Begin een praatje als u deze veters ziet

creatief

Bovenaan de bucketlist van Carin van Laere staat: schoenveters versieren.

Foto Nrc

Een van de weinige voordelen van voor de tweede keer kanker krijgen, is dat je al eens hebt nagedacht over wat je nog wilt. Althans, dat geldt voor Carin van Laere (65). Haar bucketlist is kort. Nog een keer naar New York zou leuk zijn, maar niet noodzakelijk. Haar lievelingsplek is hier, op het sofaatje waarvan ze zelf de bekleding borduurde, voor het raam in de Amsterdamse Rivierenbuurt, waar ze als een poes in het zonnetje kan zitten sudderen. Op deze plek bedacht ze nogmaals wat ze ‘kwaliteit van leven’ vindt: het contact met haar familie, stiefkinderen en vrienden en haar creativiteit (die heeft ze van haar vader, auteur van het standaardwerk Nieuwe marsepeinfiguren, tevens ontwerper van boerderijdrop).

Ze had zich al voorgenomen om na haar pensioen een atelier te zoeken. Nu heeft ze haar achterkamer als werkruimte ingericht. Er staat een bak vol opgerolde NRC-pagina’s die ze op schildersdoek naait. „Iets moois maken geeft enorme voldoening.” Toen ze in haar slechtste maanden bijna geen energie meer had om zelfs maar naar het park te lopen, kon ze nog wel op de bank zitten en iets creëren. Bij de officiële opening van het huiskameratelier (inclusief lintenknippen) vroeg haar broer of ze voor hem veters met een kleurtje wilde punniken. Het eerste proefje, een punnikdraad, volgens opdracht, was precies wat hij niet bedoelde. Hij maakte gedetailleerde tekeningen en toen borduurde ze een veter die hij meteen tevreden in zijn schoenen reeg. Een dunne ronde zwarte veter, aan de uiteinden omwikkeld met gekleurd garen. Het basismateriaal (veters en garen) komt van de Action. Voor de kleurencombinaties valt ze soms terug op een Japans boekje met 348 kleurencombinaties uit oude kimono’s. Bij elkaar levert dat een product op dat ook van Paul Smith, de Britse streepjeskoning, had kunnen zijn. Toen ze een keer de geest had, mailde ze zijn ontwerpafdeling haar veterwerk. Ze kreeg een vriendelijk mailtje terug. Toch leuk. En onlangs raakte ze in een kledingzaak in gesprek met een mevrouw die er wel wat in zag om met Portugese vissersvrouwen een productielijntje op te zetten. Misschien wel volstrekt onhaalbaar, ze is zelf al drie kwartier bezig met één paar. Maar wel leuk.

Carin laat zien hoe ze de veters maakt. Garen met een naald door een veter steken, er omheen wikkelen tot een halve centimeter, vastzetten met een platte knoop en zo nog een paar keer. Aan een lamp hangt een vrolijk trosje.

Haar broer hoopte dat de veters in een wereld waarin het simpele praatje met onbekenden onder druk staat het terloopse contact zouden stimuleren. Et voilà. Hij zat koud met zijn splinternieuwe veters in de trein terug naar Den Haag en had al voor Leiden zijn eerste ‘veterpraatje’ te pakken met iemand die ze opmerkte terwijl hij op zijn telefoon keek.

De veters gaan vooralsnog alleen naar de mensen uit de mailgroep die ze op de hoogte houdt van haar gesteldheid, mits ze beloven melding te doen van hun eerste veterpraatjes. Onlangs had ze goed bericht voor de mailgroep. Een half jaar na de gevaarlijke en uitzonderlijke operatie (die maakte dat ze weer kon eten – over kwaliteit van leven gesproken) houdt de kanker zich nog koest. Geen enkele garantie voor de toekomst, maar voor nu gelukkigmakend nieuws. Daarom kan Carin ook wel lachen om de droom waarover een vriendin laatst vertelde: dat ze in de aula bij haar uitvaart naar beneden keek en overal schoenen zag met Carins veters erin.

    • Martine Kamsma