Opinie

    • Martijn Katan

Jordan Peterson: taal redt ons uit de chaos

Jordan Peterson is de meest aanbeden én meest gehate internet-intellectueel van onze tijd. Mij fascineert hij; ik heb zijn 12 Rules for Life gelezen en ik beluister bijna dagelijks voordrachten van hem op YouTube. Waarom roept deze man zulke emoties op, ook bij mij?

Peterson is hoogleraar klinische psychologie in Toronto. Tot vorig jaar gaf hij gewoon colleges, maar tegenwoordig geeft hij wereldwijd lezingen voor duizenden mensen. Daarin komt evolutie aan de orde, Dostojevski, Nietzsche, Freud, Solzjenitsyn, Pinokkio, de sprookjesfilms van Walt Disney, de bijbel en de Mesopotamische scheppingsmythes. Activist werd hij toen Canada in 2016 een wet invoerde over de bejegening van transseksuelen. Peterson interpreteerde die wet als een gebod tot het gebruik van nieuw bedachte persoonlijke voornaamwoorden. Hij vond dat een aanval op zijn vrijheid van spreken. Als een transseksuele student daar gelukkig van werd wilde hij best ‘hir’ zeggen in plaats van ‘he’, maar hij liet zich niet bevelen. Dat leidde tot woedende reacties van mensen die hem zagen als een fascist die homo- en transseksuelen haatte. Anderen leken echter opgetogen dat iemand durfde te zeggen wat ze zelf al dachten over voorgeschreven taalgebruik en ook over de automatische schuldigheid van blanke mannen en andere uitwassen van identiteitspolitiek.

Waarom kwam Peterson in het geweer tegen een overheid die woorden gebood? Dat komt door zijn geloof in taal als redder uit onze misère. Volgens hem heeft de mens weinig inzicht in zichzelf en neigt hij daardoor tot chaos en geweld. De remedie daartegen is open gesprekken waarin de gesprekspartners hun eigen defecten leren onderkennen. Daarvoor moeten mensen kunnen zeggen wat ze willen; de staat moet daar buiten blijven. Je moet zo’n gesprek voeren met zo min mogelijk agressie. ‘Minimum Necessary Force’ noemt Peterson dat. Boosheid of verborgen agenda’s zijn voor de dialoog dodelijk. Dat kwam mooi tot uiting in zijn interview met Channel 4 News. De presentatrice wou hem wegzetten als een racistische vrouwenhater en legde hem aan één stuk door uitspraken in de mond die hij niet had gedaan. Ze hoopte misschien hem daarmee te prikkelen tot boze uitschieters. Peterson bleef echter welsprekend en vastbesloten zijn standpunten uiteen zetten tot de presentatrice verstomde bij gebrek aan een weerwoord.

Vriend en vijand zagen het interview als een triomf voor Peterson. Hijzelf niet, want hij voert liever een productief gesprek. Je kunt immers van iedereen iets leren; zelfs van die student die minutenlang bezig was een vraag te stellen waarmee hij Peterson wou aftroeven. Deze boorde de jongen niet de grond in, maar moedigde hem liefdevol aan.

Peterson argumenteert welsprekend, erudiet en met hartstocht tegen de excessen van identiteitspolitiek, waarbij slachtofferschap, huidskleur, geslacht of seksuele voorkeur belangrijker worden dan individuele kwaliteiten en prestaties. Daarom zetten journalisten hem vaak weg als extreemrechts. Het verst daarin ging het Amerikaans-Joodse maandblad Forward, dat een artikel over Peterson opende met een foto van Hitler. Kennelijk wisten ze niet dat neonazi’s niets van hem moeten hebben, want hij is even kritisch op blank superioriteitsdenken als op alle andere vormen van groepsideologie. Respectabele media zoals de New York Review of Books bespraken hem vooral op minachtende toon. Mijn indruk is dat ze zich niet echt in Peterson hebben verdiept.

Lees ook de recensie: Handboek voor de gemankeerde man

Geen wonder: alleen al zijn colleges over de psychologische betekenis van de Bijbelverhalen vereisen veertig uur ingespannen luisteren. Zijn boek 12 Rules for Life is ook geen lichte kost. Daar hebben veel journalisten geen tijd voor. Voor serieuze kritiek op Peterson moet je naar het internet, bijvoorbeeld naar zijn debatten met filosoof en atheïst Sam Harris, over de grondslagen van religie. Die vonden plaats in grote concertzalen met duizenden toehoorders die beurtelings juichten en ademloos luisterden.

Is Peterson ‘the most influential public intellectual in the Western world’? Ik aarzel. Hij is een beetje slordig met feiten en wat hij beweert over onderwerpen buiten zijn vakgebied, zoals voeding, klimaatverandering of epigenetica, is slecht onderbouwd. Hij is meer profeet dan onderzoeker. Hij laat zien hoe je met behulp van de verhalen uit Genesis de stommiteiten die we elkaar aandoen kunt begrijpen en misschien kunt voorkomen. Hij benadrukt dat het leven zwaar is, eindig en vol pijn. Dat beurt mij op omdat hij ook een uitweg aangeeft: neem zoveel verantwoordelijkheid op je als je aankunt. Bijvoorbeeld de verantwoordelijkheid om je bureau op te ruimen. Als dat is gelukt geeft dat je misschien zelfvertrouwen om iets groters aan te pakken, zoals dat moeilijke gesprek met je partner. En dat geeft weer moed voor verdere stappen in de richting van familie en vrienden, je werk, je buurt, je stad. Als je de wereld wilt verbeteren ga dan niet op straat demonstreren maar pak jezelf aan. Peterson spreekt met inzicht en eruditie, maar het zijn minstens zozeer zijn hartstocht en oprechtheid die mij raken en mij moed geven. Vandaar mijn fascinatie.

Martijn Katan is biochemicus en emeritus hoogleraar voedingsleer aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Reacties: wetenschap@nrc.nl of www.facebook.com/martijnkatan. Voor bronnen zie mkatan.nl.
    • Martijn Katan