Hij bood #MeToo-beschuldigde een podium

Ian Buruma In hoeverre moet een krant of tijdschrift een podium bieden aan mannen die worden beschuldigd van seksuele intimidatie?

Ian Buruma vertrekt als hoofdredacteur vanThe New York Review of Books na het publiceren van een omstreden essay. Foto Béatrice de Géa

Had The New York Review of Books (NYRB) een essay moeten plaatsen van een man die door zeker twintig vrouwen van seksueel geweld is beschuldigd? Nee, zeggen critici in met name de VS deze week op sociale media. Persoonlijke verhalen van #MeToo-daders of hun naasten, zoals de afgelopen dagen verschenen in de NYRB, New York Magazine en Harper’s hebben weinig zin. Volgens critici tonen de mannen nauwelijks berouw voor het leed dat zij vrouwen hebben aangedaan.

De negatieve reacties na de publicatie van het essay van de Canadese radiomaker Jian Ghomeshi, leidden woensdag tot het vertrek van Ian Buruma als hoofdredacteur van de NYRB. De Brits-Nederlandse schrijver noemde het ironisch dat hij nu zelf aan de schandpaal staat terwijl zijn blad een themanummer maakte over #MeToo-daders die niet door justitie maar wel door sociale media zijn veroordeeld. Buruma leidde het gerespecteerde literaire tijdschrift (oplage: 135.000) sinds september 2017.

Nuance injecteren

Ghomeshi raakte in 2014 in opspraak na beschuldigingen van ongewenst seksueel gedrag. Hij zou vrouwen hebben mishandeld tijdens seks. In zijn essay, ‘Reflecties van een hashtag’, schrijft hij dat hij „nuance wil injecteren” in zijn verhaal en dat hij „genoeg vernederingen voor een heel mensenleven” heeft ondergaan.

Het is het derde (online) artikel in een week in Amerikaanse media waarin een #MeToo-beschuldigde zijn straatje volgens critici mag (of laat) schoonvegen. De Amerikaanse dj John Hockenberry – die collega’s bij zender WNYC seksueel zou hebben lastiggevallen – schreef een persoonlijk stuk in Harper’s. Hij erkent alleen dat hij „schuldig is aan slecht beoordelingsvermogen”. En New York Magazine plaatste een artikel met Woody Allens vrouw Soon-Yi Previn, met de van seksueel overschrijdend gedrag beschuldigde filmmaker naast haar op de bank. De teneur: kijk eens wat een onrecht ons is aangedaan.

Lees ook: Ian Buruma weg als hoofdredacteur bij The New York Review of Books

In het NYRB-stuk claimt Ghomeshi dat hij lessen heeft geleerd die hem een beter mens hebben gemaakt. Maar volgens kritische geluiden op sociale media ontkent Ghomeshi ook een groot deel van de aantijgingen. „In de nasleep van mijn ontslag [in 2014, bij CBC], beschuldigden nog enkele mensen mij”, schrijft de radiomaker. Hij meldt niet dat het gaat om meer dan twintig vrouwen. Het essay verschijnt in oktober op papier, in een drieluik getiteld The Fall of Men.

Perspectief van beschuldigde

Ghomeshi werd in 2016 vrijgesproken van vier aanklachten van seksueel geweld en een voor het „breken van verzet door het dichtknijpen van de keel”. De rechter had twijfels bij het verhaal van de getuigen. Ghomeshi trof een schikking met een vrouw, waarbij hij excuses aanbood en voorkwam dat er nog een aanklacht bijkwam. Critici zeggen dat de NYRB hem te makkelijk laat wegkomen en slachtoffers opnieuw pijn doet. Buruma zou zich onvoldoende in de zaak hebben verdiept. Bij de kritiek kan ook meespelen dat de context die de rest van de special op papier moet bieden, ontbreekt bij het individuele stuk op de website.

In een interview met online blad Slate reageerde Buruma vorige week al op de ophef. Voor het drieluik over „slecht gedrag van mannen” was hij „geïnteresseerd in het perspectief van de beschuldigde, door publieke veroordeling vernederde man”. Hij benadrukte dat Ghomeshi niet is veroordeeld. Het essay vestigt volgens hem de aandacht op het feit dat de maatschappij niet weet hoe om te gaan met mannen die seksueel wangedrag vertonen dat niet strafbaar is.

Tegen opinietijdschrift Vrij Nederland zei Buruma woensdag dat zijn redactie en uitgever eerst achter publicatie van het stuk stonden. Maar volgens hem krabbelde de uitgever terug toen de digitale storm opstak. De universiteitsuitgeverijen die adverteren in het blad, dreigden met een boycot. Buruma: „Ze zijn bang voor de reacties op de universiteiten, want die zijn oververhit. Het gevolg is dat ik me gedwongen voel om ontslag te nemen – in feite capitulatie voor intimidatie in de sociale media en door de universiteitspers.”

    • Jan Benjamin