Opgevoed: Mag ik me mengen in wat de kleinkinderen eten?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen.

Illustratie Martien ter Veen

Oma: „Mogen wij ons als grootouders bemoeien met wat onze kleindochters eten? Wij hebben twee dochters, die ieder twee dochters hebben. De ene dochter houdt nauwgezet alles wat haar kinderen eten in de gaten en de andere dochter verbiedt niets. De kinderen van de één zijn keurig geproportioneerde pubermeisjes: lang en slank. De twee meisjes van de ander zijn in onze ogen echt te dik. Laatst zagen we op een gezamenlijke vakantie wat er allemaal naar binnen ging: boterhammen met boter, pindakaas en daarbovenop nog hagelslag. IJsjes van drie, vier bolletjes. Belgische bonbons, chips, chocoladerepen. Wij vinden dat ouders hun kinderen de verleidingen moeten leren te weerstaan. Maar het bespreekbaar maken van dit onderwerp ligt gevoelig want het zijn per slot kritische kanttekeningen op hun manier van opvoeden en dat is niet welkom. Moeten wij hier nu in het belang van onze kleindochters toch iets van zeggen?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Niet belerend doen

Bas Levering: „Dit zijn bijzondere grootouders, want meestal liggen de rollen omgekeerd en ergeren de kinderen zich aan grootouders die hun kleinkinderen volstoppen met zoetigheid.

„Om de relatie met de kinderen goed te houden, kunnen grootouders zich beter niet met de opvoeding van de kleinkinderen bemoeien. De ouders zijn verantwoordelijk. Bovendien is er geen eensgezindheid over wat goede voeding is. We worden overvoerd met informatie, die vaak ook nog eens tegenstrijdig is. Daarbij is er een overtrokken nadruk op slank zijn in onze samenleving. Er zijn zelfs deskundigen die zeggen dat je kinderen te dik laten worden een vorm van kindermishandeling is. Ik vind dat je daarmee de ernst van echte mishandeling bagatelliseert.

„Dat wil niet zeggen dat u uw eigen opvattingen over gezonde voeding niet mag delen. Waarom zouden de dochters de opvattingen van hun ouders niet mogen kennen? Zolang u het maar niet belerend doet.

„Wat u zeker kunt doen is, als de kleinkinderen bij u zijn, ze verleiden gezond te eten. De tijd dat gezonde voeding per definitie niet lekker was is allang voorbij. Ik kan me niet voorstellen dat de ouders daar bezwaar tegen hebben.”

Een begripvolle houding

Jutka Halberstadt: „Ongezond eetgedrag en overgewicht kunnen op korte en lange termijn bij kinderen voor lichamelijke en psychische klachten zorgen. Daar maken we ons terecht zorgen over. Kinderen kunnen worden gepest, suikerziekte krijgen, etcetera. Maar overgewicht bij kinderen is nooit slechts een gevolg van te veel ijsjes op vakantie. Het kan met aanleg te maken hebben. Of met een gebrek aan beweging, als het de kinderen ontbreekt aan een omgeving om buiten te spelen. Huiselijke omstandigheden kunnen een rol spelen. Een regelmatig gezond eetpatroon vereist inspanning, en misschien zijn de ouders daar vanwege persoonlijke omstandigheden zoals ziekte, stress of geldgebrek niet altijd toe in staat. Is er misschien verdriet in het gezin, en wil moeder de kinderen in de vakantie verwennen met vier bolletjes ijs?

„Als u het gesprek met de moeder wilt aangaan, is het belangrijk om te beseffen dat ál die factoren een rol kunnen spelen. Daarom zou ik er alleen over beginnen als het op een steunende en begripvolle manier kan. Een kritische houding werkt voor een open gesprek averechts.”

    • Annemiek Leclaire