Foto Frank Ruiter

‘Liefdesgeluk moet je verdienen’

Lunchinterview Pier Ebbinge (79) , liefdesmakelaar, die van de advertenties, noemt het zijn roeping mensen samen te brengen die elkaar anders nooit gevonden hadden. „Juist succesvolle mensen kunnen godvergeten vervelend zijn.”

Goed uitziende man van bijna twee meter. Nog net geen 80, psychisch en fysiek jeugdig. Carrière als sparringpartner van top guys achter de rug. Thans liefdesmakelaar. Innemend en aanwezig. Spraakwaterval. Buitenmens die stadse genoegens waardeert. Weet hoe de hazen lopen en vertelt graag hoe het zit. Licht misantroop. Geniet met volle teugen van het leven, maar drinkt sinds een maand of vier geen druppel meer. Wil scoren en doet dat naar eigen zeggen ook. Brengt vrouw aan de man en vice versa.

De lange man die opgevouwen in een nisje bij brasserie Keyzer zit, is Pier Ebbinge (79). Hij is het brein achter de advertenties die u dikwijls op zaterdag aantreft op een prominente pagina (bij voorkeur op de 3) in NRC. Ze laten zich lezen als een mini-roman, een liefdesverhaal in losse flarden. Op internet is het elk weekend een ‘ding’ om op basis van zijn karakteriseringen te achterhalen wie die ‘bevlogen, succesvolle schrijfster (59)’ is die een thuishaven wil bouwen met een denker/doener. En welke ‘karaktervolle ondernemer’ (57) uit de ‘high-end society’ zou er op zoek zijn naar een charmante, volslanke vrouw uit goed milieu?

Zes jaar geleden schreef Pier Ebbinge een boek over zijn ongeëvenaarde methode om mensen tot elkaar te brengen. Liefde en werk heette het, maar de uitgever wilde het niet uitgeven. „Volkomen terecht,” zegt Pier Ebbinge nu. „Ik schrijf als een consultant.” Voor hij ‘adviseur in liefdesgeluk’ werd, deed hij met zijn bedrijf Ebbinge Consultancy aan executive search – bedrijven aan topmensen helpen. Hij verkocht het in 1995 aan KPMG, daarna is hij zich gaan toeleggen op partner search – topmensen aan geschikte partners helpen. Het boek over Ebbinge is er alsnog gekomen, maar nu geschreven door journalist Mark Koster. Cupido voor de rijken heet het. Pier Ebbinge licht graag in levenden lijve toe wat ten grondslag ligt aan zijn succes.

Oesters vooraf?, suggereert hij. „Die zijn zo licht en feestelijk.” Ik bedank. Hij heeft oesters léren waarderen, zegt hij, omdat hij houdt van iemand die ervan houdt. Zijn dochter. Ze is een van de twee dochters die zijn tweede vrouw Odine 27 jaar geleden meebracht in hun huwelijk. Nee, schudt hij. Hij is absoluut niet van plan in z’n uppie oesters te gaan eten. Hij kiest het zeeduo, en ik doe met hem mee. O, en voor hij het vergeet. Hij schuift een potje pruimenjam mijn kant op. Vanochtend gekocht bij een stalletje met zo’n geldbakje langs de weg in Twente, waar hij woont met zijn echtgenote, zwarte herder Gigi en twee poezen.

Eén vinger in de lucht, drie gedachtenlijntjes die hij wil uitwerken. Onderwerp: waarom relaties tegenwoordig zo vaak mislukken. Eerste lijn: de samenleving is loszanderig geworden. „Heerlijk woord, vind ik dat. Loszanderig.” Kerk, dorp, en soms zelfs familie, er is weinig meer wat ons bindt en relationeel houvast geeft.” Ongewild raak ik afgeleid door zijn linkerhand, waarvan de duim ontbreekt. Die zat ooit beklemd tussen z’n zeilboot en de kade. Hij is al bij het tweede lijntje; de opvoeding. „Kinderen worden grootgebracht om op eigen benen te staan. Ook de laatste drie generaties vrouwen zijn zo opgevoed.” Een goede zaak, haast hij zich te zeggen. Maar: „Te manifeste zelfstandigheid bemoeilijkt relaties.”

