‘Regering wist van misdaden Syrische rebellen’

Het kabinet zou door een Amnesty-rapport op de hoogte zijn van de oorlogsmisdaden van Jabhat al-Shamiya en besloot toch om de rebellengroep te ondersteunen.

Foto EPA

De Nederlandse regering was tot in detail op de hoogte van misdaden die werden begaan door Jabhat al-Shamiya, maar besloot toch om de Syrische rebellenbeweging te ondersteunen met logistieke middelen. Dat schrijven Nieuwsuur en Trouw woensdagavond op basis van een mailwisseling tussen Amnesty International en Buitenlandse Zaken.

De mensenrechtenorganisatie zou in de zomer van 2016 aan toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders hebben gevraagd om zijn invloed aan te wenden om landen die op dat moment Jabhat al-Shamiya steunden, over te halen de hulp onmiddelijk te staken. Aanleiding was het Amnesty-rapport ‘Marteling was mijn straf’ waarin onder meer geschreven werd over executies die voltrokken werden door Jabhat al-Shamiya. Dit rapport werd herhaaldelijk onder de aandacht gebracht bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, blijkt uit mails in handen van Nieuwsuur en Trouw.

Niettemin besloot het kabinet een jaar later om de groepering te ondersteunen met logistieke hulp, zoals pick-uptrucks en uniformen. Deze hulp werd begin 2018 stopgezet.

Lees ook: Maar zíjn het nou terroristen, of niet?

Koenders sprak over rapport

Daarnaast zouden medewerkers van Amnesty op 6 augustus 2016 een gesprek hebben gehad met de Nederlandse Syrië-gezant Gerard Steeghs over de oorlogsmisdaden van rebellenbewegingen in Syrië. Bij deze bijeenkomst werd het rapport overhandigd. Hierin komt ook naar voren dat Jabhat al-Shamiya burgers heeft ontvoerd in Noord-Syrië en lokale sharia-rechtbanken steunde, waar de doodstraf staat op afvalligheid.

Het bewuste rapport kwam tevens ter sprake tijdens een commissievergadering tussen Kamerleden en toenmalig minister Koenders op 7 juli 2016, twee dagen na de publicatie. De PvdA-minister zei toen dat de mensenrechtenorganisatie terecht aandacht vraagt voor de misstanden. “Je kan altijd zeggen: ‘het komt even niet goed uit’, maar mensenrechtenschendingen zijn mensenrechtenschendingen”.

Blok: toezicht had beter gekund

Huidig minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken (VVD) erkent woensdagavond laat dat er beter toezicht gehouden had kunnen worden op de Syrische rebellen. Hij stelt dat de monitoring adequaat was, maar dat “nog strakkere monitoring” op zijn plaats zou zijn geweest. Hij doet dat niet direct in reactie op de berichtgeving over het Amnesty-rapport, maar in antwoord op bijna vierhonderd Kamervragen.

Volgens Blok is er geen sprake geweest van bewuste steun aan terreurgroepen:

“Veel zaken zijn gelopen zoals ze bedoeld en voorzien waren. Risico’s zijn echter nooit helemaal uit te sluiten. De bredere beeldvorming dat Nederland terroristische organisaties gesteund zou hebben is echter onjuist.”

De minister geeft wel aan dat hij uit de ervaringen in Syrië lessen wil trekken voor de toekomst, maar waarschuwt dat werken in dit soort gevaarlijke gebieden nooit makkelijk zal zijn:

“Uitvoering van programma’s in conflictgebieden is altijd moeilijk en met risico’s.”

Volgende week moet Blok zich in de Kamer verantwoorden voor de Nederlandse steun aan Syrische rebellen.

‘Mogelijke schending volkenrecht’

In de uitzending van Nieuwsuur zei extern volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper dat hij op basis van de rapporten ook in 2015 “ernstige twijfels” zou hebben over het programma. Nederland begon in dat jaar Syrische rebellen te steunen met logistieke middelen. Volgens Nollkaemper staat deze hulp mogelijk op gespannen voet met het volkenrecht. Hij heeft dit oordeel, op verzoek van Kamerleden, woensdag toegelicht in een advies aan het parlement.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken besloot in 2015 geen advies te vragen aan Nollkaemper, maar af te gaan op het oordeel van de eigen juridische adviseurs. Nollkaemper bekritiseert deze gang van zaken en wil dat het interne advies ook publiekelijk wordt besproken. Komende donderdag is Nollkaemper, samen met onder meer oud-Syrië gezant Koos van Dam, een van de deskundigen bij een hoorzitting over de Nederlandse steun aan Syrische rebellen, georganiseerd door de commissie van Buitenlandse Zaken. Volgende week volgt het Kamerdebat over de kwestie.

    • Arjan Meesterburrie
    • Huib de Zeeuw