Waren er twee flesjes met novitsjok?

Wekelijks stuit Karel Knip in de alledaagse werkelijkheid op raadsels en onbegrijpelijke verschijnselen. Deze week: de gangen van twee verdachte hitmen in Salisbury gereconstrueerd.

De namaakverpakking waarin het flesje novitsjok zat waarmee dit jaar gepoogd werd om de Russische dubbelspion Sergej Skripal te vermoorden. Foto Metropolitan Police

Nina Ricci’s ‘Premier Jour’ is voor dertigers. Niet voor hippe jonge meisjes, niet voor rijpere vrouwen en zeker niet voor oudere dames. Bekijk de filmpjes van de influencers op YouTube. Dan zie je het.

Het was dus goed bedacht van de Russische militaire inlichtingendienst GROe om de twee verdachte hitmen die dubbelspion Sergej Skripal in Salisbury met novitsjok moesten vermoorden het gif in een flesje ‘Premier Jour’ mee te geven. Roeslan Bosjirov en Aleksander Petrov, zoals ze zich noemen, zijn ongeveer veertig jaar oud. ’t Kon zomaar een cadeautje zijn voor een vrouw of vriendin.

Ook in een ander opzicht was het slim om een parfumflesje te gebruiken. De GROe kon het in een verzegelde tax free-tas meegeven, dan was de kans op argwaan nog kleiner.

We weten inmiddels dat het flesje helemaal niet van Nina Ricci komt. Nina’s ‘Premier Jour’ heeft een heel andere uitvoering en er zit nooit zo’n rare witte tuit bij. De Russen tekenden de bloempjes op de verpakking ook net een beetje anders dan Nina dat doet. En er zat geen geurige parfum in, maar novitsjok A-234, misschien wel het dodelijkste zenuwgas dat er bestaat. Wie één druppel A-234 op zijn huid krijgt kan daaraan bezwijken.

De standaard verpakking van het parfum Premier Jour Nina Ricci

Vorige week woensdag publiceerde de Britse Metropolitan Police vijftien foto’s die het handelen van de Russische hitmen in beeld brengen. Foto’s van het flesje en zijn verpakking, scans van de paspoorten en heel veel stills van bewakingscamera’s. Het is maar een keuze uit tientallen of honderden andere beelden maar geeft toch veel informatie. We zien dat de mannen twee paar schoenen bij zich hadden en zowel mutsen als petten droegen, en soms van jas wisselden.

Op vrijdag 2 maart zien we hun aankomst op Gatwick: ze dragen schoudertassen en hebben een rolkoffer bij zich. Op zaterdag 3 maart maken ze, zonder bagage, een korte verkenningstocht naar Salisbury. Op zondag 4 maart, de dag van de aanslag, draagt Boshirov opeens een goed gevulde dagrugzak die een uur na de aanslag nog voller lijkt. Ook hangt hij dan op de rug van Petrov.

Met behulp van de foto’s en Google’s Street View zijn de gangen van de hitmen op die zondag tamelijk precies te reconstrueren. Om 11.58 uur worden ze gesnapt bij een Shell-station, nog geen 600 meter van Skripals huis. Opvallend is dat ze ná de aanslag niet direct teruggaan maar het station passeren en nog een half uur passagieren in het centrum van Salisbury. Zich terdege bewust van de camera’s die daar boven het trottoir hangen spelen ze even de toerist. Voor het alibi. Altijd lachen en interesse tonen voor de omgeving, dat wordt ook CIA-agenten geleerd. Liepen ze langs de kathedraal of namen ze een pilsje? Om 13.05 uur zien we ze alweer op de terugweg.

Het is een mysterie hoe de twee het aandurfden om midden overdag de voordeur van Skripals woning te bespuiten terwijl die thuis was en vanuit zijn ‘kantoor’ (een omgebouwde garage) zicht had op de deur. Misschien was de aanwezigheid van dochter Joelia een voorwaarde? Joelia was een dag eerder gearriveerd. Skripal was haar gaan afhalen van Heathrow, hij had zich laten rijden door een buurman. Rond dezelfde tijd maakten B. en P. hun verkenningstocht. Alsof ze het wisten. Of omdat ze het wisten.

