Porsche en vijf ton. Dát is ‘extreem rijk’

Inkomens

Naast de armoedegrens is er nu ook een rijkdomsgrens die zegt wat de meeste mensen extreme luxe vinden, zo blijkt uit onderzoek. Waar ligt die?

Luxe Bentleys in de showroom, langs de A2 in Utrecht. Foto Erik van ’t Woud/ANP

Bestaat er naast de armoedegrens ook een rijkdomsgrens, vroeg hoogleraar filosofie Ingrid Robeyns zich af. De armoedegrens bepaalt wat mensen minimaal nodig hebben om van te leven. Wat is dan de rijkdomsgrens voor de luxe die mensen helemaal niet nodig hebben voor een goed leven? Deze woensdag wordt het onderzoek naar deze grens gepubliceerd in het tijdschrift Economisch Statistische Berichten.

De grenzen voor armoede en rijkdom liggen niet muurvast. Wat veel mensen een minimum bestaansbehoefte of totaal overbodige luxe vinden, verschuift met het algehele welstandsniveau. Met Tanja van der Lippe en Vincent Buskens, beiden hoogleraar sociologie en onderzoeker Nina Vergeldt, allen van de universiteit van Utrecht, vroeg Robeyns in een representatieve steekproef aan 3.350 panelleden (2.651 respondenten) wat ze ‘extreme luxe’ vinden. Daaruit bleek dat die grens begint bij een gezin met een villa met zwembad, een tweede huis in Zuid-Frankrijk, een Mercedes en een Audi, vijf vakanties per jaar en vijf ton spaargeld. Die combinatie vond precies twee derde van de respondenten „extreme rijkdom”.

Vervang de Audi door een Porsche en verdubbel het spaargeld tot 1 miljoen en dan was er volgens 82,6 procent sprake van extreme rijkdom. Zo stijgt het verder. Een tweedehands Ford Fiesta, een huis in twee onder een kap in de Randstad en twee vakanties per jaar vond toch nog 0,2 procent extreme rijkdom.

Maserati

De voorbeelden zijn niet ontleend aan werkelijk bezit en vermogen in Nederland. Voor een Porsche kan net zo goed een Maserati worden ingevuld. Maar het ging de onderzoekers er alleen om te bepalen of de mensen duidelijke grenzen hebben. „En nu blijkt dat mensen een onderscheid in hun hoofd hebben tussen iemand die het goed heeft en iemand die veel meer heeft dan nodig om een goed leven te hebben”, zegt Robeyns. „Voor zover wij weten, is het de eerste keer dat dit soort onderzoek is gedaan.”

In het tweede deel van het onderzoek moesten de respondenten ook stellingen over rijkdom beantwoorden. Daaruit bleek dat Nederlanders weinig moeite hebben met grote rijkdom. Slechts een klein deel vindt dat er een bovengrens moet komen aan inkomens, erfenissen, of vermogens. Slechts 11 procent van de respondenten vond dat er een bovengrens zou moeten zijn aan het besteedbaar maandelijkse inkomen per persoon en slechts 5 procent vond een bovengrens vereist op het totale vermogen dat iemand mag bezitten.

Jeff Bezos heeft 98 miljard

Verrassend vond Robeyns daarentegen de antwoorden op concrete vragen. De helft van de respondenten vond het onwenselijk dat Jeff Bezos van Amazon 98 miljard euro heeft. Als de regering zou moeten kiezen tussen het verlagen van de voorzieningen voor de kwetsbaarste burgers en het verhogen van de belastingen op de inkomens van de rijken en superrijken, dan koos 69 procent van de respondenten voor belastingverhoging voor de rijken.

Is dat niet een sturende vraag omdat deze keuze zich in het echt niet zo voordoet? Nee, vindt Robeyns want volgens economen kan het marginale belastingtarief op inkomens nog veel hoger dan het nu is. „Het is ook een politiek spel van de rijken of van bedrijven om te dreigen naar het buitenland te gaan”, zegt zij.

Het onderzoek van Robeyns en haar collega’s bevestigt de conclusies van Verschil in Nederland, het rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau uit 2014. Daaruit blijkt dat de bevolking enige mate van vermogensongelijkheid niet afwijst, tenzij dit leidt tot verschillen in toegang tot zorg, onderwijs of de politiek.

Correctie (12 september 2018): In een eerdere versie van dit stuk werd hoogleraar sociologie Vincent Buskens abusievelijk Buskes genoemd. Ook stond er dat het artikel in Economisch Statistische Berichten donderdag zou worden gepubliceerd. Het is woensdag al gepubliceerd. Beide zaken zijn hierboven rechtgezet.

    • Maarten Huygen