Ideologen missen het unieke verhaal van hun partij in Rutte III

Wetenschappelijke partijbureaus

Een gezamenlijk verhaal, maar óók meer nadruk op eigen gedachtengoed partijen. Dat bepleiten hun ideologen voor Prinsjesdag.

Foto Robin Utrecht/ANP

Vraag bewindslieden of fractieleden uit de coalitie wat het kabinet-Rutte III bindt, en je hoort snel zoiets: iemand moet het land regeren, dus namen wij de verantwoordelijkheid. Dit collectieve plichtsbesef bracht een wonderlijke liberaal-confessionele coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie bij elkaar.

Daarbuiten is Rutte III ook een stroperige vierpartijencoalitie. Wat gaan de coalitiepartijen deze week vertellen, tijdens Prinsjesdag en de Algemene Politieke Beschouwingen? Wat is er typisch ChristenUnie aan verbeterde koopkrachtplaatjes? Wat heeft D66 te maken met een dalende staatsschuld?

Lees hier de plannen in de uitgelekte Miljoenennota

In gesprekken met de vier directeuren van de wetenschappelijke bureaus van de coalitiepartijen komt die zorg vaak terug. Hoewel hun relatie tot partijen verschilt, zijn wetenschappelijke bureaus er om de koers van partijen te bewaken, debat aan te wakkeren of ideologieën te moderniseren.

De vier coalitiepartijen leveren zich uit aan technocratie, is een klacht die vaak terugkomt in die gesprekken. Het Grote Verhaal ontbreekt. Patrick van Schie, directeur van de Teldersstichting, gelieerd aan de VVD, zegt: „Als je regeert, bestaat de neiging dat je bestuurlijk ingesteld raakt. Politici krijgen de neiging zich door de Twitterdemocratie te laten leiden. We moeten herkenbaar blijven.”

Zijn collega Pieter Jan Dijkman, directeur van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA, zegt: „Politieke partijen zijn steeds meer op elkaar gaan lijken. Kiezers zweven niet omdat er te véél, maar juist omdat er te weinig te kiezen valt.”

Kundig stuurman

Volgens Wouter Beekers, directeur van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, is het kabinet-Rutte III een kabinet zonder groot verhaal. „Een kabinet moet er zijn om verder te kijken. Ik mis dat al langer in de Nederlandse politiek. Onze huidige premier is een kundig stuurman. Maar onder zijn leiding gaat het erg over de kleine stapjes.”

In politiek, zegt Beekers, is ‘uitruilen’ de mode geworden. De ene partij levert een belangrijk punt in, de andere partij ook. „Daardoor heb ik weinig visionairs gehoord, al was het regeerakkoord veelbelovend. Ik mis het gezamenlijk zoeken naar een gedeelde visie.”

Misschien is dat lastig, gelet op de grote verschillen tussen de vier coalitiepartijen. Patrick van Schie (VVD) ziet grote verschillen tussen de twee liberale partijen, VVD en D66. „Bij D66 geloven ze, voor zover ze erover nadenken, dat liberalisme onverenigbaar is met nationalisme. Dat is flauwekul. Nationalisme is niet verkeerd. Dat mogen we best meer uitdragen.” Van Schie durft stelling te nemen in de VVD. Hij schreef onlangs in een column in Trouw over oplevend nationalisme in Europa: „Het zijn tekenen dat er burgers zijn die onze democratie willen redden.”

Het wordt nu zaak voor fractievoorzitter Klaas Dijkhoff om de VVD een scherper profiel te geven, vindt Van Schie. „De fractie is er niet om het coalitieakkoord uit te dragen. Dijkhoff kan zeggen: ‘Dit hebben we getekend, maar ons ideaal is anders.’ Coalitiepartijen doen dat nu onvoldoende. Ze zeggen te weinig dat een compromis niet de best denkbare oplossing is. We kunnen gerust zeggen: ‘We hebben water bij de wijn moeten doen, maar als liberalen willen we eigenlijk iets anders.’”

‘Nu hoopvolle perspectieven bieden’

Pieter Jan Dijkman (CDA) ziet een verschil tussen het kabinet, dat de taal van „middelen en maatregelen” spreekt, en politieke partijen. „De overheid is legitimiteit gaan ontlenen aan economische groei en koopkracht. Maar politiek gaat over meer dan dat.” Dijkman werkt aan een rapport over de identiteit van het CDA, vergelijkbaar met het invloedrijke Nieuwe Wegen, Vaste Waarden, dat in 1995 verscheen, na een grote verkiezingsnederlaag. Het rapport moet voor 2021 af zijn.

Dijkman zegt: „Ik tel mijn zegeningen over Rutte III.” Confessionelen en liberalen vinden elkaar op veel punten. Maar, zegt hij erbij, het CDA moet niet vergeten zich ideologisch te blijven vernieuwen. „De laatste jaren heeft het CDA de maatschappelijke bezorgdheid geanalyseerd. Maar nu moet een nieuwe fase aanbreken: we moeten hoopvolle perspectieven bieden.” Het ontbreken van een christen-democratische visie op de verzorgingsstaat noemt hij „een groot gemis”. „Na de crisis van 2008 is er vooral hard bezuinigd. Het denken over de verzorgingsstaat is naar de achtergrond verdwenen.”

Coen Brummer (D66) ziet dat politieke discussies snel „over actuele thema’s gaan”, zoals de dividendbelasting. Maar hij wil zich niet enkel afzetten tegen de coalitie, zegt hij. „Een tijd geleden hebben we een bundel over medische ethiek gepubliceerd, met daarin bijdragen uit de hoek van de ChristenUnie. We bleken elkaar soms ook te vinden.”

Lees ook: De vloek van overvloed ligt op de loer

Wouter Beekers (ChristenUnie): „Regeren is hartstikke moeilijk.” Waarom? „Je wordt voortdurend op je eigen idealen bevraagd. Het is de kunst om verder te kijken. Hoe leven we samen in dit land? Hoe vinden we een eenheid nu Nederland een immigratieland is geworden?”

Maar juist dát is moeilijk in dit kabinet, constateert Beekers. „Elke discussie wordt beladen, juist omdat het alleen over de actuele thema’s gaat. De dividendbelasting, het kinderpardon. Het zijn op zich belangrijke onderwerpen, maar het gesprek houdt daar op.”

    • Guus Valk