Het parfumflesje

Wat de buitenstaander zich ook blijft afvragen: hoe slaagden B. en P. erin novitsjok op de deur van Skripal te brengen zonder zelf slachtoffer te worden. De fysisch-chemische eigenschappen van novitsjok A-234 zijn geheim. Databank ChemSpider noemt er een paar (dichtheid 1,1 g/cm3, kookpunt 258 graden Celsius) maar dat zijn geschatte, niet gemeten waarden. Het cruciale gegeven: de viscositeit (een maat voor de vloeibaarheid) staat er niet bij. Maar van Charlie Rowley, die het getoonde flesje op 26 juni vond, weten we dat het goedje olieachtig was (en naar niks rook). We moeten aannemen dat novitsjok A-234 te dik is om te vernevelen. (Maar dat is ook het laatste wat B. en P. gewild hadden.) Het kwam met dikke druppels uit de tuit, misschien met wat kleine spetters als er lucht in het aanvoerslangetje zat.

Het parfumflesje met zijn tuit is in feite een gewone pump dispenser zoals een willekeurig zeeppompje. De pompwerking berust op een kogelklepje en een zuigertje dat ook als klep fungeert. Voor de speciale toepassing werd één extra eis gesteld: hij mocht niet gaan lekken in het vliegtuig, wat veel gewone parfumflesjes wèl doen (door de lage druk). De GROe gaf een hermetisch gesloten flesje mee. De witte tuit zat er los bij. De tuit moest zo laat mogelijk worden aangebracht, ook omdat hij in gemonteerde toestand als hefboom werkt en het pompen onbedoeld kan beginnen.

Flesje met daarin het gif novitsjok, dat de Britse politie via Charlie Rowley opspoorde. Foto Metropolitan Police

De tuit wàs zo lang om de handen van de hitmen tegen het gif te beschermen. Natuurlijk waren meer veiligheidsmaatregelen nodig. De handen gingen in handschoenen en waren misschien vooraf ingesmeerd met een barrier cream. Mogelijk hadden de mannen profylactisch pyridostigmine ingenomen, dat beschermt tegen zenuwgas, maar heeft een onprettige bijwerking. Na afloop moesten de handen grondig worden ontsmet, dat gaat goed met een mengsel van natronloog en chloorbleekloog. Maar dit agressieve spul moest ook weer worden weggeveegd. Je ziet de doekjes, tissues en flesjes voor je. Na de reiniging, die wel enige tijd nam, ging alles terug in de rugzak. Zo kan het zijn gegaan. Van belang: die rugzak, daar stak je niet graag je blote hand meer in.

Het is vreemd dat de Britse politie zwijgt over het lot van de rugzak. Een still laat zien dat de twee om 13.51 uur mét rugzak op het station van Salisbury arriveren. Om 16.45 uur zijn ze op station Waterloo in Londen. De laatste foto van de politieserie toont de mannen om 22.30 op Heathrow. Je kunt nèt niet zien of Boshirov wel of niet een rugzak draagt.

Er is iets dat nog meer intrigeert. We moeten aannemen dat de witte tuit pas op het laatste moment is aangebracht. Na de aanslag zal de nadruppelende tuit niet zijn losgenomen, dat had immers onnodig gevaar met zich meegebracht. Maar met de daarop gemonteerde tuit pas het flesje niet terug in zijn doosje, dat kun je nameten. Het geheel ging dus onverpakt in een afvalzak of afvalcontainer die in de rugzak zat. Of werd weggegooid.

Uit deze logica ontstaat een probleem: het flesje dat Charlie Rowley vond zat in een doosje dat nog was geseald („a sealed box in a cellophane wrapper„). De witte tuit zat er los in, hij vertelde hoe hij die op het flesje monteerde. Dit kan dus niet het flesje zijn geweest dat bij Skripals huis is gebruikt. Daarmee in overeenstemming is het feit dat de samenstelling van de vloeistof in het flesje niet volkomen gelijk was aan die van de vloeistof op Skripals deur. We concluderen: er waren twee flesjes en er is er nog één zoek. Of toch niet?

    • Karel Knip