Internationaal Strafhof begint vooronderzoek naar Rohingya-misdaden

Het vooronderzoek moet uitwijzen of er genoeg bewijs is voor een volledig onderzoek naar de misstanden tegen de moslimminderheid in Myanmar.

Een gevlucht Rohingya-gezin in een vluchtelingenkamp in Kutupalong, Bangladesh. Foto Wong Maye-E/AP

Het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag begint een vooronderzoek naar de misdaden die tegen de Rohingya, een moslimminderheid in Myanmar, zijn begaan. Honderdduizenden mensen werden door toedoen van het Myanmese-leger gedood en gedeporteerd naar buurland Bangladesh.

Volgens Unicef is een groot deel van de Rohingya-kinderen onder de vijf ondervoed. Onderwijs bereikt de meeste kinderen niet. Lees hier meer over de ‘verloren generatie Rohingya’.

Het vooronderzoek moet uitwijzen of er genoeg bewijs is voor een volledig onderzoek naar de misstanden tegen de Rohingya. Volgens de openbaar aanklager, de Gambiaanse Fatou Bensouda, richt het onderzoek zich ook op de schending van mensenrechten, moord en seksueel geweld. Myanmar, overwegend boeddhistisch, is niet aangesloten bij het Strafhof, maar Bangladesh wel. Bensouda zegt in een verklaring dan ook te zullen kijken naar misdaden die op Bengaals grondgebied zijn begaan.

Beschuldiging van genocide

Het Myanmarese staatsleger wordt ervan beschuldigd de moslimminderheid structureel te discrimineren en op te jagen. Naar schatting kwamen door etnische zuiveringen 9.000 mensen om het leven. Dat kwam het leger in augustus op een beschuldiging van genocide van de Verenigde Naties te staan. De VN concludeerden in een rapport dat er sprake is van “een van de ergste misdaden mogelijk onder internationaal recht”, en het orgaan wil dan ook dat de Myanmarese legertop vervolgd wordt.

Het leger heeft in de Myanmarese politiek veel te zeggen, een restant van het militaire bestuur dat tot 2011 in het land aan de macht was. De regering van Myanmar verwierp de aantijging en stelde dat het overtuigend bewijs wil zien.

Ook Amnesty International stelde dat de moslimgroepering onder een “apartheidsregime” leeft. Sinds augustus vorig jaar zijn vermoedelijk 700.000 Rohingya uit de westelijke staat Rakhine naar Bangladesh gevlucht, aldus persbureau AP. Het Strafhof is de allerlaatste rechterlijke optie wanneer naties weigeren tot vervolging over te gaan.

    • Maartje Geels