Op Lesbos verminken de getraumatiseerde kinderen zich

Kamp-Moria Hulpverleners op Lesbos constateren een toename in het aantal zelfmoordpogingen.

In het opvangcentrum van Moria wachten vluchtelingen om geregistreerd te worden zodat een asielprocedure kunnen starten. Het kamp is ernstig overbevolkt. Foto Panagiotis Balaskas/EPA

Getraumatiseerde kinderen die zichzelf verminken en denken aan zelfmoord. Ruzies en vechtpartijen in de rij voor voedsel. Eén douche voor zeventig mensen.

De omstandigheden in het vluchtelingenkamp Moria op het Griekse eiland Lesbos zijn zo slecht dat de regering onder grote druk staat om mensen te evacueren. Vorige week maakte het ministerie van Migratie bekend dat het voor het einde van de maand tweeduizend asielzoekers – voornamelijk ouderen, zieken en kinderen – zal overplaatsen naar het vasteland.

Lees ook het interview met topambtenaar Maarten Verwey: ‘Turkijedeal is gelukt, niemand wil oude situatie’

Te weinig en te laat, stellen hulporganisaties. „De omstandigheden zijn zo slecht omdat er geen doorstroming is”, zegt Nicolien Kegels van Artsen Zonder Grenzen telefonisch vanaf Lesbos. „Politici zeggen dat er geen plek is op het vasteland, terwijl daar diverse kampen leeg staan. Maar in aanloop naar de verkiezingen van volgend jaar wil niemand die kampen openen.”

De evacuatie van tweeduizend mensen zal de situatie op Lesbos niet significant verbeteren, denkt Kegels. „Onlangs zijn er al 750 mensen overgebracht naar het vasteland. Het waren vooral kwetsbare gevallen, die hier überhaupt niet horen te zitten. Het weekend erop kwamen er alweer 520 nieuwe mensen aan.”

„Het is pappen en nathouden”, zegt ook Steffi de Pous, oprichter van hulporganisatie Because We Carry. Ze werkt al drie jaar op Lesbos en heeft de situatie elk jaar zien verslechteren. „Elke keer wanneer de winter in aantocht is, slaan we alarm. Maar er leven nog altijd duizenden mensen op een stuk karton tegen een hek, waar ze hun kleren drogen als het heeft geregend.”

Moria is berekend op z’n 3.100 mensen. De omstandigheden en hygiëne zijn er nu zo slecht dat de regering onder druk staat om grote aantallen vluchtelingen en migranten te evacueren, naar (leegstaande) kampen op het vasteland.

Foto Giorgos Moutafis/Reuters

Overal staan tentjes

Er leven zo’n negenduizend mensen in Moria, terwijl het kamp slechts berekend is op 3.100. „Je kunt nergens meer lopen”, zegt Kegels. „Overal staan tentjes of hebben mensen zeilen gespannen. 2.500 mensen leven in het bos naast het kamp. Ze halen hout uit het bos en bouwen een onderkomen. Die verkopen ze aan andere migranten als ze worden overgeplaatst.”

Hulpverleners zien een toename van het aantal zelfmoordpogingen. „Mensen worden gek hier”, zegt De Pous. „Ze zijn getraumatiseerd, maar kunnen hun gevoelens niet uiten. Ze worden depressief en gaan in zichzelf snijden.”

Bekijk ook de inbeeld: De kampen op Lesbos: overbevolkt, onhygiënisch, gevaarlijk

Kinderen zien dat hun ouders machteloos zijn, zegt Kegels. „Dat is erg moeilijk voor ze. Daarbij is er geen veiligheid. Ouders moeten kiezen of ze hun kinderen meenemen in de rij voor eten, waar vaak gevechten uitbreken, of dat ze hen achterlaten in het kamp, met het risico dat ze slachtoffer worden van seksueel geweld.”

De toename van automutilatie en zelfmoord heeft volgens Kegels ook te maken met het beleid: alleen de meest kwetsbare gevallen worden overgeplaatst. „Het systeem vraagt mensen extreem zielig te zijn”, zegt Kegels. „De pogingen tot zelfmoord zijn authentiek, mensen zijn wanhopig. Sommigen leven hier al twee jaar. Maar het is ook een manier om toch nog ergens anders te komen.”

Correctie (27-09-2018): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Steffi de Pous oprichter is van hulporganisatie Carry to Care. Dat is onjuist. De organisatie die zij oprichtte heet Because We Carry. Hierboven is dat aangepast.

    • Toon Beemsterboer