‘Het kabinet straalde uit: dit zijn niet onze mensen’

Joos Koster Broer vermoorde journalist De broer van de in 1982 in El Salvador gedode Koos Koster kijkt terug nu de opdrachtgever van de moord is gevonden. „Ik zei: ‘Ga niet! Het is daar een hel.’”

Demonstratie voor het Amerikaanse consulaat op het Museumplein in 1982 naar aanleiding van de vier vermoorde Nederlandse Ikon journalisten in El Salvador. Paul Eijzinga/ANP

Eind februari 1982 bezocht journalist Koos Koster zijn drie jaar jongere broer Joos in diens boerderij in Gouda. Ze spraken tot diep in de nacht over de voorgenomen reis van Koster met drie collega’s naar El Salvador. Koos Koster wilde daar een documentaire maken over de burgeroorlog en de onderdrukking door het rechtse regime van de grotendeels arme bevolking.

Joos Koster: „Koos was, net als zijn drie collega’s, geraakt door de onvoorstelbare ellende daar.” Foto Bram Petraeus

„Ik had diep respect voor mijn broer dat hij die missie wilde uitvoeren”, zegt Joos Koster, 36 jaar later. „Koos had de vaste overtuiging dat hij persoonlijk medeverantwoordelijkheid droeg voor de grove schendingen van alle menselijke waardigheid in El Salvador. Toch zei ik tegen hem: ‘Doe het niet. Ga niet! Het is daar een hel. Ga hier desnoods bij mij op een hooiberg zitten en schrijf de dingen van je af.’ Ik zie in mijn herinnering nog zijn paspoort in de kamer liggen. ‘Ik gooi dat paspoort in de kachel’, dacht ik.”

Lees ook: ‘Opdrachtgever moord IKON-journalisten gevonden’

Joos Koster liet het paspoort ongemoeid en zijn broer vertrok naar El Salvador. „Koos was, net als zijn drie collega’s, geraakt door de onvoorstelbare ellende daar. Hij vond het zijn morele plicht om die in beeld te brengen en er iets aan te doen”, zegt zijn 79-jarige broer nu.

Enkele weken na het gesprek in Gouda liep Koos Koster in de jungle van El Salvador in een hinderlaag van het Salvadoraanse leger. Op 17 maart werd hij met zijn collega’s Hans ter Laag, Jan Kuiper en Joop Willemsen gedood. Ze waren per ongeluk terechtgekomen in een kruisvuur tussen regeringssoldaten en guerrillero’s, zo luidde de officiële lezing van de Salvadoraanse regering destijds. Een Zembla-uitzending van maandag bevestigde een lang bestaand vermoeden: ze zijn doelbewust geëxecuteerd door regeringssoldaten.

Het televisieprogramma reconstrueerde de gebeurtenissen ter plekke en sprak met diverse betrokkenen. Ook werd degene die opdracht gaf tot de executie geconfronteerd met de ware toedracht. Kolonel Mario Reyes Mena, woonachtig in de VS, joeg de journalisten van Zembla boos weg. „De zaak is al onderzocht”, zei hij. „Ik ben nooit aangeklaagd. Jullie zijn een onderdeel van een communistisch plan om wraak te nemen.” Inmiddels heeft de Tweede Kamer het kabinet opgeroepen om met de VS te onderzoeken hoe Mena toch berecht kan worden.

De broer van Jan Kuiper, een van de omgekomen journalisten, heeft recentelijk aangifte gedaan tegen Mena. U niet. Waarom niet?

„Mijn broer, Koos Koster, had heel veel aandacht gekregen, en na zijn dood ik als zijn broer, al was het maar omdat ik Latijns-Amerika kende. Ik was daar actief in het ontwikkelingswerk. Ik wilde niet de indruk wekken dat het om mijn mening draaide. De aangifte door de broer van Jan Kuiper is wel met mijn medewerking tot stand gekomen, en ook in mijn naam gedaan. Ik heb die kar niet getrokken, maar ik heb daaraan voorafgaand andere karren getrokken.

