Soms voor een volle zaal en soms in een lege kerk, dit is de Popronde

Popmuziek De Popronde groeide in 25 jaar uit van lokaal festival tot landelijk podium voor talent. In 41 steden zijn optredens.

De band John Coffey op de Popronde 2012, tijdens een optreden in Bar American, Middelburg. Foto Tom Roelofs

Zelf op- en afbouwen, onderhandelen over je gage en de logistiek doen om van Limburg naar Groningen te reizen voor een optreden van een half uur voor tien man publiek. Maar: er is ook kans op een zaal met muziekpromotors, platenlabels en mede-artiesten. De Popronde is het muzikantenbestaan in een notendop.

Meedoen aan de Popronde is een harde maar eerlijke leerschool, zegt gitarist Alexander van den Kleyenberg, die zes keer deelnam. In 2014 stond hij met twee verschillende bands op het Popronde-affiche. „Ik speelde met mijn oude band Bixby in een kerk in Nijmegen en moest daarna binnen een half uur met een andere groep spelen, even verderop in de stad. Dus ik haast mij door het centrum en kom net op tijd en zeer bezweet aan, en dan blijken de bandleden van Kensington in het publiek te staan. Vervolgens speel ik één van m’n beste optredens dat jaar. Die kick, dat is voor mij de Popronde.”

De Popronde is 25 jaar oud. Het festival voor beginnende artiesten wordt samen met de Grote Prijs van Nederland gezien als hét opstapje naar de grotere podia en een platencontract. Op het lijstje acts dat doorbrak na deelname aan de Popronde staan onder andere De Staat, Kensington, Racoon, Blaudzun, Haevn, John Coffey en Lucky Fonz III.

Het concept is simpel. Jaarlijks kiest een jury uit ruim duizend inzendingen 100 tot 150 artiesten die in het najaar langs verschillende steden mogen toeren – dit jaar komt de Popronde langs 41 steden. Daaruit maken lokale coördinatoren samen met kroegen en podia een selectie voor hun stad. Zo ontstaat voor de meest geboekte bands een programma waarbij ze tussen september en december 25 tot 30 optredens in het hele land hebben, soms vier dagen achter elkaar.

Uitbreiding

„We merkten begin jaren negentig dat beginnende bands moeite hadden buiten de eigen stad te komen terwijl clubpodia groeiden en zich meer richtten op grotere acts. Voor beginnende bands viel een gat”, zegt Mischa van den Ouweland, bedenker en nog altijd medeorganisator van de Popronde. „En je had festivals die op één genre gericht waren. Het Utrechtse smartlappenfestival bijvoorbeeld, of de bluesroute. Maar niks dat een dwarsdoorsnede van muzikaal talent in alle genres bood.”

Vanuit dat idee ontstond in 1994 de eerste Popronde in zijn thuisstad Nijmegen. Met een rood koffertje vol tapes van ingeschreven bands bezocht Van den Ouweland de podia om programmeurs en kroegbazen warm te maken voor het muziekcircus.

Ik zit met mijn bands rond de 150 à 200 euro per optreden. Zo kunnen we het net kostendekkend houden

Alexander van den Kleyenberg, gitarist

Binnen een paar jaar breidde de Popronde zich uit naar vijf steden. „Daar waren we heel blij mee. Het is een cliché maar het is heel erg moeilijk om buiten je eigen regio te spelen”, herinnert Racoon-gitarist Dennis Huige zich. De band deed in 1999 mee. „Je kunt repeteren tot je een ons weegt maar jezelf echt ontwikkelen doe je pas door vaak te spelen. En vooral op verschillende plekken.”

Bij de Popronde kan dat zomaar ook een museum, een bibliotheek of het achterafzaaltje van een bruin café zijn. „Je komt op plaatsen terecht waar het qua techniek niet per se altijd top is. Dat je jezelf niet kunt horen of juist veel te hard”, zegt Huige. „Na onze eerste show kwamen we meteen in contact met drie verschillende mensen die ons wilden boeken. Spelen doet spelen.”

Onderhandelen over gage

Haevn debuteerde in 2015, met al een radiohit op zak, tijdens de Popronde op het podium. „Het is een hele goede les geweest want op elk optreden ging er wat fout”, zegt zanger Marijn van der Meer. „Technische zaken vooral, een soundcard die kapot gaat bijvoorbeeld. Zo kwamen we erachter dat we snel flink wat investeringen moesten doen om te groeien. De fouten die je daar maakt, maak je daarna nooit meer.”

Vervolgens ging het snel. Nog tijdens de Popronde werd de band uitgeroepen tot 3FM-Serious Talent en een jaar later stond Haevn op festivals als Eurosonic Noorderslag, Paaspop en Concert At Sea.

De hit ‘Finding out more’, waarmee Haevn optrad tijdens de Popronde in 2015.

Onderdeel van de leerschool is dat artiesten zelf met podia onderhandelen over gages. Ook dat is nieuw voor acts, die vaak gewend zijn voor wat consumpties of een paar tientjes op te treden.

„Groepen willen veel spelen en zijn daarom geneigd de gages laag te houden om aantrekkelijker te zijn”, zegt Van den Ouweland. „Wij adviseren ze soms om het bedrag te verhogen omdat ze uit de kosten moeten komen. Je moet ermee van Groningen naar Heerlen kunnen reizen.”

Wat een artiest gemiddeld krijgt, varieert van stad tot stad en van band tot band. Een groter podium heeft meer te besteden dan een kroeg. „Er zijn bands die 500 euro vragen, maar ik zit met mijn bands rond de 150 à 200 euro per optreden”, zegt Van den Kleyenberg. „Zo kunnen we het net kostendekkend houden.”

De Popronde is het succesverhaal van veel Nederlandse bands en artiesten die door de vele optredens een stap richting doorbraak zetten, maar ook van minstens zoveel acts die het om verschillende redenen niet redden. „En dat is prima”, zegt Van den Ouweland. „Ik ben net zo goed trots op alle bands die sneuvelen door de Popronde. Dan blijkt dat het optreden en toeren toch niets voor ze is, of dat de ambities uiteen lopen binnen de band. Dan komen ze een paar jaar later met nieuwe bagage terug met een andere band. Ook dan is de Popronde nuttig geweest.”

De Popronde 2018 begon op 13 september in Nijmegen en eindigt op 24 november in Amsterdam. Zie voor info popronde.nl
    • Jorg Leijten