Brieven

Brieven

Foto iStock

Astronomen gebruiken nauwelijks reproduceerbare eigen software. Dat moet anders, betoogde hoogleraar computationele astrofysica Simon Portegies Zwart in een interview met NRC (07/09). Een hartekreet over stokoude, slecht gedocumenteerde software.

Hij noemt het dinosource. Maar die term klopt niet: de dinosaurus is uitgestorven, maar oude software is overal. In de IT wordt vaak de term legacy gebruikt. Dat is niet het erfgoed dat je ziet op Open Monumentendag. De term heeft hier een sterk negatieve bijsmaak: het gaat om oude IT, je kunt niet zonder maar je beseft tegelijk dat het zo niet verder kan. Legacy duidt ook meer een ecosysteem aan dan alleen code: je hebt ook hardware nodig waar het op draait, beheerders die het aan de praat kunnen krijgen, ontwikkelaars die fouten corrigeren, ondersteunende software om het geheel in de lucht te houden.

„We lopen mijlenver achter op de industrie die hierin wel investeert”, beweert Simon P. Zwart. Maar dat valt mee. De grote industriële complexen, de railinfrastructuur en instituten als de politie draaien heus niet allemaal op code die voldoet aan hun ideaalbeeld. NRC bericht bijvoorbeeld regelmatig over IT-problemen bij de Belastingdienst, waar eenvoudige aanpassingen niet meer mogelijk zijn omdat de IT voor een groot deel legacy is, en de overheid tot overmaat van ramp ook nog het ecosysteem dramatisch in de war schopt door beheerders en ontwikkelaars te laten vertrekken.

Of kijk naar het bedrijfsleven. Onlangs was ik bij mijn bank ABN Amro. De medewerker was wel tevreden over het moderne programma waar hij mee werkte, maar voegde toe: „Als ik echt wat wil doen, kom ik in een soort MS-DOS scherm.” En stond vorige week ING niet prominent op de voorpagina, door problemen die deels aan legacy te wijten zijn? Oude software vormt overal een hardnekkig probleem. In de sterrenkunde, in het bedrijfsleven én bij de overheid.

    • Jan Mulder