„Ik ben in 1992 naar El Salvador gegaan en ben op de plek geweest waar het allemaal was gebeurd. Ik heb daar toen betrokkenen gevraagd: ‘Doe serieus onderzoek.’ Ook heb ik een brief gestuurd naar de mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties. Ik vond dat het dossier van de vier journalisten dat onderop de stapel lag zo snel mogelijk bovenop moest komen te liggen. Dat heeft zaken aan het rollen gebracht, kreeg ik later de indruk.”

Lees ook: OM werkt al vijf jaar aan onderzoek naar moord op Ikon-journalisten

De Nederlandse regering accepteerde de officiële lezing van de Salvadoraanse regering, en deed weinig tot niets. Wat vond u daarvan?

„Ik vond dat niks natuurlijk. Maar de Nederlandse regering vond destijds wat de meeste mensen, ook journalisten trouwens, vonden: dat het om vier slechte journalisten ging, die aan onevenwichtige berichtgeving deden. Ze waren in veler ogen een soort cryptocommunisten. Koos had lange tijd in de DDR gewoond en vastgezeten in Chili na de militaire coup van 1973. Het kabinet straalde iets uit van: dit gaat niet over onze mensen. Hans van den Broek, destijds minister van Buitenlandse Zaken [CDA], had er niets mee.

„Relevant was ook wat er in 1987 gebeurde. Toen kwam de Salvadoraanse president Duarte op staatsbezoek. Hij ging zijn excuses aanbieden voor wat er in 1982 gebeurd was. Ons werd als familie van de omgekomen journalisten gevraagd om naar het paleis te komen om Duarte’s excuses in ontvangst te nemen. De koninklijke familie gaf de indruk aangedaan te zijn door het verhaal van Duarte. Maar het merendeel van ons heeft toen gezegd: ‘Wij gaan niet. Wij willen wel vergeven, en verzoenen, maar dan moet toch je eerst bekennen. Dan moet je niet doen alsof die jongens per ongeluk in een hinderlaag waren gelopen.’

„Achteraf heb ik weleens gedacht: was het niet te hard geredeneerd van ons? Hadden we toch niet naar het paleis moeten gaan? Zeker nu ik de uitzending van Zembla heb gezien, ben ik blij dat we dat niet hebben gedaan.”

De Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) bevestigt de ontvangst door de koningin van president Duarte op Paleis Noordeinde in 1987. „Na een snelle scan kan intern geen bevestiging worden gevonden van uitnodigingen aan nabestaanden van de betrokken IKON-journalisten”, laat de RVD weten.

Jan Greven, destijds hoofdredacteur van de IKON, waarvoor de vier werkten, zei dinsdag in Trouw dat Koos Koster en de anderen van de regels zijn afgeweken. De IKON had hen gevraagd het land te verlaten nadat ze korte tijd door de politie waren ondervraagd. Toch gingen ze op pad, onder meer omdat ze als freelancers niet met lege handen thuis wilden komen, aldus Greven. „We hadden de regel”, zegt Greven, „dat onze journalisten onmiddellijk terug moesten naar huis als hen zoiets overkwam. Maar dat wilde Koos Koster, de leider van deze ploeg, niet”.

Wat vindt u van de uitspraken van Greven?

„Ook de IKON en Greven hebben met de zaak geworsteld, dus ik wil hier niet hard over oordelen. Maar pijn deden zijn opmerkingen wel. Het ongelukkige is dat daardoor toch weer schuld en eigenwijzigheid in de schoenen van anderen wordt geschoven. Er is naar mijn mening geen sprake van schuld, er zijn alleen dilemma’s. Ik heb veel waardering voor Lejo Schenk, destijds eindredacteur van de IKON. Die nam de volledige verantwoordelijkheid voor de journalistieke missie naar El Salvador op zich, maar daarmee natuurlijk nog niet de schuld van de dood van de vier.

„Met zakelijke motieven hadden de overwegingen om in El Salvador te blijven niets te maken, met roeping des te meer. Ik heb als ontwikkelingswerker met mijn broer in Peru gewerkt. We zagen elkaar veel. Mijn broer voelde een morele plicht en beschikte over een sterke gedrevenheid. Ik vind het goede van de uitzending van Zembla dat de dilemma’s die dat werk met zich meebrengt, duidelijk voor het voetlicht zijn gebracht.”

    • Kees Versteegh