Leg die bril al-tijd op tafel

In deze rubriek elke week iets wat kwijt is. Ook iets kwijt? Stuur een mail aan kwijt@nrc.nl.

In zijn klassieke boek Zen and the art of Motorcycle Maintenance (1974) beschrijft Robert Pirsig een bezoek aan de garage van monteur Bill. Hij ziet meteen dat Bill een sleutelaar met een „fotografische geest” is. Alles ligt door elkaar, zijn werkbank is bedolven onder nieuwe en oude onderdelen, moersleutels, tangen, schroevendraaiers, handboeken en binnenbanden. Ik zou zelf niet in dergelijke condities kunnen werken, zeg Pirsig. Bill wel, hij draait zich om en plukt uit de chaos precies wat hij nodig heeft. „Maar verplaats een sleutel tien centimeter naar links en hij kan ’m niet vinden.”

Ik denk niet dat er veel mensen zijn die zo’n fotografische geest hebben. Wie zijn portemonnee, oplader of leesbril kwijt is, kan proberen zich een beeld te vormen van de laatste verblijfplaats van dat object. Meestal is dat een achterhaald beeld. Dat ding was daar misschien wel, maar nu in ieder geval niet. Ook niet tien centimeter naar links.

In mijn eigen strijd met wegrakende voorwerpen probeer ik mezelf te trainen in twee methoden om te voorkomen dat ik naar iets moet zoeken.

De eerste is automatiseren. Hang bij binnenkomst je sleutels nou meteen op, zo spreek ik mezelf toe, en leg je portemonnee altijd in die bovenste la. Laat de oplader altijd in dat ene stopcontact zitten. Leg je leesbril altijd op tafel, niet op een boekenplank. Doe dat automatisch, zonder dat je erover nadenkt. Ik ken een werkman die zijn gereedschap altijd op dezelfde manier om zich heen deponeert, waar hij ook komt. Als hij op een steiger staat, legt hij een doekje neer en bakent zo steeds hetzelfde legbord af voor zijn tangen en schroevendraaiers. Een routine die hem veel tijd bespaart.

Automatiseren werkt goed, maar het probleem is dat het leven niet alleen uit routines bestaat. Je bent ook weleens onderweg. Er gebeurt iets onverwachts, of je moet iets wegleggen dat je pas morgen nodig hebt. Dan is het tijd voor de tweede methode. Leg of stop het niet gedachteloos weg, maar kijk en denk terwijl je dat doet. Maak er een geestelijke foto van. De Nederlandse taal heeft daar een prachtig woord voor: inprenten.

Inprenten is effectief, maar er is een probleem. Je moet er wel aan denken. Dat je in sommige gevallen heel bewust iets moet wegleggen of in je zak moet stoppen, dat moet je jezelf wel, eh, inprenten.

    • Warna Oosterbaan