Recensie

Scherp oog voor de schoonheid van ons land

Fototentoonstelling Voor Cas Oorthuys hoefden foto’s geen kunst te zijn. Toch had hij een geweldig oog voor schoonheid. Sommige van zijn foto’s zijn nu Nederlandse klassiekers.

Twee foto’s van Cas Oorthuys, links Manokwari, West Irian (1956) en rechts Vrouwen in zondagse dracht (ca. 1958) Foto’s Cas Oorthuys / Nederlands Fotomuseum

Het moest vooral geen kunst zijn. Alles in het werk van Cas Oorthuys en in zijn grote Rotterdamse overzichtsexpositie ademt die gedachte. Anders dan wat gangbaar is op exposities en beurzen, hangen er in het Nederlands Fotomuseum dan ook geen grote, glanzende, speciaal afgedrukte foto’s in fraaie lijsten.

De 300 zwart-wit vintage prints – originele afdrukken, door Oorthuys zelf ontwikkeld en geprint in zijn donkere kamer – worden gepresenteerd achter eenvoudige passe-partouts van plexiglas en hebben soms een vouwtje of een deukje. Imperfecties die Oorthuys geen enkel probleem zou hebben gevonden. Fotografie, zo was zijn overtuiging, hoeft namelijk geen artistiek doel te hebben. Het is vooral een manier om een groter verhaal te vertellen. Een foto, zo vond hij, krijgt betekenis in relatie tot andere foto’s, bij voorkeur in combinatie met tekst. Daarom maakte hij fotoboeken, waarvan vele voorbeelden in vitrines liggen.

Spelende kinderen in het Oosterdok bij de Prins Hendrikkade, Amsterdam (ca. 1946) Foto Cas Oorthuys / Nederlands Fotomuseum

Cas Oorthuys (1908-1975) legde de belangrijke gebeurtenissen van de twintigste eeuw vast – oorlog, crisis, dekolonisatie – maar staat vooral bekend als de grote ‘wederopbouwfotograaf’. De chroniqueur van het nieuwe Nederland dat na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog de blik voorwaarts richt en dat bruggen, steden en nieuwe buitenwijken bouwt „met veel licht, lucht en ruimte tussen het verse beton [...]”, schrijft curator Frits Gierstberg in het boek bij de expositie. „Oorthuys fotografeerde graag bij een lichtbewolkte hemel, zodat de strakke nieuwbouwwijken goed in het zonlicht stonden en mooi contrasteerden met enkele sneeuwwitte cumuluswolken erboven.”

Daarmee benoemt Gierstberg meteen een andere specialiteit van Oorthuys: de fotografie van ‘de schoonheid van ons land’, zoals ook de fotoboekenreeks heette die hij tussen 1948 en 1958 samen met Emmy Andriesse en Carel Blazer maakte. Ook hier zien we die typisch Nederlandse, frisse stapelwolken terug. We zien ze boven de heide tussen Ruinen en Dwingeloo, waar een schaapherder zijn kudde in de gaten houdt. Wolken drijven ook boven de drie jongens van de Algemene Nederlandse Zuivelbond, die samen zware melkemmers sjouwen in een weids en ordelijk landschap. En op de foto van een bouwvakker die hoog in de lucht werkt aan een vrachtgebouw op Schiphol. Beelden van hoop en optimisme, van vooruitgang en samen de schouders eronder, waarbij de mens, en dan met name vaak de arbeider, centraal stond.

Bekijk meer foto’s: Cas Oorthuys legde Nederland kenmerkend vast

Niet alleen was Oorthuys ongelooflijk productief – zijn archief bevat zo’n half miljoen foto’s – ook was de verscheidenheid aan onderwerpen enorm. In keurig geordende contactalbums bracht Oorthuys samen met zijn vrouw Lydia zijn foto’s onder in ontelbare thema’s: trekpaarden, windmolens, wolken, klederdrachten, fruitteelt en heel veel steden en landen en bedrijven – Oorthuys maakte een serie reisboeken en bedrijfsfotoboeken over onder andere de bouw, transport en zware industrie.

Dat zijn werk niet zo nodig kunst hoefde te heten, wil niet zeggen dat hij niet een uitmuntend oog had voor schoonheid. Beïnvloed door anti-romantische, stilistische standpunten van de Nieuwe Fotografie uit de jaren 30 en gevormd door de humanistische idealen van de GKf, de beroepsvereniging voor fotografen, liet Cas Oorthuys zien dat hij een scherp oog had. Het geometrische vormenspel van de wapperende was in Volendam of in de textielfabriek in Helmond verraden zijn talent voor compositie en vorm. Het schitterende portret van collega-fotograaf Eva Besnyö of dat van de trotse jongeman in de haven van Muyumba, Congo, zijn klassiekers van de Nederlandse fotografie. Het is mooi dat het museum dit soort iconische beelden niet groter of prominenter presenteert dan andere – geheel in de geest van Oorthuys. Het is immers het samenspel van al die foto’s dat zijn verhaal zo krachtig maakt.

Vlaglegging op de Weteringsplantsoen op de plaats waar de Duitsers op 12 maart 1945 tweeëndertig mensen hadden gefusilleerd, Amsterdam (1945). Foto Cas Oorthuys / Nederlands Fotomuseum
    • Rianne van Dijck