De dreiging van windmolenterreur

Extremisme De strijd tegen windmolens neemt „buitenwettelijke vormen” aan, waarschuwt terreurbestrijder NCTV. Is de strijd aan het verharden?

Protest in Muntendam door de actiegroep Platform Storm. Voorman Jan Nieboer (niet de man op de foto) ziet dat mensen „hun geduld verliezen”. Foto Huisman Media

„Ze gaan eraan.” Vorige week nog hoorde Jan Nieboer die dreigende woorden op een festival in Musselkanaal. Nieboer, voorzitter van Platform Storm, een actiegroep tegen de bouw van een groot windmolenpark in Drenthe, is een bekend gezicht. Overal waar hij komt spreken mensen hem aan. Hij is voorstander van actievoeren langs de democratische weg, maar hij merkt dat niet iedereen er zo over denkt. „Ik heb semtex hoor”, riep een Drent hem laatst op de markt toe. „De eerste auto die ik zie rijden met onderdelen van een windmolen, blaas ik op!”

De emotie tegen de komst van windmolenparken in Drenthe en Groningen is hoog opgelopen. Zo hoog dat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) maandag in zijn periodieke dreigingsanalyse zorgen uitte over het protest dat in sommige gevallen „buitenwettelijke vormen” aanneemt. Voorstanders van de windparken, onder wie bestuurders en boeren op wier land windmolens komen, kregen de afgelopen twee jaar te maken met brandstichting, dreigbrieven, vernieling van landbouwmachines. En hoewel „een klassieke ideologie ontbreekt”, schrijft de NCTV, is het verzet „gelet op de politieke doelen” wel degelijk „als extremisme” te omschrijven.

Meestal heeft Jan Nieboer niet eens de tijd om te reageren als een geradicaliseerde activist zijn dreigement uit. „Dan zijn ze alweer verdwenen.” Is die gelegenheid er wel, dan zegt hij dat er écht wel andere, democratische manieren zijn om je onvrede te tonen. „Hoor jezelf nou praten Jan”, klinkt dan terug. „De overheid heeft totáál geen interesse in wat wij vinden!” En Nieboer kan hun gevoelens ook wel begrijpen: „Al vijftien jaar worden we voor de gek gehouden door de overheid. We hebben álle democratische procedures doorlopen en keer op keer zijn we afgeserveerd. De mensen hier beginnen hun geduld te verliezen, en sommigen hun zelfbeheersing.”

Lees over het verzet in Groningen en Drenthe: Begin in het noorden niet over windmolens

Signalering

In eerdere dreigingsanalyses uitte de NCTV al eens zijn zorgen over geradicaliseerd activisme rondom Zwarte Piet en de Groningse gaswinning. Zorgen over antiwindmolenextremisme zijn nieuw. Signalering van zo’n nieuw fenomeen is volgens de woordvoerder van het NCTV een van de redenen dat het verzet tegen windmolens nu in de dreigingsanalyse staat genoemd – en die andere twee niet. Maar het is volgens hem óók zo dat de dreiging rondom de windmolendiscussie op dit moment gróter is dan die over gas of over Zwarte Piet.

Onder de activisten voelen sommigen zich nu weggezet als „windmolenterrorist”. Maar zo moet je de analyse van de NCTV niet lezen, zegt Jelle van Buuren, terrorismeonderzoeker aan de Universiteit Leiden. „De dreigingsanalyse is bedoeld als een waarschuwing. Ze kijkt vooruit en constateert alleen een verharding van het verzet.” In dit geval is de grens overschreden van activisme, dat loopt volgens inspraak, protest en soms een – uit de hand gelopen – demonstratie. En dan is sprake van extremisme. „Risico is vooral de eenling of een klein groepje dat zich niet meer neerlegt bij democratische besluitvorming.”

Het label „terrorisme” zal de overheid niet snel gebruiken, zegt Van Buuren. Dat is een zwaar beladen term die leidt tot vergaande bevoegdheden van de politie. Bovendien loop je met zo’n zwaar stempel de kans een hele groep, ook sympathisanten die niet zijn geradicaliseerd, te criminaliseren. „Met het risico dat het verzet juist groeit.” De dreigingsanalyse is daarom vooral een waarschuwing aan burgemeesters en een boodschap aan de protestbeweging: maak duidelijk waar je grenzen liggen, distantieer je. „Een soort drukmiddel.”

Activisten wegzetten als „extremist” vindt Jan Nieboer niet de juiste manier. „De radicalen worden hiervan alleen maar scherper. Zij gaan nóg harder hun best doen, desnoods ondergronds.”

    • Freek Schravesande