Narcisme en zelfvoldaanheid

In een goede relatie – en hier knoopt hij de twee lijntjes samen tot een nieuwe – mág je niet te onafhankelijk zijn. Vrouwenemancipatie is nog geen halve eeuw oud. „Veel mannen moeten er nog aan wennen.” Wat hij veel ziet bij de jonge garde: man en vrouw gaan onderling de competitie aan. Wie heeft gelijk, wie is het slimst, wie verdient het meest, wie is de bovenliggende partij. „Van elkaar willen winnen, is dodelijk in een huwelijk. Overal mag je scoren, maar niet thuis.” De ander zien, steunen en „psychisch knuffelen”, dat is de crux.

Te manifeste zelfstandigheid bemoeilijkt relaties

Wat hem ook opvalt, en hij is bijzonder tevreden over de wijze waarop hij dat nu formuleert: „Iedereen verlangt een diepgaande relatie, maar mensen ontberen soms het vermogen die relatie te creëren waarnaar ze verlangen.” Waarom? Door ik-gerichtheid, narcisme, zelfvoldaanheid, enzovoort. Ook bij mensen die maatschappelijk succesvol zijn, zijn doelgroep zeg maar? „Juist succesvolle mensen kunnen godvergeten vervelend zijn. Ze denken dat ze thuis op dezelfde waardering en acceptatie kunnen rekenen als buitenshuis. En als dat niet zo is, zoeken ze hun heil elders.” Zijn stellige overtuiging is: liefdesgeluk moet je verdienen. „Soms moet je op een imbeciele manier lief zijn voor elkaar.”

Laten we het nu hebben over wat hij zonder overdrijven zijn roeping noemt. Mensen samenbrengen die elkaar zonder zijn tussenkomst nooit gevonden hadden, zelfs niet als ze zich in dezelfde ruimte zouden bevinden. Zijn klanten – opdrachtgevers noemt hij ze – zijn zonder uitzondering midlife of ouder. De jongste vrouw voor wie hij een partner zocht was 39, de oudste 72. „Na de 45 gieren de hormonen door de lijven. De waarom-vraag wordt gesteld: waarom doe ik wat ik doe? Koppels gaan uit elkaar. Partners overlijden. Een nieuwe partner is zeer gewenst, maar de tijd ontbreekt om een geschikte te vinden.”

Monomane man

Pier Ebbinge bezoekt zijn opdrachtgever thuis voor een interview van tweeëneenhalf, drie uur lang. „Ik doe de volledige anamnese. Als een medicus.” (Zijn vader was gynaecoloog in Den Haag.) Hij vraagt naar opleiding en werk, relaties en familie, ouderlijk huis, en „al het andere”. Weten hoe iemands jeugd verliep is van belang. „Mijn vak is hun conditionering te begrijpen en te duiden. Juist succesvolle mensen zijn vaak tegen de klippen op gegroeid.” Na het interview begint het werk voor hem pas echt. De advertentietekst opstellen. Rake, weloverwogen steekwoorden in twintig regels, de ruimte van de advertentie in de krant. Het zijn eerder columns dan advertenties, vindt hij. „Ze zijn beroemd.” Genootschap Onze Taal heeft hem ooit uitgenodigd er een „lullepotje” over te houden.

