Opinie

    • Georgina Verbaan

Naaktkat

Mijn dochter en ik mochten onlangs aan de katten van een vriendin ruiken. Drie Siberische haarballen zaten voor ons klaar om besnuffeld te worden. Merkkatten. Als topmodellen tijdens een privémodeshow in een atelier te Parijs liepen ze om beurten een rondje over de keukentafel. Ze zouden apporteren, deze katten. Leuk. „En ze maken alle kasten open.” Ook leuk. Maar na een half uur zat mijn dochter toch met rode ogen. Ze is namelijk ineens allergisch voor katten. Mijn kind! Hoe is zoiets toch mogelijk? Deze katten zouden antiallergeen zijn, maar blijkbaar niet voor iedereen. Jammer.

Ik zoek een nieuwe kat voor mijn kat Fred. Fred is een gewone kat. Hij slaat, slaapt, stinkt, vernielt en bedelt. Fred mag niet weg. Daar zijn we het over eens. Zolang ze hem niet knuffelt gaat het wel en als ze hem liefdevol wil knevelen neemt ze een pilletje. Maar Fred heeft sinds de dood van Sasaman een vriend nodig en dat moet er een zijn die zij kan knuffelen. Helaas geen gewone asielkat dus. Daarom overweeg ik een naaktkat. Ik belde een vriend om het te vertellen.

„Ik wil een naaktkat.”

„Nee! Waarom!? – Sorry, moet even afrekenen.”

„Voor Fred en Die Korte.”

„Voor jezelf dus? – Nee, bonnetje hoeft niet.”

„Naaktkatten zijn antiallergeen.”

„Naaktkatten zijn doodeng!”

„Als je goed kijkt zijn het gewoon katten hoor, maar dan zonder haar.”

„Ik heb eens zeven uur met een naaktkat doorgebracht, vreselijk.”

„Hoezo?” Hij vertelde dat hij ooit in de jury van de verkiezing van Het Huisdier van het Jaar 2007 zat.

‘Hoe vaak gaat er bij mij thuis nou een confettikanon af?’ ‘Oké, zelf weten’

‘Maar jij houdt helemaal niet van huisdieren!” wierp ik tegen. Dat negeerde hij professioneel – zoals het een jurylid van een verkiezing waar hij/zij niets mee heeft betaamt – en hij vertelde verder over dat het in het grootste tuincentrum van Nederland was, dat er een hond met een benijdenswaardig kapsel was, een vogel die „onder gewone omstandigheden écht praat hoor” en een hele verzameling andere dieren waaronder een konijn en die naaktkat dus. Het konijn won. Confettikanonnen gingen af en de naaktkat sprong op en rende weg, het grootste tuincentrum van Nederland in. Tijdens de aftiteling – het bleek een tv-programma – was achter de glimlachende presentatrice en de juryleden te zien hoe het baasje van de naaktkat het dier in allerijl aan het zoeken was. „Hier is een filmpje van?” Weer geen reactie want zijn verhaal was nog niet klaar. Toen ze uit de lucht waren moest iedereen meehelpen zoeken. Aquaria, plastic reigers, exotische planten en bbq-sets, nee, na een uurtje had hij zijn portie tuincentrum wel gehad. En net toen hij bij de organisatie wilde aankaarten dat hij ook nog andere dingen te doen had en hij in zijn functie als jurylid de zoektocht naar een dier toch al wel volbracht had, werd in een muur, nee, een soort Bijlmermeer van terracotta, de rillende naaktkat gevonden in een middelgrote pot. „Hoe vaak gaat er bij mij thuis nou een confettikanon af?” „Oké, zelf weten.” „Nou ja, een naaktkat is ook heel duur, we gaan anders eerst wel naar zo’n pseudowetenschappelijke charlatan waar je met een buisje allergenen in de hand op een massagetafel moet liggen.” „Ja, beter.”

    • Georgina Verbaan