Recensie

Openingsconcert Concertgebouworkest blijkt geen nieuwe start

KCO De afwezige Gatti bleek op een merkwaardige manier aanwezig bij de seizoenopening van het Koninklijk Concertgebouworkest.

Plotseling liet dan toch het artistieke gemis zich voelen. Vooral in het tweede deel van de black-tie Openingnight door het Koninklijk Concertgebouworkest, waarvan het programma bleef afgestemd op de vorige maand ontslagen chef-dirigent Daniele Gatti. De hoofdmoot daarvan vormde de Italiaanse Symfonie van Felix Mendelssohn. Onder vervanger Thomas Hengelbrock strandde deze reis van het orkest ergens in Zuid-Duitse Gründlichkeit. Het lukte de noten niet de Alpen over te steken - ze werden, zoals het mannelijke publiek, strak in het pak gestoken.

Het ongewijzigde repertoire schiep een vervreemdend beeld van een dirigent die tegelijkertijd afwezig en aanwezig leek. Zoals de naam van Gatti ook boven de korte toespraak van orkestdirecteur Jan Raes zweefde, zonder uitgesproken te worden. Op die manier kon het openingsconcert geenszins een nieuwe start inluiden. Is het ondanks alle complicaties niet raadzaam om de talrijke Gatti-programma’s voor komend seizoen tegen het licht te houden, en zijn vervangers de kans te bieden hun eigenheid te tonen?

Lees ook: In Rome is Gatti gewoon welkom
Dat hoeft uiteraard niet het omgooien van het hele repertoire te betekenen. Want in Le carnaval romain van Berlioz en het Eerste Pianoconcert van Liszt bleek Hengelbrock prima een eigen handtekening op het orkest te kunnen zetten. De Berlioz-ouverture vlinderde: helder en lichtvoetig deed de vertolking denken aan een Mendelssohn, die begeesterd door de straten van Rome zwerft - een gevoel dat Hengelbrock later niet kon oproepen in diens Italiaanse Symfonie.

Bij het Eerste Pianoconcert van Liszt liet de dirigent de strijkstokken dieper in hun snaren graven. Hierin speelden Hengelbrock en pianist Evgeny Kissin met tegenstellingen in de zwaartekracht van de muziek. Hengelbrock schiep een sfeer van kamermuziek met de solist luisterend in gesprek met de ene keer een klarinet, vervolgens twee violen en dan weer met een stormachtig orkest. Kissin op zijn beurt leek zich een vis in het water te voelen.

    • Joost Galema