Soms moet je op een imbeciele manier lief zijn voor elkaar

Kan hij zichzelf ook in een advertentie omschrijven? „Nee, dat is veel te dichtbij.” Het is ook nooit nodig geweest. Zijn eerste vrouw trouwde hij op z’n 21ste. Het huwelijk duurde 26 jaar. „Twintig jaar langer dan het leuk was.” Was hij soms te jong voor het huwelijk? „Absoluut.” Te beschadigd ook? Hij is de zoon van een dominante vader die hij adoreerde, zo staat het in het boek over hem. Van zijn elfde tot zijn veertiende werd hij ondergebracht bij een pleeggezin. Even heeft hij weer thuis gewoond, daarna werd hij naar het christelijk internaat in Zeist gestuurd. Aan die „onprettige periode” wordt hij niet graag herinnerd, zegt hij. Zijn eerste huwelijk, de twee kinderen die daaruit voortkwamen, die tijd ligt zó ver achter hem. Liever spreekt hij over het „grootste cadeau” in zijn leven: zijn echtgenote Odine, een „buitengewoon karaktervolle en lieve vrouw”. Bijna dertig jaar geleden kwam ze spontaan in zijn leven en rekende „tactvol” af met de onhebbelijkheden die hij in het „wereldje van top guys” had opgedaan. „Ik was een monomane man. Zakelijk succesvol, maar emotioneel zat er veel vast.”

Zijn geluk in de liefde gunt hij ook anderen. Mits hij die ander mag. „De interessantste mensen vind je in de absolute toplaag van de maatschappij. In de klasse onder de elite heerst meer benauwdheid, smalle denkkaders, geborneerdheid en veel ik-ik-ik. Dat is geen materiaal voor een relatie. Het wordt weer leuk bij de lower lower class. Daar vind je authentieke mensen.” Hij klinkt, zeg ik, niet bepaald als een mensenvriend. „Ik houd van de mensen van wie ik houd”, zegt hij. Waarom zou hij zijn tijd verkwisten aan mensen die het niet in zich hebben om van een relatie iets te maken? Hij doet dit werk voor zijn plezier, ja. „Al wil ik natuurlijk wel scoren.”

Klein fortuin

Op advertenties voor een man stromen de brieven van vrouwen vaak binnen. Op zoekende vrouwen komen minder reacties. „Bijzondere vrouwen zoeken vaak een bijzondere partner. Maar soms zijn mannen juist niet geïnteresseerd in een slimme, wakkere, succesvolle dame.” Een enkele keer is iemand onbemiddelbaar. Hij hoeft niet lang na te denken over wie dat is. „De verwende vrouw.” De vrouw met een wensenlijstje. „Ik haat wensenlijstjes.” Ze heeft meestal gestudeerd, luncht met vriendinnen, golft met een aardige handicap, past op de kleinkinderen. „Misschien dat ze dertig procent van haar tijd overhoudt, en ze zoekt een man die daar precies in past.”

Lees ook: Relatiemakelaar Annelies Penning heeft weinig fiducie in internetdaten

Hij spreekt elke kansrijke briefschrijver persoonlijk. Daarna presenteert hij zijn short list aan de opdrachtgever. De eerste ontmoeting tussen kandidaten is meestal in een restaurant. En dan is het out of his hands en komt het aan op chemistry, chemie. Seelenmassage hoort bij Ebbinges diensten. Hij mailt en belt net zolang met beide partijen tot kwesties zijn bezworen en verschillen overbrugd. Hij adviseert, geeft raad en stuurt. Jaarlijks bemiddelt hij voor zo’n tien à twaalf opdrachtgevers. De meesten krijgen via hem wat ze willen: een levenspartner. „Vorig jaar juni had ik drie huwelijken. Prachtig toch?”

Dat liefdesgeluk kost een klein fortuin. Voor een zoekopdracht inclusief advertentiekosten en btw rekent hij 20.000 euro. Eindigt de bemiddeling in een bestendige relatie, dan komt er een succeshonorarium van tussen de 20.000 en 40.000 euro bij. „Peanuts”, vindt Ebbinge, vergeleken met de werkelijke waarde van een relatie. Maar, zeg ik, de meeste mensen zullen zich hem niet kunnen veroorloven. Ebbinge, met een stalen gezicht. „Dat is pech.” Daarna, vaderlijk vriendelijk: „Reageren op een advertentie kan altijd.” Dat is helemaal gratis.

    • Rinskje Koelewijn