Belastingdienst wil weer kentekendata verzamelen

Videocamera’s

Na een verbod van de Hoge Raad moet een wetswijziging gebruik van camerabeelden weer mogelijk maken.

Foto Adrian Pingstone

De Belastingdienst wil volgend jaar toch weer gebruik gaan maken van camerabeelden om te controleren op de motorrijtuigenbelasting. Het gaat dan bijvoorbeeld om het opsporen van auto’s die als gesloopt staan geregistreerd maar toch op de weg te vinden zijn. Dat maakte de Belastingdienst bekend in het Belastingplan 2019.

De Belastingdienst wil vanaf 1 januari 2019 via zogenoemde ANPR-camera’s (automatic number plate recognition) kentekens, locatie, datum en tijdstip verzamelen. Deze worden vergeleken met een referentiebestand. Als er geen aanleiding is voor verder onderzoek worden de gegevens binnen 24 uur vernietigd. Opvallende gegevens worden zeven werkdagen bewaard.

Inbreuk op privéleven

De Belastingdienst maakte al eerder gebruik van camerabeelden om te controleren of een auto van de zaak te veel privé werd gebruikt. Maar daar werd mee gestopt na een uitspraak van de Hoge Raad in februari vorig jaar. De hoogste rechter oordeelde dat er geen wettelijke grondslag was voor het verzamelen en opslaan van kentekengegevens, waardoor de gegevensverzameling een inbreuk op het privéleven werd.

Vorig jaar werd ook duidelijk de Belastingdienst jarenlang onterecht miljoenen kentekenfoto’s, verkregen door middel van ANPR, had bewaard.

Inmiddels is een wetswijziging voorbereid, waardoor de camera’s wettelijk weer zijn toegestaan. De Autoriteit Persoonsgegevens, die toezicht houdt op de privacywet, oordeelde dat de aanpassing voldoende is onderbouwd.

De Belastingdienst gaat naar eigen zeggen de beelden voorlopig niet gebruiken om te controleren of bestuurders hun auto van de zaak vaker dan toegestaan ook privé gebruiken. Zowel de Eerste als de Tweede Kamer moeten nog met het Belastingplan instemmen.

    • Geertje Tuenter