Recensie

Corpsballen zijn mensen in Van Erps ‘Niemand in de stad’

Openingsfilm NFF

De openingsfilm van het Nederlands Film Festival stoot door naar de twijfelende jongens achter de karikaturale schoften.

Niemand in de stad verrast, bedroeft en vertedert: de ideale aftrap voor het Nederlands Film Festival. Beeld Filmstill

Het was een moeizame exercitie geworden: een sterke openingsfilm voor het Nederlands Film Festival (NFF) vinden. Maar na niet erg geslaagde openingen als De Held en Tulipani bleek Niemand in de stad donderdagavond in de Utrechtse Stadsschouwburg de ideale aftrap voor het 38ste NFF: een film die verrast, bedroeft en vertedert. Terwijl het toch echt over corpsballen gaat.

Gelauwerd documentairemaker Michiel van Erp maakt op 54-jarige leeftijd zijn speelfilmdebuut. Eerder bewees collega Boudewijn Koole met Kauwboy al dat zo’n overstap tot voortreffelijk resultaat kan leiden. Gebaseerd op de roman van Philip Huff speelt Niemand in de stad zich af rond een Amsterdams studentencorps. Een milieu dat in Nederland na recente ontgroeningsschandalen in opspraak is. In de VS bedreigen seksistische corpsrituelen – en ralphing, en boofing – de benoeming van rechter Brett Kavanaugh in het Hooggerechtshof.

Niks nieuws onder de zon: met arrogant wangedrag zet de toekomstige elite zich van oudsher af tegen klootjesvolk, in het besef dat het ‘old boys network’ waar men spoedig deel van uitmaakt de jeugdzondes wel toedekt. In de film figureert het corps tegenwoordig vaak als incubator van ‘toxische masculiniteit’ en ballen als karikaturale schoften of idioten. Denk aan het Britse The Riot Club, waar misdaden van elitaire snotjongens met de mantel der liefde worden bedekt. Of het wezenloze feestgedruis in de Nederkomedie Feuten. Of Lullo’s van Jiskefet.

Dat maakt Niemand in de stad een opvallende film. Kakkers zijn mensen, durft Van Erp te beweren. Jongens die zuipen, brallen en keten, akkoord. Jongens die met borden gooien en dertien borrelnootjes onder hun voorhuid proppen. Maar die ook de schoonheid van een pianostuk ervaren („godverdomme mooi man”) of filosoferen waarom hun sociëteit blinde muren heeft. Zodat niemand naar binnen kijkt? Welnee, zodat wij niet naar buiten hoeven te kijken. Want volwassenheid komt „eigenlijk altijd ongelegen”, liever je zo lang mogelijk onderdompelen in een jongensfantasie van drank en „hijgende hertjes”.

In Niemand in de stad is het corps vooral decor: voor de éducation sentimentale van Philip Hofman (Minne Koole) Hij woont in het Weeshuis, een studentenhuis aan de Prinsengracht, en is verknocht aan feestneus Matt (Jonas Smulders) en romanticus Jacob (Chris Peters). Maar kent hij ze ook? Hun bravoure maskeert kwetsbaarheid, ontdekt hij gaandeweg: de drie vrienden hebben narcistische, afwezige vaders gemeen, en een misplaatst zelfbeeld. Zo bemint Philip zijn „hijgende hertjes” als een pornoprofessional, maar ontdekt hij door geschipper tussen een oude en nieuwe vriendin dat hij gewoon een bange slapjanus is.

Michiel van Erp lijkt als een documentairemaker met zijn camera zo nu en dan op te duiken in de studietijd van Philip: de losse vertelstijl houdt de zaken naturel, al helpt de sterke chemie van de drie jonge acteurs ook. Ze zijn nadrukkelijk geen dwarsdoorsnede van het corps: met hun gedeelde kapsels, uniform en vader-issues lijken ze soms eerder een drieling. Dat maakt hun band ook geloofwaardig intiem.

Silvia van der Heiden debuteert op het 38ste Nederlandse Film Festival als directeur. Met hier en daar een binnenbrandje. Lees ook: Gouden Kalveren kunnen niet zonder kinnesinne

Niemand in de stad is een soms lyrisch, soms melancholiek groepsportret over vriendschap en volwassen worden: wat je leert en wat je verliest. Van Erp richt zich niet gemakzuchtig op het defensieve mannetjespantser, maar stoot door naar de boterzachte, twijfelende jochies daaronder. Want niemand is wie hij lijkt te zijn uiteraard. Een knappe film.

Nederlands Film Festival, t/m 5/10, diverse locaties in Utrecht. Uitreiking Gouden Kalveren op 5/10, Stadsschouwburg Utrecht. Inl: Filmfestival.nl
    • Coen van Zwol