziek, film en geluidsfragmenten die hij zelf heeft ingesproken. Ik ging er heen in de verwachting manuscripten, foto’s en curiosa aan te treffen maar kwam verbluft naar buiten. Dit was geen obligaat eerbetoon maar een ontdekking. Nog dezelfde week heb ik in Peru een paar van zijn boeken (in het Spaans) aangeschaft en ben meteen begonnen met lezen.

Heerlen

Tien euro entree?!

Radioloog Erik-Jan Haanraadts stelt in zijn ingezonden brief (22/09) een financiële drempel voor bij een bezoek aan de huisarts. „Een bescheiden bijdrage van tien euro, of de prijs van een pakje sigaretten”, schrijft hij. Daarmee wil hij voorkomen dat er onnodig wordt doorverwezen naar dure specialisten op kosten van de belastingbetaler.

Geachte heer Haanraadts, ik betaal 103 euro per maand voor de basisverzekering. Voor dat geld consumeer ik zo’n drie keer per jaar een huisarts en één keer per jaar een bezoek aan een praktijkondersteuner. Vanwege het eigen risico betaal ik zelf mijn medicatie. Als ik dan ook nog tien euro per consult bij moet betalen, zou ik wellicht enkele bezoeken laten zitten, of dat wijs is of niet. Van tien euro kan ik twee dagen eten. Ik kan dit geen „bescheiden bijdrage” noemen.

Een huisarts is niet voor niets zonder bijbetaling. Mensen die zich aan de verkeerde kant van de inkomenskromme begeven, zullen zich – als u uw zin krijgt – wel twee keer bedenken voor ze naar de huisarts gaan. Dat zorgmijden kost de samenleving uiteindelijk waarschijnlijk veel meer dan uw plan oplevert.