‘Over alles conflict en jij zit er tussenin’

Vechtscheiding Een kinderrechter richtte zich in een scheidingszaak onlangs direct tot het kind. Een unicum, maar instanties zijn enthousiast.

Zo’n 70.000 kinderen krijgen jaarlijks te maken met een scheiding, in een op de vijf gevallen is er ruzie. Het afgebeelde kind komt niet voor in het artikel. Foto ANP extra

De ouders zijn gescheiden sinds 2012. Ze ruziën nog steeds. De kinderen lijden eronder. En een oplossing is niet in zicht. Dus besluit kinderrechter Martia Veen van de rechtbank Noord-Nederland iets te doen wat rechters zelden doen bij het motiveren van een uitspraak: ze richt zich puur tot het kind in kwestie zelf. In de jij-vorm – drie kantjes aan voorleestekst lang.

„Ouders, in de zin van twee volwassenen die samen optreden in jouw belang, die heb jij al een hele tijd niet. Je hebt een vader en een moeder, die het nergens over eens lijken te worden, over alles conflicten weten te krijgen en jij zit daar tussenin.”

Elk jaar krijgen zo’n 70.000 kinderen te maken met scheidende ouders. In ongeveer een op de vijf gevallen ontstaat er ruzie over zaken als de omgangsregeling met de kinderen, en kan een slepende vechtscheiding het gevolg zijn.

De scheiding tussen deze ouders valt in die categorie. Deze zitting, van eind vorige maand, is de zoveelste sinds ze uit elkaar gingen. Vorig jaar noemde de Raad voor de Kinderbescherming het al „zeer zorgelijk” dat de ouders „al ruim zes jaar met elkaar strijden”. Hun gedrag richt de kinderen „ten gronde.” Volgens kinderrechter Veen hebben pogingen de ouders aan te spreken „weinig effect” gehad. Vandaar dat Veen zich nu richt tot het oudste kind zelf, dat ze eerder in het kader van de rechtszaak één op één heeft gesproken.

„Je hebt (…) uitgelegd dat je ouders volgens jou al acht jaar niet meer met elkaar praten en dat ze het nergens over eens kunnen worden. Het is nu bijvoorbeeld wel duidelijk op welke dag en hoe laat je vader je op komt halen, maar nu is er iedere keer gedoe over bij wie je dan eet. Dat regelen je ouders niet onderling, maar ze willen wel allebei dat je met hun eet. Dat los je nu op door op die avonden twee keer te eten.”

Lees ook: Twintig jaar co-ouderschap, hoe is dat eigenlijk voor de kinderen?

‘Je ouders missen de kern’

Aanleiding voor de zitting is het verzoek of de oudste, veertienjarige zoon bij zijn vader mag komen wonen. Zijn vader wil dat graag en de zoon vindt het wel een goed idee. De vader woont niet in de buurt. Het zou betekenen dat de jongen weggaat bij zijn moeder en tienjarige broertje, en ook dat hij van school moet en mogelijk de kindercoach verliest die hem tot steun is. Vader ziet het verzoek als de wens van zijn zoon, die hij graag wil respecteren. De moeder vraagt zich af of haar zoon dit echt wil. En de rechter vertelt aan de zoon dat hij meer van zijn ouders mag verwachten.

„Ik heb ze ter zitting uitgelegd dat ze (...) de kern missen. Wat jij wilt en waarom je dat wilt is belangrijk. Dat moeten je ouders zeker meewegen. Maar daarna moeten ze zelf hun verantwoordelijkheid nemen. Dan moeten zij als ouders zich buigen over de vraag of wat jij wilt nu wel zo'n goed idee is. (…) Dat zijn je ouders duidelijk niet gewend en jij verwacht het al niet meer van je ouders.”

De rechter wijst het verzoek af. Een verhuizing van zoon naar vader lost „de problemen tussen je ouders niet op”. De situatie overziend „is wat jij wilt doen niet in jouw belang en ook niet in het belang van je broertje.”

De Raad voor de Kinderbescherming is positief over de aanspreekvorm van de rechter. „De belevingswereld van het kind in dit soort rechtszaken is belangrijk”, zegt een woordvoerder. Tegelijk moet de rechter volgens de Raad „per kind en per zaak” bezien of juist zo’n jij-vorm daarvoor het beste past.

Lees ook: Je papa en mama zijn uit elkaar, zegt de dino

Vrijwilliger Anastasia Pryvalova (24), ‘buddy’ bij online platform voor kinderen van gescheiden ouders Villa Pinedo, is ook positief. Pryvalova heeft zelf als tiener meegemaakt hoe haar gescheiden ouders elkaar juridisch bevochten. Ze heeft het gevoel dat de rechters haar niet serieus namen. „Ze zeiden dingen als: ‘we willen graag je mening horen, maar je bent pas dertien.’ Zo van: je weet er niet alles van.” Ze vindt dat kinderrechter Veen laat zien dat ze „heel goed begrijpt dat kinderen niet klein gehouden hoeven te worden. Kinderen weten heel goed wat er gebeurt.”

Volgens Marsha Pinedo, directeur van de Villa, heeft de jongen door deze aanspreekvorm „enorme erkenning” voor zijn situatie gekregen. Pinedo benadrukt wel het belang van „nazorg” – bijvoorbeeld door de kindercoach van de jongen. „De rechter spreekt negatief over de houding van de ouders. Op zich terecht, maar de jongen moet wel met hen door.”

De rechter was donderdag niet beschikbaar voor commentaar. De advocaat van de vader wilde eerst met haar cliënt overleggen.

    • Ingmar Vriesema