Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Linda-pruik

Het tijdschrift Linda stuurde al haar relaties vanwege het vijftienjarig bestaan een blonde Linda-pruik in een doorzichtig doosje. En ook het laatste nummer met op de cover veertien, volgens Linda, ‘leuke mannen’. Ze hadden allemaal die pruik op, waardoor ze nog meer op Linda de Mol gingen lijken.

Ik vind Peter Paul Muller, Paul de Leeuw, Martijn Krabbé, Guus Meeuwis, Ruben Nicolai, Waldemar Torenstra, Jeroen van Koningsbrugge, Alex Klaasen, Beau van Erven Dorens, Carlos Lens, Rop Verheijen, Ruben Hein, Peter Heerschop en Viggo Waas ook zonder pruik al op Linda lijken. De interviewtjes over hun ‘speciale band’ bevestigden dat vriendschap in de wereld van Linda van elastiek is.

Jeroen van Koningsbrugge: „We zijn vrienden. We zijn allebei te druk om de deur bij elkaar plat te lopen, maar zodra we elkaar weer zien, bam: meteen weer vertrouwd en gezellig.”

Op Twitter, toch de graadmeter of een ludieke actie geslaagd is, vond iedereen de Linda-pruik hilarisch en origineel. Mensen kwamen niet meer bij van het lachen om al die BN’ers met Linda-haar.

Er doken ook steeds meer foto’s op van mensen die net als ik ook een cadeau van Linda hadden gekregen. Ik zag de man van Sylvia Witteman, Roos Schlikker, dinges van Blendle en Evert Santegoeds voorbijkomen als Linda en op de redactie van PS Magazine van Het Parool werd volgens chef Judith Zilversmit zelfs gevochten om de pruik op te mogen zetten.

Ondertussen was ik alleen thuis met de kinderen en kon ik de verleiding niet weerstaan om ze te laten schrikken door als Linda de Mol terug te komen van het toilet.

De jongste (1) schoot in een huilbui, de oudste (3) sloeg me woedend en riep dat ik mama niet was. Ik maakte een paar selfies om de vriendin te verrassen die in de trein naar Eindhoven zat. Ik gooide mijn Linda-haar naar achteren en tuitte de lippen. Het huilende kind op mijn arm maakte het plaatje helemaal af.

„Zet maar weer af”, sms’te ze terug. „En zo niet het dorp inlopen.”

Ik keek wel uit.

Ze vinden ons daar al raar en travestie leek me hier nog echt een ding dat alleen mag als je de volgende dag gaat trouwen. Met een vrouw.

Terwijl ik haar geruststelde met een ‘natuurlijk loop ik zo niet naar buiten’ stond de man die het hek kwam maken mij met nauwelijks verholen minachting vanuit de tuin aan te staren. Ik trok snel de pruik van mijn hoofd, wat de indruk moet hebben versterkt dat ik me betrapt voelde.

Ik zei dat Linda de Mol me ongevraagd een pruik had opgestuurd.

Hij hoefde geen koffie en hij hoefde het ook niet te weten.

Moest hij het hele hek naar beneden trekken of alleen dat stuk met dat gat erin?

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.

    • Marcel van Roosmalen