Foto Koen van Weel/ANP

‘Ik denk dat 50 tot 70 procent kan stoppen met pillen slikken’

Tamara de Weijer Huisarts Met een dieet kunnen veel diabetespatiënten stoppen met pillen en insuline. Hoe? Daarover verschijnt deze maandag een handleiding voor huisartsen.

Nederland telt 1,2 miljoen mensen met diabetes type 2. De meesten slikken daar medicijnen tegen, terwijl dat vaak niet hoeft. Met een gezonde leefstijl en een dieet kan misschien wel de helft stoppen met medicijnen. Maar weinig artsen weten dat. Deze maandag verschijnt de eerste handleiding voor huisartsen om diabetespatiënten te helpen afbouwen met medicijnen. In november beginnen de eerste nascholingen, geïnitieerd door de artsenvereniging Arts en Leefstijl, en zorgverzekeraar VGZ. Huisarts Tamara de Weijer van de vereniging licht toe.

Veel patiënten met diabetes type 2 hebben overgewicht. Het lijkt logisch om dan te beginnen met een dieet. Waarom is dat niet de standaard?

„In de richtlijn voor huisartsen staat ‘leefstijl’ bij diabetes op nummer één, maar in de praktijk wordt die stap overgeslagen en schrijft de huisarts meteen metformine [het meest voorgeschreven medicijn] voor om de bloedsuikerspiegel te laten dalen. En als de pillen onvoldoende werken ook nog insulinetherapie. We hebben allerlei opbouwhandleidingen, maar geen afbouwprogramma. Dit is voor zover wij weten de eerste handleiding om de medicatie te stoppen. We noemen het ‘paprika in plaats van pillen’ maar het gaat uiteraard om een brede leefstijlverandering.”

Waarom schrijven artsen zo makkelijk pillen voor?

„Ik hoor vaak: patiënten zijn niet gemotiveerd om af te vallen, ze houden het niet vol, het is niet onze taak, het kost te veel tijd of er is geen bewijs dat het werkt. Dat laatste is niet waar. En ik vind het juist wel de taak van de arts. Je kunt signaleren, motiveren, doorverwijzen naar bijvoorbeeld een diëtist of fysio en nazorg leveren. Vergeet niet, als je niets doet zie je die patiënt ook een paar keer per jaar, dat kost ook tijd.”

Afvallen duurt lang. Wanneer mag je beginnen de medicatie af te bouwen?

„Meteen, want zodra je anders gaat eten, gaan je suikerwaarden omlaag. Dat is een enorme motivator, want je wordt direct beloond voor je goede gedrag. Dat stoppen kan griezelig zijn, maar als de huisarts hen helpt, hebben patiënten er vaak wel vertrouwen in. Het maakt het vak van huisarts ook leuker. De meeste mensen willen helemaal geen pillen. Je geeft mensen hun leven terug.”

Moeten medicijnenstudenten daar niet beter in worden opgeleid?

„Kijk, daar ga je al, je noemt de studie ‘medicijnen’. In negen jaar studie heb ik misschien een week iets over leefstijl geleerd. Terwijl we weten dat de helft van de klachten bij de huisarts met voeding, roken, te weinig bewegen, stress en slaap te maken hebben. Leefstijl zou in het curriculum bij geneeskunde moeten zitten.”

Hoeveel diabetes-type-2-patiënten kunnen van de pillen af?

„Van de ongeveer 1,2 miljoen patiënten gebruiken de meeste medicijnen. Sommige zullen nooit zonder kunnen, maar ik schat dat 50 à 70 procent er vanaf kan, dat zie ik in mijn praktijk. Van de 1,6 miljard euro die diabetes type 2 de samenleving nu kost, kan een aanzienlijk deel bespaard worden. We noemen het ouderdomssuiker, maar noem het leefstijlsuiker. De gemiddelde leeftijd van patiënten is 53 jaar. Dat vind ik te jong om er niets aan te doen.”

NRC zette de kwestie in kaart: Liever ‘paprika dan pillen’?

Waarom niet veel sneller een maagverkleiningsoperatie? 60 procent van de patiënten die een dergelijke operatie ondergaat, heeft binnen een jaar geen diabetes meer.

„Ik schrik ervan als ik dat artsen hoor zeggen. Door zo’n operatie zie je bij zwangerschappen meer complicaties zoals darmverklevingen. Het is zó tegennatuurlijk en we weten nog niet wat het zoveel jaar later op celniveau doet. En omdat groente zo vult dat ze er snel misselijk van worden, kiezen patiënten na zo’n operatie toch vaak voor lege, ongezonde calorieën.”

Legt u het probleem niet bij de patiënt? Het is niet makkelijk om af te vallen.

„Dat is het ook niet. Artsen denken nog vaak: gewoon wat minder eten en meer bewegen, hoe moeilijk kan het zijn. Maar dan snap je echt niet in wat voor obesogene omgeving we leven: ongezond eten is overal. Ik hoor nog steeds collega’s praten over de dikke domme diabeet, daar gaan mijn nekharen van overeind staan. Mensen willen graag de regie over hun leven terug, maar ze hebben wel sturing nodig.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

    • Martine Kamsma