Opinie

    • Ben Tiggelaar

Oog in oog met Obama

Column Ben Tiggelaar interviewde vrijdag oud-president Barack Obama. Hij beschrijft de zeven belangrijkste ‘take-aways’ uit het gesprek.

Barack Obama en Ben Tiggelaar op het congres Forward Thinking Leadership Foto Dan Taylor

Vrijdag om 18.05 uur was het zover. Oog in oog met Barack Obama. Ik mocht hem een uur lang ondervragen over leiderschap tijdens een congres in Amsterdam. Hier zijn de zeven belangrijkste ‘take-aways’ uit ons gesprek.

  1. Leiderschap begint met luisteren.

    Toen Obama president was, las hij elke avond, acht jaar lang, tien brieven van burgers. Om te zorgen dat de geluiden vanuit de samenleving doordrongen in de ‘bubble’ van het Witte Huis. „Het maakte de cijfers en het beleid heel concreet. En het herinnerde mij eraan dat de keuzes die we maakten invloed hadden op miljoenen levens.”

  2. Goed communiceren begint met eerlijkheid.

    Obama wordt door vriend en vijand gezien als een knap spreker. Wat is zijn geheim? „Trucs op het gebied van charisma, een bepaalde stijl of toon, dat wordt allemaal overschat. Effectieve communicatie begint met één ding: dat je gelooft wat je zegt. Dat je de tijd neemt om je af te vragen wat echt belangrijk is voor jou en dat zo eerlijk en helder mogelijk vertelt als je kunt.”

  3. De kracht van verhalen.

    „Wat mensen onderscheidt van andere levende wezens is dat we elkaar verhalen vertellen.” Obama houdt van storytelling. „Verandering is soms beangstigend en daarom hebben we goede verhalen nodig. Bijna al mijn speeches bevatten wel een geschiedenisles. Dit is waar we vandaan komen en dit is waar we naartoe gaan. Dan kunnen mensen zich er iets bij voorstellen.”

  4. Wanhoop niet.

    Hoe kijkt Obama ertegenaan dat Trump bezig is zijn erfenis weer af te breken? „Afbreken, dat is niet wat er gebeurt. Dit is het normale proces van vooruitgang. Twee stappen vooruit, een stap terug.”

    Maar waaruit put hij dan zijn hoop? „Jonge mensen maken me optimistisch. Zij kunnen veel beter uit de voeten met verschillen tussen mensen, zijn niet bang voor creativiteit of ondernemerschap. Dat zie je over de hele wereld. De vraag is alleen soms of de oude generatie plaats wil maken. Zodat we het niet te erg verknallen en te lang wachten met het aanpakken van bijvoorbeeld het klimaatprobleem of ongelijkheid.”

  5. Zorg dat je personeel niet in de gevangenis belandt.

    „Ik was de eerste president in lange tijd die geen last had van schandalen. En niemand van het personeel werd aangeklaagd of kwam in de gevangenis, haha.” Toen Obama aantrad, in 2009, stelde hij meteen een ‘chef ethiek’ aan en stelde hij een paar simpele regels op. Zoals: als een bijeenkomst ‘te leuk’ is, mag je er niet naartoe. Obama: „Een conferentie op Hawaï, mag ik daar naartoe? Nee, sorry, dat is té leuk. Mag niet.”

  6. Humor helpt.

    Gevoel voor humor is belangrijk voor leiders. Want juist als je je werk echt serieus neemt, helpt het om jezelf niet al te serieus te nemen. „Humor helpt om de dingen in perspectief te blijven zien. Anders loop je het risico te denken dat het om jou draait. Maar het is het werk dat telt. Door om jezelf te lachen blijf je gericht op wat belangrijk is.”

  7. Vraag je af: wat telt?

    Het is een klassieke vraag, waar Obama zelf over begint: „Ik weet zeker: als ik op mijn sterfbed lig, dan denk ik aan de momenten dat ik de hand van mijn dochters vasthield en ze meenam naar het park.” Niet de legendarische toespraak voor de Democratische Conventie in 2004. Niet het klimaatakkoord van Parijs. „Veel van mijn huidige medewerkers hebben jonge gezinnen. Ik adviseer ze; investeer minstens evenveel tijd in dit belangrijkste project, als in het project waar je voor wordt betaald.”

Ben Tiggelaar is gedragsonderzoeker, trainer en publicist. Hij schrijft elke week over management en leiderschap.
    • Ben Tiggelaar