Recensie

Ook in het theater laat Jan Rot ‘Mien’ op ‘androgyn’ rijmen

Recensie

Jan Rot is tamelijk briljant in Nederlandstalige bewerkingen van bekende liedjes. Maar in zijn nieuwe programma ‘Het beste’ wil hij ook wel eens lollig zijn.

Jan Rot (midden rechts) en zijn band, de Jan Rotband. Foto Jaap Reedijk

„U staat oog in oog met de kóning van de hertaling. Hoe doet-ie dat?”

Nou, dat zullen we weten. Bij de première van zijn nieuwe programma Het Beste (moet nog komen) geeft Jan Rot een kleine cursus in het hertalen van een bekend lied. Zoek eerst het sleutelwoord of de sleutelzin. Vertaal die niet letterlijk, maar zorg dat er andere zinnen op rijmen. Zijn hertaling van Bruce Springsteens ‘Fire’ bleek in de Kleine Komedie zo onverwacht en scabreus dat hij meteen de lachers op zijn hand had.

Jan Rot (60) is tamelijk briljant in die bewerkingen, van zijn geheel van God los geschreven Matteüs-passie tot ‘A Boy named Sue’ van Johnny Cash, waarin hij ‘Mien’ op ‘androgyn’ laat rijmen. Met zijn uitmuntende band leidde hij het publiek door de jaren, van zijn mislukte Engelstalige avontuur met Herman Brood tot het prachtige lied ‘Stel dat het zou kunnen’ over zijn dode moeder. Daarmee won hij in 2016 de Annie M.G. Schmidtprijs. Zijn eigen liedjes zijn vaak nog beter dan de 63 nummer 1-hits die hij zong, „helaas alleen nummers van anderen”.

In zijn theaterprogramma doet Rot lollig en dat gaat hem niet altijd goed af. Iets te vaak is hij de aangeschoten oom die op een verjaardag met een raar stemmetje een slechte mop vertelt. Na de pauze zakt het programma in, als hij boven zijn macht zingt in een flauw ‘Angie’ van de Stones (‘Ankie’) en ook de verplaatsing van Billy Joels ‘Goodnight Saigon’ naar de politionele acties in voormalig Nederlands-Indië blijkt letterlijk te hoog gegrepen. En dan wandel je toch weer naar buiten terwijl je ‘Counting sheep’ loopt te neuriën. Jan Rot is een groot liedjesschrijver, geen onontkoombaar verteller van zijn eigen autobiografie.

    • Jan Vollaard