Opinie

    • Lotfi El Hamidi

Een aanrijding met een persoon

Vrijdag, the day after. Bij het personeelsverblijf van de NS op standplaats Utrecht, niet ver van het hoofdkantoor van de Nederlandse Spoorwegen, merk je niets van wat nog naar het tragische ongeluk in Oss verwijst. Machinisten, conducteurs en andere treinmedewerkers komen van hun dienst, of staan op het punt om te beginnen. Er wordt koffie gedronken, gepraat, gelachen.

Ze lijken zich te hebben herpakt, maar dat is schijn. Hier heb ik afgesproken met Alptekin Akdogan, lid van de Ondernemingsraad van de NS. Hij zegt: „Gisteren was de sfeer hier …” Hij pauzeert even, slaakt een diepe zucht. „Er heerste één en al verslagenheid. Ik heb het in ieder geval nooit zo heftig meegemaakt in de bijna acht jaar dat ik hier werk.”

De pijn wordt hier sterk gevoeld. Veel NS-mensen weten wat machinisten en conducteurs op dat moment meemaken, al was Oss van een andere orde. Akdogan heeft zelf als conducteur ooit een aanrijding meegemaakt. „En als conducteur ben je in principe de eerste hulpverlener”, zegt hij. „Je moet een aantal handelingen verrichten. Kijken of ze nog leven, en als dat zo is, eerste hulp verlenen. Dat is een verplichting. Heftig, maar het moet wel gebeuren.”

Lees ook: ‘Niet kijken’, roept de eerste man ter plaatse. ‘Dit willen jullie niet zien’

Je staat er zelden bij stil. Of, als ik voor mezelf mag spreken: wanneer ik op het perron moet vernemen dat mijn treinrit is uitgevallen ‘in verband met een aanrijding met een persoon’, ben ik vooral druk bezig te puzzelen met de NS-app. Het klinkt ook zo abstract, bijna triviaal soms, ‘een aanrijding met een persoon’. Een vertraagde trein vanwege een zwaan op het spoor, daar ga ik van fronsen. Maar ‘een persoon’? Te onpersoonlijk om bij stil te staan.

Meestal gaat het om suïcide, maar niet altijd. Soms is het een tragisch ongeval, zegt Akdogan. „Een bejaarde vrouw die met haar rollator op de overweg vast is komen te staan, bijvoorbeeld.”

Dat maakt overigens de oude tweet van het onlangs geïnstalleerde VVD-Kamerlid Thierry Aartsen („Weer iemand voor de trein, kom dus niet verder dan Eindhoven! Zelfmoordenaars, word eens creatief!”) naast smakeloos ook zo stupide: bij een aanrijding met een persoon wéét je op dat moment niet eens of het om zelfmoord gaat.

De machinist is degene die het ongeluk altijd ziet gebeuren. Wat ik niet wist: de machinist is in eerste instantie naast ooggetuige ook verdachte en moet ook als zodanig worden verhoord. Machinisten weten dat, en agenten meestal ook, al lijken de rollen sinds het verdwijnen van de spoorwegpolitie in 2013 soms omgedraaid. „Omdat de regionale politie vaak zulke treinongelukken moet afhandelen komt het regelmatig voor dat machinisten zelf moeten aangeven dat zij verhoord moeten worden. Het duurt bovendien ook steeds langer – net als de pijn.”

Lotfi El Hamidi (L.elHamidi@nrc.nl @Lotfi_Hamid) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.

    • Lotfi El Hamidi