Openingsgala New York Philharmonic, donderdag, vlnr.: Alec Baldwin, Oscar Schafer, Deborah Borda, Paul Polman en Jaap van Zweden.

Foto Mike Coppola/Getty Images

Hoor, hoe hij opwinding in de zaal opstookt!

Debuut Jaap van Zweden

Een galaconcert met diner, #metoo-ontslagen en een staande ovatie: na een bewogen week begon Jaap van Zweden als de 26ste chef-dirigent van het New York Philharmonic.

De posters waarmee het New York Philharmonic Jaap van Zweden introduceert als de 26ste chef-dirigent hebben Amerikaanse maten. Een tweemanshoog staatsieportet hangt buiten de David Geffen Hall in Lincoln Centre: NEW YORK, MEET JAAP. „Maar vergis je niet, klassieke muziek is een niche in de Verenigde Staten”, zegt Michael Cooper, muziekverslaggever van The New York Times. „Een benoeming als deze haalt nauwelijks nog het nationale nieuws. Van Zweden moet hier muzikaal excelleren, maar ook opwinding genereren en de aantrekkingskracht van het orkest voor de hele stad aanscherpen. Dat maakt de positie van Music Director van het New York Philharmonic voortdurend ingewikkeld.”

Voor de ochtend van het galaconcert staat nog een repetitie gepland. Van Zweden krijgt als welkomstcadeau een facsimile van Beethovens Vijfde symfonie cadeau: 176 jaar geleden het eerste stuk dat het orkest speelde. Aansluitend worden drie uur lang in opvallende rust en concentratie de laatste puntjes op de i gezet.

„Ik zit nu 22 jaar in het orkest, en het is de laatste jaren jonger, efficiënter en perfectionistischer geworden”, zegt solocellist Carter Brey. „Daarom denk ik dat Jaap nu een hele goede match is. Onze attitude is zíjn attitude, en Jaap snapt hoe een toporkest werkt. Dat we het prettig vinden dat hij weinig praat, omdat hij daarmee zijn vertrouwen toont. Jaap kan gespannen overkomen, maar zijn kritiek is nooit vervelend. En als je geweldig speelt, laat hij dat ook merken.”

„Natuurlijk is het spannend”, erkent Van Zweden na afloop. In zijn dirigentenkamer staat een foto van hemzelf met dirigent Leonard Bernstein. Het was Bernstein die hem in 1987 – toen hij nog concertmeester was van het Concertgebouworkest – vroeg het stokje even over te nemen en daarmee het zaadje plantte dat in de afgelopen 30 jaar uitgroeide tot een opmerkelijk succesvolle dirigeercarrière. „Maar ik ben geen carrièreplanner, ik kijk wat er op mijn pad komt”, zegt van Zweden. „Dat heb ik vaak gezegd, maar ik vind goed het nog eens te zeggen. Zeker nu iedereen het heeft over de vacature voor chef-dirigent van het Concertgebouworkest. Natuurlijk zeg ik ‘ja’ als iemand me vraagt of ik die baan zou willen. Ik houd niet van spelletjes; het is een fantastisch orkest, wie wil die baan níet? Maar ik ga er niet op focussen in mijn eerste week in New York. Mijn focus ligt hier.”

Gevolgd door CBS 60 Minutes

En dat is ook nodig. Tussen de concertvoorbereidingen door, wordt Van Zweden gevolgd voor het tv-programma 60 Minutes van CBS, dat met 20 miljoen kijkers een impact heeft waar elk orkest van droomt. En er is extra reuring nadat het orkest maandag twee orkestmusici ontsloeg na #metoo-gerelateerde aanklachten Beiden zouden spelen op het inauguratieconcert; hun ontslag is een artistieke aderlating. „Maar dit soort gedrag moet gewoon stoppen”, zegt Van Zweden.

Onder de galagasten zijn donderdag de nodige beroemdheden te spotten. Acteur Alec Baldwin is er, en sterviolist Itzhak Perlman. Vanuit Nederland passeert een delegatie met onder anderen Paul de Leeuw, Joop en Janine van den Ende en Louis van Gaal de rode loper. Van Van Zwedens familie ontbreken zijn vader (90) en vier kinderen. „Die komen later dit seizoen”, wuift hij weg. „Geen issue. Ze hebben hun eigen leven.”

Naast sterren en sponsoren in black tie zijn er de gewone New Yorkers in spijkerbroek, gezinnen, ouderen met blindengeleidehonden. Voor hen is er frisdrank te koop in plastic bekertjes, terwijl achter een afrastering de rijk gedekte ronde tafels met 500 couverts voor het mecenassendiner na afloop al klaar staan. Het programmaboekje vermeldt op zes pagina’s hun namen: van giften van 500 duizend dollar per jaar tot kleintjes van 2.500 dollar.

De van origine Nederlandse pharmatech-miljonair Lodewijk de Vink is een van de grote gevers. „Ik vind deze benoeming fantastisch”, zegt hij. „Als opgroeiend kind in Amsterdam mocht ik in de jaren vijftig al mee naar het Concertgebouw. Door de komst van Jaap loopt er nu een draadje van Amsterdam naar New York.”

De crèmekleurige jaren zestig-zaal met 2.800 stoelen van bruin velours zit zo goed als vol. Het podium is versierd met bloemstukken, maar die verhullen niet dat het sleetse interieur schreeuwt om een make-over. Daarbij is de akoestiek problematisch. Zelfs op de middenrijen ervaar je het orkest als een fenomeen op afstand; niet voor niets ziet Van Zweden veel in een verbouwing waarbij het podium meer de zaal in komt. Nu is de klank vaak scherp en hard, terwijl nuances in de middenstemmen wegvallen.

Daar doorheen hoor je wel dat Ravels Pianoconcert in G met pianist Danill Trifonov het muzikale hoogtepunt van de avond vormt. Je hoort ook hoe Van Zweden de opwinding in de zaal opstookt met een uitvoering van Stravinsky’s Le Sacre du Printemps die rijk is aan contrasten. Het idee om te beginnen met een wereldpremière – Ashley Fures Filament – is een slimme strategische zet: de tussen het publiek opgestelde zangers met megafoons symboliseren als het ware de ‘new era’ van het orkest: dat moet en zal meer naar de mensen toe komen.

Met een extreem snel genomen Walkürenritt als toegift zet Van Zweden de opwinding in de zaal na de Sacre effectief voort. Al na de eerste akkoorden klinken er extatische „woehaa!”-kreten. Van Zweden maakt waar wat hij beloofde: zijn chefschap in New York is met een uitroepteken begonnen.

    • Mischa Spel