Recensie

Hoe de crisis leidde tot de zelfverminking van Europa

Adam Tooze Toen tien jaar geleden de financiële crisis wereldnieuws werd, verkondigden veel politici dat deze tot de Verenigde Staten beperkt zou blijven. Een misvatting met grote gevolgen, blijkt uit de studie van zelfverklaard ‘links’ historicus Adam Tooze.

Illustratie Anne van Wieren

Toen de Amerikaanse bank Lehman Brothers op maandag 15 september 2008 de procedure voor faillissement in gang zette, liet de toenmalige Nederlandse minister van Financiën Wouter Bos weten dat hij ‘zich geen zorgen maakte’. De ondergang van de bank was volgens Bos ‘geen serieus risico voor Nederlandse banken’.

Bos was niet de enige politicus die geloofde dat de financiële crisis die in 2007 stilletjes was begonnen met een daling van de huizenprijzen in de VS, louter een Amerikaans probleem was. Een dag na de faillissementsaanvraag van Lehman Brothers beweerde bijvoorbeeld ook de Amerikaanse president Bush in een toespraak voor de Verenigde Naties in New York dat de ‘turbulentie’ op de financiële markten een ‘Amerikaanse uitdaging was die moest worden aangegaan door de Amerikaanse regering en niet een zaak was voor multilaterale actie’.

Hiermee gaf Bush een totaal verkeerd beeld van de financiële crisis, schrijft de Britse historicus Adam Tooze (1967) in de inleiding van Crashed. How a Decade of Financial Crises Changed the World. Bush en politici als Bos die verkondigden dat Europa niet zou worden geraakt door de ondergang van Lehman Brothers, beseften niet dat Amerikaanse en Europese banken en financiële instellingen sinds de deregulering in de jaren tachtig en negentig waren versmolten tot één grote, Noord-Atlantische financiële wereld. Ook veel Europese banken, waaronder de omvangrijke Deutsche Bank, hadden zich in het begin van de 21ste eeuw bijvoorbeeld geworpen op de handel in Amerikaanse rommelhypotheken die lucratief was zolang de huizenprijzen in de VS stegen en dus vroeg of laat moest eindigen in een debacle.

Bandeloos

De financiële crisis in de VS en de eurocrisis die een paar jaar later begon, zijn dan ook één en dezelfde crisis, is in Crashed de leidende gedachte van Tooze die eerder onder meer The Deluge (2014) schreef over het ontstaan van een nieuwe wereldorde na de Eerste Wereldoorlog. Om uit te leggen hoe de crisis in de bandeloze Noord-Atlantische financiële wereld leidde tot een zware en langdurige economische crisis in vele landen, is een diepe duik in de internationale financiële economie nodig, zo kondigt Tooze al in het begin aan van zijn boek. Dit is geen loze waarschuwing: op veel pagina’s wordt de lezer bedolven onder statistische gegevens, duizelingwekkende bedragen en afkortingen als TARP (Troubled Asset Relief Program) en EFSF (European Financial Stability Facility). Maar gelukkig wisselt Tooze dit ‘technische en koudbloedige werk’, zoals hij het zelf noemt, steeds af met het in kaart brengen van de grote sociaal-economische en (geo)politieke gevolgen van de kredietcrisis in China en het Verre Oosten, Rusland en Oost-Europa, de Verenigde Staten en vooral de Europese Unie.

Zo begrepen Obama en zijn ministers al gauw dat de kredietcrisis niet alleen de financiële wereld zou treffen maar ook de ‘echte’ economie en kwamen ze al in 2009 met een goed werkend, klassiek Keynesiaans stimuleringsbeleid. Maar in Europa, dat zich graag liet voorstaan op zijn sociale karakter, bleken de politiek-economische beleidsmakers meer in de ban van de neoliberale ideologie te zijn dan die in de VS en was stimulering taboe.

Zelfs toen de kredietcrisis was uitgegroeid tot een langdurige economische crisis in Europa die miljoenen banen deed verdwijnen en vooral in Spanje tot honderdduizenden huisuitzettingen leidde, bleven Europese politici gepreoccupeerd door een afslanking van de verzorgingsstaat en de vermindering van staatsschulden en begrotingstekorten, schrijft Tooze, die voor de duidelijkheid bekent dat hij een ‘linkse historicus’ is.

Misvattingen

Bij de bestrijding van de eurocrisis zetten de Duitse bondskanselier Angela Merkel en haar minister van Financiën Wolfgang Schäuble, de leiders van het land met de sterkste economie in Europa, van begin af aan de toon. Toen eind september, twee weken na de ondergang van Lehman Brothers, drie banken in Ierland op ‘omvallen’ stonden, wees Merkel het voorstel van Nederland en andere Europese landen en instellingen om de financiële crisis in Europees verband aan te pakken, resoluut van de hand. ‘Chacun sa merde‘, was haar antwoord: ieder land moest maar zijn eigen bankenprobleem oplossen. Dit was een ernstige vergissing, zo oordeelt Tooze, want de financiële crisis was een internationale crisis die alleen maar in internationaal verband kon worden opgelost.

In de daaropvolgende jaren ontstond een tweede misvatting, zo gaat Tooze verder, met verstrekkende gevolgen. Door het uitblijven van een Europese of beter nog, transatlantische aanpak, ontaardde de kredietcrisis in 2010 in een eurocrisis die het voortbestaan van de euro en de Europese Unie in gevaar bracht. Maar bij de bestrijding van de eurocrisis ging het steeds minder om het echte probleem – falende banken waar orde op zaken gesteld moesten worden – en steeds meer om landen met hoge en groeiende staatsschulden zoals Spanje, Portugal en Griekenland. Voor Merkel en Schäuble werd hun eigen Duitsland, met zijn lage staatsschuld, een ongezond hoog overschot op de betalingsbalans en een grondig ‘hervormde’ arbeidsmarkt, het model voor Europa.

Ook andere Europese politici, zoals Jeroen Dijsselbloem, voorzitter van de Eurogroep en volgens Tooze de buikspreekpop van Schäuble, deelden Merkels preoccupatie met de verkleining van de verzorgingsstaat die, tot wanhoop van veel economen, werd gerechtvaardigd met de kinderlijke vergelijking van een natiestaat met een huishouden.

Hierdoor werden de onderhandelingen van Griekenland met de Eurogroep volgens Tooze ten slotte niet meer beheerst door ‘rationele economie’, maar door de ‘conservatieve ideologie’ van Merkel en Schäuble. Zo kreeg Griekenland ten slotte van de troika (EU, ECB en IMF) draconische bezuinigingen opgelegd die leidden tot een ongekende economische neergang en verarming van de bevolking,

Toozes oordeel over de aanpak van de eurocrisis is ongekend hard. ‘Een van de grootste zelf toegebrachte rampen uit de geschiedenis’, noemt hij de Europese bestrijding van de crisis: ‘In de Eurozone hebben bewuste beleidskeuzes tientallen miljoenen van haar inwoners onderworpen aan een jaren-dertigachtige depressie.’

    • Bernard Hulsman