Recensie

Zemtsovs machtige toon en meeslepende vertelkracht

Altvioliste Dana Zemtsov (1992) belichaamt de globalisering: geboren in Mexico-Stad, met Russisch-Joodse ouders, naar een Franse school in Noorwegen gegaan en opgegroeid in Nederland. Juist omdat haar eigen identiteit zo diffuus is, zocht Zemtsov voor haar derde solo-cd naar werken die krachtig de cultuur waaruit ze voortkomen ademen – vandaar de titel Essentia. Met het Nationaal Symfonieorkest van Estland, geleid door Daniel Raiskin, speelt Zemtsov onder meer Blochs Joodse memoires Baal Shem en een bewerking uit Paganini’s feestelijke Il carnevale di Venezia. Die afwisseling van melancholische en hoogenergetische stukken (Brahms’ Vijfde Hongaarse dans) geeft de cd zijn karakter. De repertoirekeuze doet iets conventioneler aan dan bijvoorbeeld op haar debuut Enigma (2014), maar Zemtsovs machtige toon en meeslepende vertelkracht zijn er niet minder om. Zo maakt ze van Preghiera van haar docent Michael Kugel een statische, maar stemmige evocatie. Bartóks Altvioolconcert, na zijn dood voltooid door Tibor Serly, is het meest substantiële werk en vormt dankzij een bevlogen lezing het hoogtepunt.

    • Joep Stapel